Wat drijft Frans Timmermans?

Het Limburgse mijnwerkersmilieu. Wie maar even langer praat met Frans Timmermans krijgt er over te horen. Dan komt het verhaal op grootvader Cor Heijnis uit Heerlen. „Tot op het bot versleten door veertig jaar ondergrondse arbeid als mijnwerker’”, schreef Timmermans in 2010 in zijn boekje Glück auf. Zijn vader koos voor een baan bovengronds, ging bij de marechaussee werken en belandde bij de diplomatieke dienst als nachtwaker op de Nederlandse ambassade in Parijs en later als administrateur op de ambassade in Rome. Daar ondervond Frans Timmermans als kind in de toen nog bestaande extreme hiërarchie van Buitenlandse Zaken het verschil tussen het erbij horen en er niet bij horen. Het minderwaardigheidsgevoel dat doorklinkt in zijn enorme geldingsdrang, is hierop terug te voeren, zeggen mensen die hem kennen.

Zijn haast manische aanwezigheid op Facebook (24.204 fans volgen zijn pagina) is daarvan een voorbeeld. Alles wordt getoond in vaak meerdere posts per dag. Frans Timmermans naast de ‘groten der aarde’ maar ook Frans Timmermans in Heerlen. En ook privé wordt alles gedeeld: van de nieuwste vuistdikke Amerikaanse biografie die hij heeft gelezen tot en met het laatste door hem bijgewoonde popconcert. En dan natuurlijk nog de wedstrijden van zijn favoriete voetbalclub Roda JC, de prestaties van zoon Max op het voetbalveld en de opgedoken vergeelde plaatjes uit het familiealbum.

Timmermans beschouwt het als noodzakelijke zichtbaarheid. „Omdat ik geloof in openheid, dialoog en direct contact tussen burgers en politici”, schrijft hij op zijn Facebookpagina. De positieve reacties die zijn Facebookberichten steevast uitlokken („Veel plezier en even in andere sferen… heerlijk”, Lydia Prevoo) lijken hem hierin te bevestigen. Maar hij weet eveneens een leger van critici aan te trekken: „Daar gaan onze belastingcenten! Het volk eet brood en meneer zit aan de kaviaar!” Was getekend: Henk Nel.

Facebook Frans. Het kan wel wat minder, vinden veel Kamerleden en ook ambtenaren van Buitenlandse Zaken. Al die berichten neigen toch wel naar koketteren en pedanterie. Maar, wordt er dan vaak vergoelijkend bij gezegd: Frans is Frans hè? Hij moet zich bewijzen. Toch weer die geldingsdrang. Onmetelijk was zijn trots toen hij op eigen aandringen als staatssecretaris van Buitenlandse Zaken de nieuwe ambassade van Nederland in Rome kon openen. De plaats waar hij als kind van maar een ‘gewone ambassademedewerker’ door de hogergeplaatsten zo pijnlijk was genegeerd.