Nederland moet zich de lagere kredietstatus aantrekken

Het Koninkrijk der Nederlanden moet het vanaf vandaag zien te rooien met een lagere status als debiteur. De Amerikaanse kredietbeoordelaar Standard & Poor’s heeft zijn oordeel over de kwaliteit van de Nederlandse staatsleningen naar beneden bijgesteld. Nederland had de allerhoogste status van een zogeheten AAA rating, maar moet het nu doen met een AA+ oordeel. De verlaging oogt als een kleine, bijna symbolische stap, maar zoals het gaat met zulke stapsgewijze veranderingen: het is symboliek met venijn.

Nederland staat niet alleen. Grotere landen als de Verenigde Staten en Frankrijk verloren in de nasleep van de bankencrisis (2008) en de economische recessie ook de hoogste kredietstatus. Zo onderstrepen de kredietbeoordelaars dat de verschillen tussen landen groeien en dat in zijn algemeenheid de schulden van nationale staten niet meer het allerveiligste bezit zijn. In de Unie hebben nu alleen Finland, Luxemburg en Duitsland nog de AAA rating.

De afwaardering was hoe dan ook lastig te vermijden. Met de extra bezuinigingen van deze herfst daalde het tekort, maar werd de groei afgeremd, wat een reden voor verlaging is. Door niet extra te bezuinigen waren tekort en schuld verder opgelopen, en dat is ook een reden voor een verlaging. Het probleem is kennelijk structureel: een balansrecessie waaruit het moeilijk ontsnappen is.

Beleggers en speculanten namen vanmorgen kennis van de verlaging. Ze hadden die al ingecalculeerd, zodat geen grote schokken optraden. De markt bevestigt zijn eigenwijsheid: nu steeds meer landen de beste beoordeling kwijtraken, is de markt ook tevreden met de op een na beste. De AA+ is de nieuwe AAA.

Deze relatieve rust op korte termijn moet een aansporing zijn voor Nederland om zijn beleid op langere termijn op koers te krijgen. Schuld is het trefwoord. Schuld van burgers die kampen met gedaalde huizenprijzen. Banken die kampen met die schulden die bij een kwart van hun klanten groter zijn dan de waarde van het huis. Oplopende schulden van de overheid die haar financieringstekort maar niet kan terugdringen. De Nederlandse economie verkeert al vijf jaar in een fase van stagnatie of krimp. De teleurstellende groeivooruitzichten zijn een belangrijke overweging voor Standard & Poor’s om de rating te verlagen.

Vreemde ogen dwingen. Nederland ziet zichzelf nog steeds als politiek-economisch even sterk als Duitsland. Maar onze oosterburen profiteren van hun industriële ruggengraat, van eerdere hervormingen op de arbeidsmarkt, van de gematigde loonontwikkeling én het vooralsnog ontbreken van een huizenmarktluchtbel. Nederland moet hard werken om de afstand tot Duitsland te verkleinen.