Scheur in de kerk

Noord-Groningen beeft steeds vaker en krachtiger door gaswinning Nu blijken 69 rijksmonumenten daardoor schade te hebben geleden Van scheuren in kerkgebouwen tot aan wankele schoorstenen

Een gescheurde zuil in de kerk van Oosterwijtwerd, Noord-Groningen. Het is een van de 97 ‘aardbevingsgerelateerde incidenten’ in het schaderapport van de dertiende-eeuwse kerk. Foto Rien Zilvold

Correspondent Groningen

Negenenzestig van de omstreeks 100 rijksmonumenten in Noord-Groningen hebben schade geleden door aardbevingen als gevolg van gaswinning. Dat blijkt uit een inventarisatie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het gaat om 34 kerken, 15 huizen, 13 boerderijen, 3 molens, twee landhuizen, het oude raadhuis van Appingedam en één horecagelegenheid. De meeste monumenten staan in Loppersum (18), Eemsmond (13) en Delfzijl (11) en de schade varieert: van scheuren in kerkgebouwen tot aan wankele schoorstenen.

Gaswinningsbedrijf Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) stuurt inspectieteams kris kras de provincie Groningen door. Die teams brengen risicovolle situaties in kaart met huizen, kerken, torens, molens, de statige borgen, boerderijen en andere gebouwen – in totaal 65.000 adressen waarvan zo’n 100 met gezichtsbepalende cultuurhistorische waarde. Dat is nodig nu Noord-Groningen steeds vaker en steeds krachtiger beeft door gaswinning – de zwaarste schok had een kracht van 3,6 op de schaal van Richter.

Restaureren is vernielen

Neem bijvoorbeeld het verstilde dertiende-eeuwse kerkje in Oosterwijtwerd. Dat is gebouwd van zachte middeleeuwse bakstenen (kloostermoppen) op een wierde van afval, plaggen en kwelderzoden met uitzicht over het weidse Hogeland. De NAM noteerde 97 ‘aardbevingsgerelateerde incidenten’ in het schaderapport. De Stichting Oude Groninger Kerken buigt zich over het herstelplan. Niet elke scheur hoeft per se te worden gevuld. Restaureren is vernielen, zegt bouwkundige Jur Bekooy van de stichting. Restaureren mag alleen als het litteken het niet houdt.

Uit veiligheidsoverwegingen zijn verschillende gebouwen in Groningen gestut en zijn van monumenten schoorstenen neergehaald en bewoners geëvacueerd. Soms zijn direct „noodreparaties” uitgevoerd, zoals bij de Sint Walfridus-kerk in Bedum en boerderij ‘De Haver’ in Onderdendam. Maar de schade aan dit pand uit 1891 bleek volgens de NAM zo „fors, uitzonderlijk en moeilijk herstelbaar” dat het gaswinningsbedrijf de eigenaar heeft uitgekocht.

Voor welk totaalbedrag de rijksmonumenten aardbevingsschade hebben, weet de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed nog niet.

De eigenaren van monumenten melden hun aardbevingsschade bij de NAM. Met taxateurs en monumentenexperts wordt rapport opgemaakt en daarna handelt de NAM de schade af.