Volksfeest voor onszelf

Een migrant die met een bootje aanspoelt aan het strand en juichend ontvangen wordt – hoe vaak maak je dat mee? Deze week is het tweehonderd jaar geleden dat het gebeurde, in Scheveningen. Zaterdag wordt deze historische gebeurtenis nagespeeld, en dat is rechtstreeks te volgen op tv, bij de NOS. ’s Middags volgt een herdenking

Een migrant die met een bootje aanspoelt aan het strand en juichend ontvangen wordt – hoe vaak maak je dat mee? Deze week is het tweehonderd jaar geleden dat het gebeurde, in Scheveningen. Zaterdag wordt deze historische gebeurtenis nagespeeld, en dat is rechtstreeks te volgen op tv, bij de NOS. ’s Middags volgt een herdenking in de Ridderzaal, georganiseerd door Albert Verlinde Entertainment, starring onder anderen premier Mark Rutte, actrice Halina Reijn (speelt ‘Ruimte voor actief Burgerschap’) en pianist Cor Bakker (met onder meer een improvisatie op de eerste regels van de Grondwet ). En dan nog een avondshow, weer op tv.

Nieuwe koning, nieuwe kansen voor het verhaal van de monarchie

De migrant was er ook niet zomaar een. Hem werd al een dag na aankomst de positie van ‘Soeverein Vorst’ aangeboden en nog geen anderhalf jaar later was hij koning. Willem I, de eerste koopman-koning (de tweede is in wording, Willem-Alexander). Geboren in Wassenaar, als erfprins aanvoerder in de strijd tegen de Franse troepen na de Franse Revolutie, in 1795 gevlucht naar Engeland en in 1813 op uitnodiging van Nederlandse leiders teruggekeerd.

‘200 jaar koninkrijk’, zo heet het herdenkingsprogramma – al weet iedereen dat het koninkrijk al in 1806 begon met de Franse koning Lodewijk Napoleon en dat de eerste Oranje de troon pas besteeg in 1815. Tweehonderd jaar ‘onafhankelijkheid’ dan, zoals koningin Beatrix het in haar laatste troonrede noemde. Je kunt er ook met meer distantie, historiserend, naar kijken. Historicus Matthijs Lok betoogt in het vorige week verschenen Jaarboek voor de Parlementaire Geschiedenis dat het hier gaat om een „oorsprongsmythe”, die ook nog eens „vooral gedragen wordt door politieke elites en staatsinstituties, niet door het merendeel van de bevolking”. ‘1813’ is nooit massaal gevierd in steden en dorpen, zoals de verjaardag van generaties koninginnen.

Het feestprogramma in Scheveningen en op tv zouden een beginnetje kunnen zijn van een minder institutionele viering van 1813: volksfeesten ter ere van onszelf doen het goed op tv. En met de nieuwe koning, symbolisch aangetreden in het jaar van de 200ste verjaardag van de dynastie, ligt een restyling van het ‘verhaal’ van de monarchie voor de hand. Mogelijk is er ook een markt voor wat meer historisch besef in het nationale gevoel. Die dimensie is hier traditioneel zwak ontwikkeld, maar dat kan anders worden door frustraties over het verlies van onafhankelijkheid door soevereiniteitsoverdrachten aan de Europese Unie – met de bankenunie als volgende stap. Europese integratie is te verdedigen uit rationeel eigenbelang, maar daar komt nu eenmaal niet snel een volksfeest van.

Opvallend genoeg is er intussen nauwelijks debat over die andere erfenis van 1813: de staatsinrichting. Het bestaan van een Eerste en Tweede Kamer, en de Raad van State, zijn voorbereid tussen 1813 en 1815. Sindsdien is er veel veranderd in hun samenstelling en rol, maar het geraamte staat nog altijd overeind. Werkt dat nog goed? In Den Haag is dat een kwestie voor kritische terzijdes, met veel ‘eigenlijk’ en ‘ooit’. Maar tot voorstellen komt het niet. Redenen voor een tweehonderdjaarsbeurt van de democratie zijn snel gevonden. Er is natuurlijk Europa – vorige week is voor het eerst de nationale begroting voor 2014 vooraf goedgekeurd door de raad van ministers in Brussel. Er is de veelbesproken onvrede over het functioneren van de politiek. Dan heb je ook nog de ‘realiteit’ waar Rutte graag naar verwijst: de almaar wisselende kiezersgunst, die zorgt voor een veelheid aan partijen in het parlement (nu elf in de Tweede Kamer) en voor een grotere kans op verschillende meerderheden in Eerste en Tweede Kamer. Toen dat deze herfst leidde tot ingewikkelde begrotingsonderhandelingen tussen regering, coalitie en oppositie, werd door onder anderen VVD-fractieleider in de Tweede Kamer Halbe Zijlstra de rol van de Eerste Kamer ter discussie gesteld. Daar komt nu een onderzoek naar, door Binnenlandse Zaken. Maar als de afgelopen tweehonderd jaar maatgevend zijn, zal de vernieuwing eerder komen van partijen dan van het bestel.