In Zuid was je als scholier je mobieltje niet zeker

De politie pakte deze week zes jonge verdachten op die worden verdacht van het bedreigen en beroven van middelbare scholieren.

Deze week werden zes jongens opgepakt die scholieren zouden hebben afgeperst. Deze verdachte (foto) zou de bendeleider zijn. foto amaury miller

Het leven van een puber is vaak al ingewikkeld genoeg. Wat trek ik aan? Hoe kom ik over? Met wie ga ik om? En dan kun je ook nog worden afgeperst door een jeugdbende.

Deze week arresteerde de Amsterdamse politie zes verdachten tussen de 15 en 19 jaar die acht maanden lang middelbare scholieren in Amsterdam-Zuid zouden hebben bedreigd en beroofd. Tien scholieren deden aangifte.

De daders kozen hun slachtoffers zorgvuldig. In een groepje hingen ze rond in de buurt van scholen of plekken waar veel scholieren komen, zoals het Museumplein of het Vondelpark. Als ze potentiële slachtoffers gevonden hadden, vaak tweede- en derdeklassers, maakten ze contact. Slachtoffers kennen de daders daarom meestal, al was het maar van gezicht.

Het afhandig van maken van hun spullen – smartphones, geld, tassen en kleding – ging vaak gepaard met dreigementen. De lokale tv-zender AT5 interviewde een scholier die samen met een vriend door twee jongens werd afgeperst. „De één trok een mes, de ander een soort moersleutel”, zegt de jongen. Daarna moesten ze hun tas en portemonnee afgeven.

Deze jongen vertelt er openlijk over, maar vaak durven slachtoffers niets te zeggen tegen hun ouders of de politie. „Dat maakt het complex”, zegt een politiewoordvoerder. Over het profiel van de verdachten wil de politie niets zeggen, omdat het merendeel minderjarig is. Ook niet of, zoals de geruchten luiden, de daders in sommige gevallen bij hun slachtoffers op school zaten.

Het Montessori Lyceum Amsterdam wil niet met het probleem „geassocieerd” worden. De schoolleiding staat geen pers te woord. Maar leerlingen van de school vlak naast het Museumplein wel. „Gisteren waren hier vet veel journalisten. Ik was op tv”, zegt een eersteklasser. Zelf zijn ze nooit afgeperst. De meesten kennen ook geen daders of slachtoffers. Eén meisje uit de tweedeklas kent wel iemand die is afgeperst. „Ik weet niet precies wat er is gebeurd, maar ik vind het wel zielig.”

Een aantal tweedeklassers van Het Amsterdams Lyceum heeft aangifte gedaan van poging tot afpersing door jongeren, vertelt hun rector Roel Schoonveld. Een leerling werd in het Vondelpark gevraagd zijn smartphone te geven. En een groepje scholieren werd een keer in de buurt van de school met een soortgelijk verhaal lastiggevallen. In beide gevallen weigerden de scholieren hun telefoon te geven. De verdachten zijn geen medescholieren.

Toen ze het verhaal op school vertelden, werd hun geadviseerd aangifte te doen. Schoonveld: „Meer kun je niet doen. Wij kunnen scholieren niet zeggen wat ze moeten doen als zoiets gebeurt. Dat hangt van de situatie af. Soms heb je de mogelijkheid hard door te fietsen. Maar over het algemeen geldt natuurlijk: veiligheid boven materie.”

Of er meer leerlingen van zijn school zijn afgeperst, weet Schoonveld niet. „Voor en na schooltijd hebben wij geen zicht op de kinderen. En niet alle kinderen zullen het op school vertellen als ze iets meemaken.” Maar dat het geen nieuw fenomeen is weet de rector, die al 42 jaar les geeft op de school, wel.

Dat zegt ook criminoloog Jan Dirk de Jong. Volgens hem is afpersing door jongeren van alle tijden en komt het ook buiten Amsterdam voor. „Toen ik op een gymnasium in Nijmegen zat, kwamen er ook jongens uit volksbuurten bij ons in de buurt hangen. Eerst vriendschappelijk, maar uiteindelijk wilden ze spullen hebben.”

Zijn de afpersingspraktijken tegenwoordig erger of komt het vaker voor? De Jong: „Dat is moeilijk te zeggen. Klassenverschillen bestonden vroeger ook. Nu speelt wel meer het groepsdenken: ‘wij’ en ‘zij’. Allochtoon versus autochtoon. En het materialisme onder de jeugd is enorm toegenomen. Jongeren dragen jassen en schoenen van honderden euro’s. Dat is heel belangrijk voor ze, het geeft ze status.”