Spaanse ‘universele recht’ leidt tot botsing met China

Spaanse rechters bestrijden het onrecht overal ter wereld. Dat leidt tot groot ongemak bij de regering in Madrid.

Opnieuw staat de relatie van Spanje met een wereldmacht onder druk. En opnieuw is dit het gevolg van Spanjes ruime interpretatie van het principe van ‘universele rechtspraak’. Enkele jaren geleden had Madrid ruzie met Washington. Nu broeit een conflict met China, nadat Spaanse rechters internationale arrestatiebevelen uitvaardigden tegen vier Chinese oud-leiders omdat zij betrokken zouden zijn bij ‘genocide’ in Tibet.

De Audiencia Nacional in Madrid zette hiermee vorige maand een nieuwe stap in een al zeven jaar slepende zaak, aangespannen door Tibetaanse ballingen. In theorie kunnen de vier hoogbejaarde ex-regeringsfunctionarissen, onder wie oud-president Jiang Zemin, nu opgepakt worden als ze naar Spanje reizen – en elk ander land dat de Spaanse bevelen erkent. In de praktijk lijkt de kans hierop nihil, omdat weinig landen ruzie riskeren met het Aziatische land.

Beijing wil „opheldering” en riep de Spaanse ambassadeur op het matje. Het ministerie van Buitenlandse Zaken sprak zijn „sterke afkeuring en resolute verzet” uit. Een woordvoerder van de regerende communistische partij noemde de affaire „absurd”.

Repercussies

De ontstemde reacties voeden in Spanje de vrees voor economische en politieke repercussies. „We moeten niet verbaasd zijn dat China represailles neemt tegen Spanje – zoals het ook heeft gedaan tegen Noorwegen wegens de toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan de dissident Li Xiaobo”, schreef de Spaanse sinoloog Georgina Higueras in El País.

Spanje heeft veel te verliezen. Het land klimt langzaam uit een jarenlange recessie en probeert zijn export aan te jagen. Het hoopt Chinese investeerders te interesseren voor het vele leegstaande vastgoed aan de costa’s, en zou graag zien dat Beijing meer miljarden in Spaanse staatsobligaties steekt.

De Spaanse regering kan formeel weinig uitrichten. „Spanje is een rechtsstaat met gescheiden machten en de regering zal zich daarom niet in een lopende rechtszaak mengen”, stelde de minister van Buitenlandse Zaken in het parlement. Als zij de rechters al op andere gedachten kan brengen, moet ze dit via informele kanalen proberen.

De regeringsgezinde krant ABC haalde wel fel uit naar de Audiencia. De rechters zouden „jagen op een nieuw topstuk voor hun trofeekast. [...] Dit veroorzaakt opnieuw een conflict dat Spanje op geen enkele wijze voordeel oplevert. Noch Tibet.”

Spanje vestigt al langer de aandacht op zich met zijn ‘universele rechtspraak’. De eerste keer met de vervolging van de Chileense oud-leider Pinochet. Hij werd eind jaren negentig op verzoek van onderzoeksrechter Baltasar Garzón opgepakt tijdens een vakantiebezoek aan Londen.

Pinochet werd uiteindelijk niet in Spanje berecht, maar de episode schepte wel een precedent. Garzón richtte zich vervolgens op mensenrechtenschenders in Latijns-Amerika en Afrika: van de Guatemalteekse oud-leider Ríos Montt en de Argentijnse marineofficier Scilingo tot de Rwandese president Kagame.

„In het begin ging het om kleine landen en was Spanje heel tevreden met zichzelf. We traden toch maar mooi op tegen genocide in de wereld”, zegt Alejandro Barón, onderzoeker bij buitenlanddenktank Fride in Madrid. Dit veranderde toen ook zaken werden geopend tegen grotere landen of bondgenoten. Barón: „Toen bleek de hypocrisie van de macht.”

Ongemak

Onder Spaanse machthebbers groeide het ongemak, vooral toen Garzón de VS op de korrel nam. Zo werden zes hoge functionarissen uit de regering-Bush aangeklaagd wegens martelpraktijken op Guantánamo. Amerikanen werden in verband gebracht met clandestiene CIA-vluchten en de dood van een Spaanse cameraman in Bagdad. Israëliërs kregen dagvaardingen om een bombardement in Gaza, in 2002. En de Chinezen wegens Tibet.

Amerikaanse diplomaten drongen bij ministers van de toenmalige, centrum-linkse regering-Zapatero aan op actie. In 2009 resulteerde dat in een wetswijziging, gesteund door zowel de linkse PSOE als de rechtse PP. De universele rechtspraak zou alleen nog van toepassing zijn op zaken met een bewezen link naar Spanje. Maar deze aanscherping kon niet met terugwerkende kracht worden toegepast, oordeelde de Audiencia in de Tibetzaak. Bovendien is hier een link met Spanje: de hoofdklager is een Tibetaanse monnik met de Spaanse nationaliteit.

De huidige, centrum-rechtse regering-Rajoy zinspeelt op een nieuwe wetswijziging. „Maar ook die zal geen lopende zaken kunnen beïnvloeden”, zegt de Spaans-Chileense mensenrechtenadvocaat Gonzalo Boye, indiener van onder meer de Guantánamo-klacht. Ook deze zaak is formeel nog niet van de baan, al ligt hij zo goed als stil. Boye: „De enige manier om van deze zaken met terugwerkende kracht af te komen is de jurisdictie [artikel 24.3 van de wet op de rechterlijke macht, red.] compleet schrappen. De regering heeft hier de benodigde absolute meerderheid voor.”

    • Merijn de Waal