Het einde van Wikipedia

Wikipedia belichaamt de idealen van het eerste internet: gratis, zonder reclame, zonder winst Maar de encyclopedie loopt op z’n einde Minder vrijwilligers, meer fraude. En vooral: meer bureaucratie

verslaggever

Kijk eens naar de top tien best bezochte sites ter wereld. Google, Facebook, YouTube (van Google), Yahoo: onze favoriete websites zijn in bezit van de grootste bedrijven ter wereld.

Allemaal? Nee, als een Asterixdorpje omsingeld door de Romeinen houdt één website dapper stand. De op zes na meest bezochte site ter wereld opereert zonder winstoogmerk, heeft geen baas, wordt gerund door duizenden vrijwilligers en stelt al haar pagina’s gratis, zonder reclame en zonder copyrightbeperkingen beschikbaar.

Wikipedia is het meest succesvolle voorbeeld van de ideologie uit de begindagen van het internet: de gratis verspreiding van kennis, zonder tussenkomst van bedrijven of overheden. Het aantal bezoekers stijgt nog dagelijks, en de encyclopedie dijt steeds verder uit: alleen al dit jaar werden er 6,4 miljoen nieuwe artikelen toegevoegd. De autoriteit van de online encyclopedie is zo groot dat Google bij veel zoekopdrachten Wikipediaresultaten in een speciaal vak zet en Apple’s sprekende computer Siri eenvoudige vragen beantwoordt met teksten uit de encyclopedie.

Maar achter de schermen wordt Wikipedia geplaagd door problemen. Eén is al bekend: het aantal vrijwilligers daalt. Sinds het hoogtepunt in 2007 nam het aantal actieve vrijwilligers voor de Engelstalige Wikipedia met een derde af en halveerde bijna op de Nederlandstalige site. „Dat is een bedreiging voor de kwaliteit”, zegt André Engels, ‘Wikipediaan’ van het eerste uur. „We moeten met steeds minder vrijwilligers een steeds omvangrijkere encyclopedie up to date houden en beschermen tegen vandalen.”

Mannen en bureaucratie

Nog een groot probleem: het ongebalanceerde aanbod. Dat komt door de mannen. De Nederlandstalige Wikipedia heeft de meeste gedetailleerde pagina’s ter wereld over motorfietsmerken en schaken, maar nauwelijks over achttiende-eeuwse kunstenaars. De Engelstalige site heeft uitvoerige lemma’s over Pokémon en pornosterren, maar de pagina’s over vrouwelijke romanschrijvers en plaatsen in Afrika zijn summier. Techniek, ict en nerdcultuur zijn oververtegenwoordigd. Niet verwonderlijk, zo’n 90 procent van de redacteuren is man.

„We proberen meer vrouwen naar Wikipedia te lokken”, zegt Sandra Rientjes, directeur van Wikimedia Nederland, de non-profit organisaties achter de Nederlandstalige site. „Dat doen we bijvoorbeeld door workshops te geven over het schrijven van mode-lemma’s.”

En dan is er een derde probleem dat aan het licht kwam in een recent artikel in MIT Technology Review, het huisblad van het Massachusetts Institute of Technology: de „vernietigende bureaucratie”.

„Er is een woud aan regeltjes, arbitragecommissies en moderatoren”, legt André Engels uit: „De site heeft zo’n tweeduizend regelmatige bijdragers, stuk voor stuk zelfverklaarde experts. Dat botst nogal eens. Vandaar die regeltjes.”

Die bureaucratie schrikt nieuwkomers af. Stel dat een kernfysicus een fout verbetert in het lemma over isotonen. Als hij dat niet volgens de regels doet, of niet op de juiste manier zijn bronnen vermeldt, krijgt hij een automatisch bericht dat zijn tekst wordt verwijderd. Engels: „Wikipedia is slachtoffer van het eigen succes. Door de omvang wordt de encyclopedie steeds bureaucratischer, minder persoonlijk en daardoor ook minder aantrekkelijk voor nieuwkomers.”

Aan de sfeer onder Wikipedianen valt ook het een en ander te verbeteren, vindt Engels. „Meningsverschillen monden vaak uit in gescheld. Als het gaat over het lemma Israël bijvoorbeeld.” Uit frustratie over „het onderlinge gedoe” zegde Engels twee maanden gelden zijn moderatorschap op, dat hem bijvoorbeeld het recht geeft andere gebruikers te blokkeren. Aanleiding was een relletje over moderatoren die dreigden weggestemd te worden. „Ik had niet meer zo’n zin om het zoveelste brandje te blussen.” En ook nieuwkomers klagen dat zij de sfeer te bot vinden, erkent Sandra Rientjes.

Fraude met nepaccounts

Daar komt bij dat de Wikipediagemeenschap twee maanden geleden werd opgeschrikt door een fraudezaak met nepaccounts, de grootste tot nu toe. Een Amerikaans pr-bureau bleek honderden nepaccounts te hebben gemaakt waarmee het tegen betaling lemma’s voor klanten bewerkte. Na een langdurig onderzoek door tientallen vrijwilligers werden 12.000 pagina's verwijderd.

Lodewijk Gelauff is net als Engels sinds de begindagen aan Wikipedia verbonden. Op de Nederlandstalige site heeft zich nooit zo’n grote zaak voorgedaan, zegt hij. „Wat we wel bijna dagelijks zien is dat bedrijven proberen het eigen Wikipedia-artikel artikelen aan te passen.”

Wikipedia doet vanalles om meer vrijwilligers aan te trekken, vertelt Gelauff. De bewerksoftware - die in tien jaar niet is veranderd - wordt toegankelijker gemaakt, er is een bedankknop in ontwikkeling zodat gebruikers elkaar een schouderklopje kunnen geven en de Nederlandstalige Wikipedia wil een mentorprogramma starten voor onervaren gebruikers.

Maar Gelauff is ook kritisch. „Als het doen van bewerkingen eenvoudiger wordt, kun je erop wachten dat er meer fouten worden gemaakt en ook meer bedrijven hun lemma ongeoorloofd aanpassen.” Het afschrikken van onervaren gebruikers heeft dus ook voordelen. De eerste versie van de nieuwe bewerksoftware werd niet voor niets door de Wikipediagemeenschap tegengehouden: té toegankelijk.

Het is uiteindelijk de vraag of mensen in tijden van Facebook en Twitter nog wel zijn te porren voor een collaboratief project als Wikipedia. In MIT Technology Review doet internetexpert Clay Shirkey een rake observatie: terwijl commerciële partijen het web zijn gaan domineren, vindt het online leven steeds minder plaats in open, zelforganiserende, gemeenschappen zoals Wikipedia. Voor de meeste mensen heeft zo’n gemeenschap weinig te bieden: op Facebook en Twitter krijg je niet te maken met moderatoren en is de gebruiksinterface overzichtelijk.

Om in het Asterixdorpje te blijven: wie wil er nog wonen in dat plaatsje met zijn bureaucratische, botte bewoners waar tien jaar lang niets is veranderd, terwijl in de blinkende steden eromheen het leven zoveel aangenamer en eenvoudiger lijkt?

    • Reinier Kist