Praten met links en rechts

Ingewikkeld! De linkerhelft van je brein stuurt je rechterhand aan. Taal zit meestal links Wat doet dat met de gebarentaal van linkshandige doven? Wat blijkt: doven wisselen sowieso vaak van hand

medewerker wetenschap

Linkshandigen mogen zelden meedoen aan hersenonderzoek naar taal. Dat vervuilt de uitkomsten alleen maar. Want taal zit vooral in de linker hersenhelft, en die doet de aansturing van de rechterhand. Linkshandigen zijn juist vaak rechtstalig, zegt men.

Klopt dat? Is er inderdaad een verband tussen taal en handvoorkeur? En welk? Taalkundige Onno Crasborn van de Radboud Universiteit in Nijmegen gebruikt een originele invalshoek voor de kwestie. Handen en taal komen vanzelf samen in zijn onderzoeksterrein: de gebarentalen van doven. Dat is ‘praten met je handen’.

Hij had ook persoonlijke redenen voor zijn interesse „Mij is altijd verteld dat het niets uitmaakt of je nou met je linker- of je rechterhand gebaart”, vertelt Crasborn (1972). „Ik ben linkshandig en ik heb van veel dove docenten gebarentaalles gehad – ik ben ook gediplomeerd tolk. En iedereen zei altijd dat ik me niets hoefde aan te trekken van welke hand wat deed.

„Als je bijvoorbeeld met je vlakke hand een tikje onderaan je gezicht geeft dan zeg je in de Nederlandse Gebarentaal ‘vakantie’. Die betekenis verandert niet, of je het nu met je linker- of je rechterhand doet. Bij ‘koffie’ zie je nog terug dat we die vroeger zelf maalden: de ene vuist draait een rondje bovenop de andere vuist. Welke je de draaibeweging laat maken, maakt niet uit.”

In gesprekken van hand wisselen

Dus doen linkshandigen alles links en rechtshandigen alles rechts? Er waren geen harde gegevens bekend. Nu stond Crasborn ook aan de wieg van het corpus Nederlandse Gebarentaal, een grote databank met gebarentaalgesprekken die vijf jaar geleden afkwam. Die bood een zee aan informatie. Crasborn en promovenda Anna Sáfár (1983) vlooiden hem door. Vorige week presenteerden ze hun bevindingen bij het Netherlands Institute for Advanced Study in Wassenaar.

Crasborn en Sáfár kwamen tot de onverwachte conclusie dat het soms wel iets uitmaakt of je iets met links of rechts gebaart in de Nederlandse Gebarentaal. En daarmee waarschijnlijk ook in die van andere landen, want keer op keer blijken de basisingrediënten van gebarentalen overal dezelfde te zijn. Crasborn: „Er wordt veel vaker van hand gewisseld dan we ooit hadden gedacht. Echt voortdurend, gemiddeld een keer per minuut. En de twee handen worden onder meer gebruikt om dingen letterlijk tegenover elkaar te zetten: ‘Wil je koffie of thee’, ‘papa en mamma’. Maar ook met twee hele zinnen gebeurt het: ‘Dan gaat mijn moeder naar school’ met de ene hand, ‘maar ik blijf lekker thuis’ met de andere.

„Of de ene hand houdt een gebaar als het ware nog vast, om aan te geven dat de gebaarder nog niet klaar is. Het vervolg gaat dan met de andere hand. Misschien is het te vergelijken met hoe je in gesproken taal met je intonatie kunt laten doorklinken dat je nog niet uitgesproken bent.”

Linkshandigen gebaren links

Nog meer dat uit het corpus kwam? Anna Sáfár: „Het blijkt dat van de eenhandige gebaren zo’n 90 procent met de rechterhand gebaard wordt door rechtshandigen. Linkshandigen gebaren 90 procent met links.”

Dat het met links- en rechtstaligheid en links- en rechtshandigheid in het brein toch niet simpelweg een kwestie van omkeren is, was al langer duidelijk, vertelt Sáfár. Ook voor de meeste horende linkshandigen, zo’n 70 procent, geldt dat ze beter geen hersenbeschadiging in het gebied boven hun linkeroor kunnen krijgen, want dat leidt ook bij hen meestal tot taalproblemen. Bij rechtshandigen lijkt 95 procent linkstalig.

Bij gebarentaalsprekers ligt dat niet anders dan bij andere taalgebruikers. Taal zien of taal horen maakt niets uit voor de verwerking in het brein. De schaarse gegevens die er zijn laten zien dat taal ook bij gebarentaalsprekers meestal in de linkerhersenhelft zit. Ook zij kunnen na een beroerte grote taalproblemen krijgen.

„Maar”, zegt Sáfár, „waarom zit taal eigenlijk links? Hoe heeft zich dat ontwikkeld? En is het echt nauw verbonden met handvoorkeur? Wat voor effecten op de waarneming hebben links- en rechtshandig gebaren? Daar moeten we binnenkort meer van gaan begrijpen.”