De luchtvaart moet sterker worden, en hij wil dat regelen

Europese luchtvaartlobby AEA krijgt Nederlandse directeur.

Hij moet de gefragmenteerde sector sterker zien te maken.

De Nederlander Athar Husain Khan (1963) is deze week benoemd tot de eerste algemeen directeur van de Association of European Airlines (AEA), de brancheorganisatie van Europese luchtvaartmaatschappijen. Kahn werkt sinds 2007 bij de in Brussel gevestigde belangenclub.

Khan was al sinds 1 juni vorig jaar waarnemend secretaris-generaal van de AEA. Hij krijgt de dagelijkse leiding. Onlangs trad Temel Kotil, bestuursvoorzitter van Turkish Airlines, aan als voorzitter van de AEA.

De AEA bestaat al sinds 1952. Toen besloten de topmannen van Air France, KLM, Swissair en Sabena (nu Brussels Airlines) de behartiging van hun bovennationale belangen te bundelen. Nu zijn meer dan dertig maatschappijen aangesloten bij de AEA.

Alles bij elkaar vervoeren de AEA-leden jaarlijks 394 miljoen passagiers. en ongeveer 5,7 miljoen ton vracht. Ze onderhouden verbindingen met 632 bestemmingen in 170 landen. Volgens de AEA zijn de aangesloten bedrijven goed voor 384.000 banen en zetten ze vorig jaar 92 miljard euro om.

De nieuwe topman van de AEA is in Den Haag geboren als zoon van een Pakistaanse vader en Nederlandse moeder. Door het werk van zijn vader heeft hij een groot deel van zijn jeugd doorgebracht in het Midden-Oosten, waar hij Engels en Arabisch leerde. Later studeerde hij internationaal recht aan de Universiteit Leiden. Hij specialiseerde zich in luchtvaartrecht.

Kahn begon zijn carrière bij het ministerie van Verkeer. In 1998 trad hij in dienst van de KLM. Daar was hij als directeur verantwoordelijk voor de relatie met de overheid. Zes jaar geleden stapte hij over naar de AEA, waar hij verantwoordelijk werd voor beleidsvorming en milieu.

De Europese luchtvaartassociatie was in haar begindagen gericht op luchtvaartonderzoek. Maar sinds 2002 richt zij zich op beïnvloeding van het beleid van de Europese Unie. De AEA geldt als een van de machtigste lobbygroepen in Brussel. Afgelopen jaren maakte de AEA zich onder andere sterk voor beperking van het recht op compensatie voor luchtreizigers die met Europese maatschappijen grote vertragingen oplopen.

Een van AEA’s zorgen is het grote aantal aanbieders op de Europese markt. Dat bemoeilijkt volgens de lobbyclub de concurrentie met maatschappijen uit opkomende economieën die de luchtvaart zouden omarmen „als katalysator van welvaart”.

In het persbericht van AEA naar aanleiding van zijn benoeming, schrijft Kahn: „Door de nakende Europese verkiezingen in juni zullen er veel nieuwe gezichten verschijnen in het Europees Parlement en de Europese Commissie. We hebben dus nu de kans met beleidsmakers een relatie op te bouwen, gebaseerd op het wederzijds besef dat luchtvaart een toegevoegde waarde is voor Europa haar burgers en economie.”