Geen gevoelige snaren, maar cellogeweld

De Finse band Apocalyptica maakt metal met drie cellisten en een drummer Ze zijn klassiek geschoold en zien geen verschil tussen Wagner en Metallica Het komt allemaal uit diezelfde vier snaren

Illustratie Thinkstock

Medewerker Muziek

Drie cellisten en een drummer vormen samen de groep Apocalyptica. Ze troffen elkaar in 1993 als conservatoriumstudenten aan de Sibelius Academy in de Finse hoofdstad Helsinki. Een gedeelde liefde voor klassieke muziek én heavy metal bracht hen samen in een hobbyclubje dat muziek van Metallica op celli ging vertolken.

Het project liep uit de hand.

Album Apocalyptica Plays Metallica – toen nog met vier cellisten – werd een wereldwijd succes. Zes albums later (hun zevende heette 7th Symphony) waren drummer Mikko Sirén en cellisten Eicca Toppinen, Paavo Lötjönen en Perttu Kivilaakso toe aan een nieuwe uitdaging.

Wagner Reloaded heet het album dat resulteerde uit de samenwerking met danser en choreograaf Gregor Seyffert. Ter ere van het tweehonderdste geboortejaar van de componist Richard Wagner stelde Seyffert een voorstelling samen waarbij Apocalyptica op Wagner geïnspireerde muziek maakte. Operathema’s uit Tannhäuser, De Vliegende Hollander en de veelomvattende Ring Des Nibelungen kwamen erin terug, vertelt Toppinen, maar op het album koos hij voor nieuw gecomponeerde muziek die was toegesneden op de dansvoorstelling. Toestemming van de erven Wagner was niet nodig. „De muziek is meer dan 75 jaar oud en valt in het publieke domein. Ik heb de nagedachtenis aan Richard Wagner zoveel mogelijk in ere gehouden, maar we hebben er een moderne draai aan gegeven.”

Op het conservatorium werd er met enige achterdocht naar hun hardrockliefde gekeken, zegt Toppinen. „Ik was een ijverig student, maar ook een onvoorwaardelijke metalhead die altijd in T-shirts van mijn favoriete bands rondliep. Een droom ging in vervulling toen we in 2011 door Metallica werden uitgenodigd om samen met ze te spelen ter ere van hun dertigjarig bestaan. Zanger James Hetfield vertelde dat onze ‘klassieke’ interpretaties voor hen de aanleiding waren geweest om zelf met een symfonieorkest te gaan werken. Het leek de omgekeerde wereld, want Hetfield noemde ons een van zijn favoriete bands!”

In de opnamestudio spelen ze op peperdure, antieke instrumenten. „Die gaan niet mee op tournee”, zegt Lötjönen. „Live kan het er bij ons behoorlijk fysiek aan toe gaan. Er sneuvelt nog weleens een cello of een strijkstok.” De Apocalyptica-methode van felle staccato’s en repetitieve, door effectapparatuur vervormde klanken vergt veel van hun speltechniek, zegt Toppinen. ,,In het begin konden we onze manier van spelen hooguit twintig minuten volhouden. Dan kregen we kramp in onze polsen en moest er een langzamer stuk worden ingelast om bij te komen. We hebben een nieuw soort strijkstok ontwikkeld, die onze heftige spelstijl aankan zonder dat de paardenharen je om de oren vliegen. Tegenwoordig draaien we onze hand niet om voor een show van anderhalf uur. De enige haren die in het rond vliegen zijn de onze.”

Wagner en metal liggen niet ver uit elkaar, vindt Toppinen. „Opera’s van Wagner zijn groots en bombastisch, net als de muziek van de meeste metalbands. Een band als Manowar heeft veel met Wagner gemeen: al die zware, duistere thema’s en teksten over draken, reuzen en zwaarden. Persoonlijk maak ik geen onderscheid tussen muziekstijlen. Het komt allemaal uit diezelfde vier snaren.”

    • Jan Vollaard