Haar goede stem was niet genoeg

Nooit staan ze in de schijnwerpers Vaak hebben achtergrondzangers evenveel talent als de grote sterren, maar minder ambitie of minder geluk Regisseur Morgan Neville: „Ze zijn er niet bitter over”

Illustratie Thinkstock

redacteur film

De wandeling van de zijkant naar het midden van het podium is ‘gecompliceerd’, zegt Bruce Springsteen in 20 Feet from Stardom – een ode aan het vaak onopgemerkte ambacht van de achtergrondzangeres. Regisseur Morgan Neville volgt zangeressen als Darlene Love, die anoniem vele hits van producer Phil Spector inzong, Merry Clayton, die de beroemde uithalen ‘Rape! Murder!’ zong op de Stones-klassieker Gimme Shelter, en Claudia Lennear, ooit een van de meest opvallende Ikettes achter Ike and Tina Turner.

Grote stemmen, die het op de een of andere manier als soloartiest niet hebben gered en genoegen moesten nemen met een rol op de achtergrond. Door de film krijgen veel van de zangeressen ineens weer werk aangeboden, vergelijkbaar met de herontdekking van singer-songwriter Rodriquez door de film Searching for Sugar Man vorig jaar. Regisseur Neville was met zijn film in Amsterdam op het festival IDFA.

Wat maakt de stap van achtergrondzang naar de voorgrond zo gecompliceerd?

„Dat is de vraag waar de hele film om draait. De psychologische afstand is enorm. Wat iemand tot een goede achtergrondzanger maakt, is bijna het tegenovergestelde van wat iemand tot een goede leadzanger maakt. Een achtergrondzanger moet kunnen versmelten met de muziek, verdwijnen in de harmonie en de klank. Een leadzanger moet juist in het middelpunt van de belangstelling staan. Dat zijn twee heel verschillende dingen. Dat maakt het zo moeilijk om de overstap te maken, het gaat zeker niet om vocaal talent, want dat hebben ze in overvloed. Ambitie speelt ook een rol. Niet iedereen heeft de ambitie om een ster te zijn. Achtergrondzangers hebben vaak zo veel talent, meestal al van jongs af aan, dat ambitie nooit een grote rol heeft gespeeld in hun leven. Maar alleen een geweldige stem is niet genoeg.”

Die dromen die niet zijn uitgekomen geven de film ook een melancholieke sfeer.

„Muzikaal talent krijgt in onze cultuur niet altijd de waardering die het verdient. Maar deze vrouwen zijn daar zelf niet bitter over, helemaal niet, hoe moeilijk hun leven soms ook is geweest. Dat is ook een thema in de film: wat het betekent om pech te hebben, om je dromen niet te zien uitkomen, maar daar niet aan onderdoor te gaan.”

In de film praten witte mannen als Bruce Springsteen en Mick Jagger over achtergrondzang, maar de achtergrondzangers zelf zijn allemaal zwarte vrouwen.

„Dat vond ik het meest interessant, die hele wereld van zwarte Amerikaanse achtergrondzangers, vooral vrouwen, vaak met een achtergrond van zingen in de kerk, hoe zich dat van generatie tot generatie heeft ontwikkeld. Veel mensen voelen een soort verontwaardiging over de positie van achtergrondzangeressen, omdat ze vooral witte artiesten moeten begeleiden, of artiesten die minder goed zijn dan zij zelf. Maar zelf ervaren ze dat niet zo. Ze vinden het juist mooi dat sommige blanke artiesten de grootste fans van soul en R&B zijn.”

Waarom is dit een vrouwelijk beroep?

„Vaak zijn vrouwenstemmen bedoeld om een soort dialoog met de mannelijke leadzanger op gang te brengen. Seksualiteit is daarbij heel belangrijk. Soms zijn backingzangeressen er vooral om naar te kijken. Sommige zangeressen vinden dat prima, maar er zijn er ook die daar een groot probleem mee hebben. Een van de zangeressen in de film zegt: sexy wil ik wel doen, maar sletterig doe ik niet.”

Ironisch is ook dat een zwart label als Motown hun zangers soms ‘wit’ probeerde te laten klinken, terwijl de Stones en andere witte artiesten later van hun achtergrondzangers een ‘zwart’ geluid wilden.

„Voor veel van de zangeressen in de film was dat inderdaad hun redding. Bij artiesten zoals Joe Cocker en de Stones konden ze echt laten zien wat ze in huis hadden.”

Tegenwoordig zijn er veel minder prominente achtergrondvocalen in popsongs.

„Die traditie is nu min of meer tot een einde gekomen. Artiesten verdubbelen nu gewoon hun eigen stem in de studio, of ze pakken een sample uit een nummer uit het verleden. Volgens mij is dat een verlies. Als drie of vier mensen tegelijk samen in één microfoon zingen en hun stemmen zoveel mogelijk laten samensmelten, is dat bijna een spiritueel proces. Dat valt niet te vergelijken met een stem die door een computer is gehaald.”