Mag een advocaat liegen?

Recht

Folkert Jensma Advocaten gaan af op wat hun cliënt zegt, ook als dit niet de waarheid is. Al is bewuste misleiding door advocaten in principe ontoelaatbaar.

Mag een advocaat liegen? Vorige maand leek de oud-deken van de Amsterdamse Orde van Advocaten, Germ Kemper, dat te beweren in een Zembla-uitzending over ‘vechtscheidingen’. Daarin kwamen advocaten er niet best af – eigenlijk kwam het hele theater van het familierecht er niet best af. Rechter Lous van Son zei op basis van onderzoek naar 22 scheidingszaken dat naarmate procedures langer duren, een oplossing verder weg leek. Het herhalen van standpunten, typisch voor het recht, leidde tot verharding. Partijen groeven zich almaar dieper in, extreme standpunten waren niet ongebruikelijk. Het bleek ook uit deze glasheldere Vara-uitzending. Samengevat: ‘hij’ is een psychopaat, ‘zij’ een narcist – of andersom.

Het juridische gevecht is volgens de strijdende ouders steevast ‘in het belang van mijn kind’. De kinderen zijn echter de dupe van hun verbitterde ouders. Zembla liet onder meer zien hoe de ene ex de advocaat van de ander voor de tuchtrechter bracht wegens ‘processtalking’. Het voeren van allerlei exotische procedures, louter om uit te putten en te intimideren.

Morele winnaars waren de psychologen die de juristen verweten dat ze niet wisten „met welke trauma’s, met welke psychopathologie ze bezig zijn”. Zij richten „soms veel kwaad aan”.

Wat vervolgens treffend in beeld werd gebracht door Kemper, die resoluut uitlegde dat klagen over de advocaat van de tegenpartij „tot niks leidt”. Immers: de relatie tussen cliënt en advocaat is „nogal heilig”. Achtervolgt een advocaat je met allerlei dure procedures dan is dat gewoon pech. Kemper, letterlijk: „Zo is het leven. Daar is niets aan te doen. Laat ik dat maar eventjes heel hard zeggen.”

Aan moddergooien door advocaten had hij evenmin boodschap. Zijn argument: de advocaat moet partijdig zijn. Dan mag er heel veel. „Onzin” of „verzonnen” informatie op zitting vertellen kan de rechter namelijk „helpen” om te snappen wat partijen verdeeld houdt. Aldus Kemper, in een prachtige tv-rol als kwade genius, waar kinderen de dupe van worden en ex-partners bang, berooid en moordlustig. Deze week nam hij per ingezonden brief (NRC, 26 november) gas terug. Als deken had hij toch een aantal malen confrères aangepakt wegens „het verstrekken van feitelijke gegevens waarvan hij weet, althans behoort te weten, dat die onjuist zijn.”

Moeten advocaten zich inhouden? Hebben zij ook een algemeen belang te dienen? De advocaten zelf hebben daar onlangs nog ferm nee op gezegd. In de nieuwe Advocatenwet was aanvankelijk als (zesde) ‘kernwaarde’ de ‘publieke verantwoordelijkheid voor een goede rechtsbedeling’ opgenomen. De advocaten zagen er niks in. Vooral omdat het kabinet toelichtte dat er een „voortdurend rekenschap geven van de gerechtvaardigde belangen van de tegenpartij, van derden en een goede rechtsbedeling” mee werd bedoeld. Zij vinden dat hun plicht tot ‘integriteit’ genoeg waarborg is.

Er bestaat intussen wel degelijk misbruik van procesrecht, net als een (beperkte) waarheidsplicht voor advocaten. Ik mailde erover met advocaat Richard Verkijk, in 2010 gepromoveerd op ‘de advocaat in het burgerlijk proces’. Incidenteel wordt misbruik van procesrecht door de rechter aangenomen. Bijvoorbeeld bij advocaten die kansloze vorderingen instellen uitsluitend om een ander financieel te schaden. Bewuste misleiding door de advocaat is in beginsel ontoelaatbaar. Evenals het achterhouden van essentiële informatie. De tuchtrechter bestraft het, als er tenminste wordt geklaagd. Advocaten mogen in beginsel afgaan op wat hun cliënt zegt. Als de ‘onwaarachtigheid’ echter meteen duidelijk is, of eenvoudig is vast te stellen, mag de advocaat weigeren. Soms is er een onderzoeksplicht, bijvoorbeeld als het om cruciale informatie gaat die eenvoudig na te zoeken is.

„Inherent aan de rol van de advocaat is dat de waarheid waar hij naar op zoek moet, de waarheid is van zijn cliënt en juist ook de waarheid die zijn cliënt liever voor zich houdt”, zegt Verkijk. Dat advocaten cliënten niet verraden is geen gebrek aan ethiek. Het is eerder een keuze tussen „verschillende en strijdige ethische uitgangspunten”. Advocaat, een nobel en immoreel beroep. Was het leven maar minder ‘zo’.