Dijsselbloem vindt het wel genoeg zo

voor werknemers in de financiële sector

Bonusregelingen in de financiële sector worden flink beperkt. Dat heeft minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) gisteren aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer. Gegarandeerde bonussen, die medewerkers krijgen zonder dat er een prestatie tegenover staat, worden verboden. Vanaf 2015 mogen werknemers bij financiële instellingen in Nederland geen variabele prestatiebonus krijgen die hoger is dan 20 procent van het salaris. Ook worden bedrijven verplicht om bonussen van medewerkers aan te passen en terug te vorderen als bijvoorbeeld sprake is van het schenden van beroepsnormen of als de medewerker verantwoordelijk is voor grote verliezen.

1 Waarom verandert Dijsselbloem de bonusregeling?

Omdat dat zo afgesproken is. Dijsselbloem komt met zijn voorstel een afspraak na uit het regeerakkoord, waarin VVD en PvdA de richtlijn van maximaal 20 procent voor variabele bonussen vastlegden.

Dijsselbloem schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer dat „perverse beloningsprikkels” wereldwijd worden gezien als een oorzaak van de financiële crisis en kunnen leiden „tot het nemen van ongewenste en onverantwoorde risico’s” waardoor „het klantbelang wordt veronachtzaamd”. Het voorstel richt zich dan ook op het voorkomen van die prikkels.

2 Hoe verhoudt de bonusregeling zich tot de Europese normen?

Dijsselbloem komt met een strenger beloningsbeleid dan de norm in de Europese Unie is. Daar geldt de richtlijn dat bankiers aan bonussen één keer het vaste jaarsalaris mogen ontvangen. Dijsselbloems regeling daarentegen geldt voor de hele financiële sector en hij kiest bovendien voor een veel lager maximaal percentage.

3 Wie moet zich aan de regeling houden?

In principe geldt de bonusregeling voor iedereen die in de financiële sector werkt. Dus ook voor banken, verzekeraars en sommige pensioenfondsen. En voor alle medewerkers van niet-Nederlandse bedrijven. Buitenlandse instellingen met een vestiging in Nederland zijn dus ook aan de plafonds gehouden.

4 Kunnen ze nog een manier vinden om hier onderuit te komen?

Ja. Mensen die voor een Nederlandse financiële onderneming in een ander Europees land werken, kunnen een hogere variabele beloning krijgen, tot 100 procent van het jaarsalaris.

Voor Nederlanders die buiten Europa werken geldt nog een andere regeling. Aandeelhouders, eigenaren of leden van die instellingen kunnen ervoor kiezen een hogere variabele beloning van maximaal 200 procent van het jaarsalaris uit te keren. De onderneming moet dat wel melden bij de toezichthouder.

Het kabinet kiest voor deze uitzondering om te voldoen aan de Europese norm. Maar, schrijft Dijsselbloem, het kabinet vindt dat ondernemingen „grote terughoudendheid” moeten betrachten in het uitkeren van de hoge bonussen, „gelet op de risico’s van perverse prikkels en de maatschappelijke onrust die bestaat over dergelijke hoge variabele beloningen”.