Nederland slechter in wiskunde, wel hoger op de ranglijst

Foto ANP / Roos Koole

Nederlandse scholieren zijn de afgelopen drie jaar slechter gaan presteren op het gebied van wiskunde. Omdat de resultaten in andere landen harder achteruit gaan, stijgt Nederland op de ranglijst. Dat blijkt uit een vanochtend gepubliceerd rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).

Nederland staat in het vandaag gepresenteerde Program for International Student Assessment (PISA) 2012 van de OESO op de tiende plaats. Dit onderzoek wordt sinds 2000 iedere drie jaar gedaan. De OESO meet in 65 landen de prestaties van 15-jarige scholieren op het gebied van wiskunde, leesvaardigheid en natuurwetenschappen.

Nederland staat gemiddeld over de drie onderdelen dertiende, drie plaatsen lager dan in 2009.

Staatssecretaris Dekker van Onderwijs zegt in een verklaring trots te zijn op de prestaties van Nederlandse leerlingen:

“Nederlandse leerlingen doen het in vergelijking met hun leeftijdsgenoten in andere landen goed op school, en op het gebied van wiskunde zelfs heel goed. In Europa doen alleen Zwitserland en Liechtenstein het beter. Daar mogen we best trots op zijn. Dit soort resultaten zijn echter geen rustig bezit. Zodra we zelfgenoegzaam worden, kachelt het onderwijs achteruit.”

Wel ziet Dekker in de PISA-cijfers een waarschuwing:

“Er ligt ook een waarschuwing in de PISA cijfers. Een toppositie is relatief. Onze absolute scores staan onder druk. En een toppositie kun je ook weer verliezen: verschillende landen om ons heen die het in het verleden beduidend beter deden, zijn weggezakt. Tegelijk zien we, met name in Azië, nieuwe landen opkomen die serieuze meters maken. In een wereldeconomie zijn dit steeds meer onze concurrenten. We moeten dus hard aan ons onderwijs blijven werken.”

Lees vanmiddag meer in NRC Handelsblad.