Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Marcel Stom

Ik werd wakker op de afdeling Dagbehandeling van het ziekenhuis. Tegenover me lag een man met een verband om het hoofd naar me te zwaaien. „Hallo! Hal-loo!!”

Ja, hallo, dacht ik.

Voor de ingreep aan de keel was me meermalen verteld dat ik na afloop minimaal twee dagen niet mocht praten, dat had ik goed onthouden.

Dus ik zwaaide terug.

„Zeg eens wat!”, riep de man tegenover me. „Hoe ging het? Mij viel het reuze mee. Zeg effe wat!” Daarna: “Ik ben geholpen aan de oren.”

Ik kon gebaren wat ik wilde, maar begrepen werd ik niet.

Later, toen duidelijk was dat hij (nog) kon horen, belde hij met zijn vrouw.

„Het is gelukt! Eerst dacht ik dat ik niets meer hoorde, maar die man tegenover me is niet goed. Alles doet het weer.”

Mensen die niet kunnen praten worden vaak niet voor vol aangezien. Ik had me hun lot nooit zo aangetrokken, maar afgelopen weekeinde leerde ik hun wereld kennen. Nadat ik ontslagen was uit het ziekenhuis trok ik met papier en pen de stad in. Als ik ergens kwam schreef ik op een briefje wat ik wilde en daaronder schreef ik dat niet kon praten.

In het café werd het wisselgeld extra duidelijk voor me uitgeteld, bij de drogist - waar ik moest zijn voor pijnstillers - werd me verteld dat ik ze niet allemaal tegelijkertijd moest innemen. „Want dat is gevaarlijk.”

Ik schreef: „Dat snap ik.”

Dieptepunt was de taxirit.

Ik had de chauffeur een briefje gegeven met het adres. Toen we op de Haarlemmerdijk, want daar ging ik naar toe, waren schreef hij een briefje terug.

„We zijn er!”

De misverstanden regen zich aaneen, ik geloof dat ik me nog nooit zo eenzaam heb gevoeld. Op internet las ik later hoe mensen die permanent met de handicap te maken hebben met de situatie omgaan. Een mevrouw die zichzelf ‘stom maar niet dom’ noemde, schreef dat het soms niet werd geaccepteerd dat ze niet kon spreken.

Er werd tegen haar geschreeuwd en het kwam ook voor dat ze werd genegeerd.

Om echt te ontspannen ging ze tijdens de vakantie naar landen waar geen Europese taal werd gesproken.

‘Je zult merken dat mensen die wel kunnen praten er meer moeite mee hebben om zich verstaanbaar te maken dan jij. Voor mijn zelfbeeld hielp dat enorm.’

Het was een tip waar ik verder niets aan had, maar het prikkelde de fantasie.

    • Marcel van Roosmalen