‘De EU-bureaucratie is uiterst slank’

In een onderscheiden essay doet de Oostenrijkse schrijver een frontale aanval op de natiestaat en verdedigt hij de EU-ambtenarij. ,,Duitsland is een baby-Europa.’’

De Oostenrijkse schrijver Robert Menasse (1954) ging in 2010 naar Brussel om inspiratie op te doen voor een roman over een Europees ambtenaar. Hij wist al wat voor type dat moest worden: incompetent, ontoegankelijk en niet al te sympathiek. Hij had alleen nog wat Brussels decor nodig.

Eenmaal aangekomen, had Menasse afspraken met diverse Europese ambtenaren. Maar die roman kwam er niet. „Er was maar één ambtenaar,” vertelt Menasse op kantoor in zijn woonplaats Wenen, „die voldeed aan het beeld dat ik van deze mensen had. Die dame en ik begrepen elkaar helemaal niet. Alle anderen waren aardig, open en intelligent. Dat verbaasde me.

„Toen besefte ik ineens hoe Europeanen elkaar opjutten met negatieve verhalen over Brussel die bijna niemand aan de werkelijkheid toetst. Waarom geloven we dat? Omdat we niets van Europa weten. Ik ook niet. Dus ik besloot om langer in Brussel te blijven, en geen roman te schrijven maar een essay over Europa.”

Voor dat essay, dat vorig jaar verscheen en deze zomer onder de titel De Europese Koerier in vertaling werd uitgebracht, kreeg Menasse de Heinrich Mann prijs en de Friedrich Ebert prijs. Hij is constant op tournee, vooral in Duitsland, waar organisatoren van Europa-debatten hem op het podium zetten om eurosceptici te tackelen. „Na afloop van zo’n debat,” grinnikt Menasse, „komen alle jongeren in de zaal op mij af en lopen de ouderen naar een eurofobe zuurpruim.”

Je kunt dit boek met weinig andere Europa-publicaties vergelijken. Het is allereerst een ongebruikelijke, ietwat naïeve verdediging van de Europese ambtenaar en de Brusselse ambtenarij. Zo beschrijft Menasse de zware toelatingsexamens voor ambtenaren waar maar twee procent doorheen komt. Ook vindt hij de Brusselse bureaucratie „uiterst slank. De EU heeft voor het bestuur van het continent minder ambtenaren ter beschikking dan alleen al de stad Wenen.”

Burgers klagen altíjd over ambtenaren, constateert hij. „Alleen vroeger deden ze dat over nationale ambtenaren. Nu zijn Europese ambtenaren de monsters. De haat is getransformeerd van de nationale hoofdstad naar Brussel. Het is bijna komisch, maar nu wordt de nationale ambtenaar in veel landen ineens opgehemeld.’’

Voor Menasse is ambtenarij een teken van beschaving: van een maatschappij die afspraken maakt en mensen inzet om te zorgen dat die worden nageleefd. „Het Habsburgse Rijk dreef op ambtenaren. Zij waren de lijm die alles bij elkaar hield. Nóg hebben landen uit dat voormalige rijk daar profijt van: ze hebben kadasters, infrastructuur, belastingstelsels. Precies die zaken waar Griekenland, dat hier géén deel van uitmaakte, nu de grootste problemen mee heeft.”

Bovenal is De Europese Koerier een frontale aanval op de natiestaat. De meeste problemen in Europa, zegt Menasse, zijn transnationaal: economie, milieu, databescherming, immigratie. Ze moeten transnationaal worden opgelost. Eén land alleen kan dat niet. De problemen worden alleen maar erger als elk EU-land op eigen houtje oplossingen zoekt. „Maar dit is wel wat er vaak gebeurt. Dat komt doordat de politiek nationaal is gebleven. Politici beloven nationale kiezers dat ze nationale belangen zullen verdedigen. Maar in hoeverre zijn belangen nog nationaal?’’

Neem de eurocrisis. Bondskanselier Merkel is in eigen land populair, omdat ze de hand in Europa stevig op de knip houdt en landen als Griekenland en Portugal net niet laat verdrinken. Zo houden de Duitsers de euro, waar zij economisch veel profijt van hebben, maar betalen ze zo weinig mogelijk aan andere landen.

„Maar door die minimalistische aanpak duurt de crisis in de meeste eurolanden voort. Als Merkel in het begin genereuzer was geweest, bijvoorbeeld door de Griekse staatsschuld grotendeels weg te strepen en eurolanden leningen te verstrekken onder veel gunstiger voorwaarden, was de crisis allang voorbij geweest. Dan werd er meer geïnvesteerd in Europa, was er meer groei en minder werkloosheid.’’

Merkel, zegt Menasse, heeft haar carrière aan de natiestaat te danken. Dat is alles wat ze kent. „Duitse leiders vóór haar hadden affiniteit met Europa. Zij hadden de oorlog meegemaakt. Zij dankten hun welvaart en carrière niet aan een natiestaat, want die lag na de oorlog in puin, maar aan Europa. Dat gaf hen de kans om de boel weer op te bouwen.’’

In veel Europese landen klagen burgers dat Europa hen van hun ‘eigenheid’ berooft en hun nationale identiteit uitholt. Maar, schrijft Menasse, over Duitsland hoor je dat eigenlijk nooit, terwijl dat een federaal land is, bestaande uit machtige deelstaten. „Duitsland is Europa in het klein. Een baby-Europa: zestien staten, één markt. Toch hoor je zelden de kritiek dat Duitse wetgeving en regelzucht de mentaliteit en culturele eigenheid van Hessen, Beieren of Saksen om zeep helpen. Terwijl er meer regelgeving uit Berlijn komt dan uit Brussel. Terwijl Berlijn gedetailleerde regeltjes afvaardigt en Brussel meestal bredere kaderwetgeving.’’

Als je een meer transnationale politiek wilt, moet je zorgen dat democratie óók transnationaal wordt. Maar hoe? Dit is de grote uitdaging waar Europa voor staat. Als alle banken en verzekeraars Europees zijn, is het misschien logisch dat er één Europese toezichthouder komt. Maar aan wie legt zo iemand verantwoording af? Als hij moet ingrijpen, kan hij dan een greep uit staatskassen doen om een moloch overeind te houden? Nee natuurlijk. Politici houden belastingen nationaal, dus zijn begrotingen ook nationaal. Nationale parlementen beslissen daarover.

Als je bankentoezicht Europees maakt, moet er een grotere Europese begroting komen, en daarvoor moet ook democratische controle meer Europees worden. „Soms denk ik: dit gaat nooit lukken,” zegt Menasse. „Mensen worden zo anti-Europa. Het doet me aan Buddenbrooks denken, de roman van Thomas Mann over die koopmansfamilie: eerst bouw je iets op, je beheert het en ten slotte maak je alles weer kapot.’’

Robert Menasse en Paul Scheffer debatteren vanavond (20.00 uur) over Europa in Felix Meritis, Amsterdam