‘De e-sigaret is levensgevaarlijk’

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

Illustratie Jet Peters

De aanleiding

Ze zijn er in de smaken perzik, bubblegum of kaneel. Ze stralen gezellig oranje, rood of blauw licht uit. Én ze zouden rokers van echte sigaretten kunnen afhelpen. De gebruiker van de elektronische sigaret, of e-sigaret, denkt dus dat hij lekker bezig is – de rook die eruit komt doet hem en zijn omgeving toch niets. En dat rookt wel zo prettig.

Maar die enthousiaste e-rokers zijn helemaal niet zo gezond bezig als ze denken, bleek deze week. In tegendeel. „E-sigaret levensgevaarlijk”, luidt de kop boven een artikel op de website van het Algemeen Dagblad. Het product dat eruitziet als een sigaret van kunststof is „geen onschuldig alternatief voor een gewone peuk”, maar „een verslavend product dat zeer giftige stoffen bevat”. Op de voorpagina van de papieren krant is het ding niet levensgevaarlijk, maar wel „zeer gevaarlijk”.

Voor de e-sigaret geldt dus hetzelfde als voor het gewone e-loze origineel: afblijven.

En, klopt het?

Even vooraf: hoe veel e-rokers zijn er eigenlijk? Is het dodelijke stokje op batterijen een gevaar voor een heel leger dampers? Dat valt wel mee, blijkt uit onderzoek van de Europese Commissie van vorig jaar. In Nederland heeft 6 procent van de ondervraagden wel eens een elektronische sigaret gerookt. Het gemiddelde in Europa ligt op 7 procent. De e-grootverbruikers wonen in Bulgarije (14 procent), Denemarken (13 procent) en Tsjechië (12 procent).

Het Algemeen Dagblad baseert het nieuwe gevaarlijke karakter van de e-sigaret op onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Dat instituut deed onderzoek naar de veiligheid van de e-sigaret op verzoek van staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid, PvdA). De uitkomsten van dat onderzoek werden afgelopen donderdag gepubliceerd. „Schokkend”, noemt het AD de resultaten.

Dat woord gebruikt staatssecretaris Van Rijn niet. Wel vindt hij het onderzoeksrapport reden tot actie, liet hij donderdag weten in een brief aan de Tweede Kamer. Hij gaat eisen stellen aan de „reclames, veiligheid, kwaliteit en etikettering van e-sigaretten”. En daarmee maakt de staatssecretaris haast ook. Hij wil niet wachten op Europese regels voor e-sigaretten die in de Europese Tabaksproductenrichtlijn worden opgenomen, schrijft hij. Hij onderzoekt nog of hij, net als voor gewone sigaretten, een leeftijdsgrens kan instellen.

Het RIVM-rapport beïnvloedt dus niet alleen het imago van de e-sigaret, maar heeft ook gevolgen voor de makers en verkopers ervan. Wat staat er dan wel niet in dat onderzoek?

De onderzoekers keken naar verslavende eigenschappen en gezondheidseffecten van de e-sigaret. Op de vraag of het een verslavend product is, hebben de ze een helder antwoord: ja. „Nicotine is een belangrijk bestanddeel van e-sigaretten”, schrijven ze. En helaas voor de gebruikers: „Net als nicotine in traditionele sigaretten is nicotine in e-sigaretten verslavend.” Deze conclusie is gebaseerd op recent onderzoek van het Deutsches Krebsforschungszentrum, een Duits instituut dat onderzoek doet naar kanker.

Dat instituut deed ook onderzoek naar bijwerkingen. Die zijn onder meer „mond- en keelirritatie, droge hoest, duizeligheid en misselijkheid”. Een geruststellende aanvulling: dat is geen permanent leed. „Al deze bijwerkingen zijn van voorbijgaande aard.”

Gezondheidsclaims van verkopers van e-sigaretten zijn niet allemaal waar, waarschuwen de onderzoekers. De e-sigaret kan dus wél hoesten of slijmvorming veroorzaken, is níet veilig te gebruiken tijdens de zwangerschap, bevat soms wél tabak en of het gebruik ervan kanker kan veroorzaken is nog onbekend.

Tot slot spreekt het RIVM zich uit over de vraag of de e -sigaret veilig is. Het antwoord is niet erg eenduidig. „Om deze vraag te beantwoorden, is meer onderzoek nodig”, concluderen de onderzoekers . Anders geformuleerd: er is „onvoldoende onderzoek beschikbaar om te stellen dat e-sigaretten veilig zijn”.

Maar is iets dat misschien niet veilig is automatisch levensgevaarlijk? Het rapport suggereert dat in ieder geval niet. De term ‘gevaarlijk’ komt één keer voor, over de stof nicotine. Dat is volgens de onderzoekers „een verslavende en gevaarlijke stof.” Maar levensgevaarlijk? „Nee”, zegt een woordvoerder van het RIVM. „Dat is geen kwalificatie die wij eraan geven.”

Conclusie

De e-sigaret is „levensgevaarlijk” kopte het Algemeen Dagblad op zijn website afgelopen donderdag. Wie denkt dat de sigaret op batterijen een veilig alternatief is voor het echte werk, heeft het mis, is de strekking van het artikel. De bron is een onderzoek van het RIVM naar de veiligheid van de e-sigaret.

Het RIVM spreekt niet van „levensgevaarlijk”. De onderzoekers concluderen alleen dat er nog onvoldoende onderzoek gedaan is om vast te kunnen stellen dat de e-sigaret veilig is. En dat is toch echt iets anders dan dodelijk. Onwaar dus? Dat niet. Er is namelijk ook nog niet vastgesteld dat de e-sigaret níet levensbedreigend is. Daarom kiezen we voor de veilige optie en beoordelen we deze stelling als ongefundeerd.