Vrienden en verraders in en na het wielrennen

Lance Armstrong en Hein Verbruggen zijn nooit vrienden geweest, althans niet volgens Hein Verbruggen. Wel volgens Tyler Hamilton die in zijn boek De Wielermaffia deze zinsnede opnam: „Armstrong belt met zijn vriend Hein.” Dat klinkt niet best, want met Armstrong ben je liever geen vriend, tegenwoordig. Die is besmet, dus dat is maar verdacht.

Hamilton is een ex-wielrenner die in 2004 en 2009 op doping werd betrapt en die op enig moment besloot: als ik ten onder ga, dan zal ik niet de enige zijn. Dat is sindsdien een gewoonte geworden in de wielersport.

Hamilton won met zijn boek, in het Engels verschenen als The Secret Race, vorig jaar de Britse William Hill Sports Book of the Year-prijs. Lance Armstrong trouwens ook, maar dan in 2000, voor zijn boek It’s not about the bike. Díé prijs is hem nog niet afgenomen.

Net als Hamilton, en ex-renners als Floyd Landis en Michael Rasmussen, heeft Armstrong zich nu geschaard bij de renners die ook na hun wielerloopbaan zijn doorgegaan met het meesleuren van anderen in een valpartij. Daardoor weten we dat Armstrong en Verbruggen nu in elk geval geen vrienden (meer) zijn.

Armstrong heeft vorige week in de Daily Mail beweerd dat Verbruggen als UCI-voorzitter in 1999 heeft geholpen bij het verdoezelen van een positieve dopingtest die uitwees dat de Amerikaan cortisonenzalf had gebruikt. Het is een oud verhaal, die test, maar het is voor het eerst uit de mond van de verdachte zelf opgetekend. Ex-wielrenner Peter Stevenhaagen deed ook een boekje open. „Zulke renners als jij kan ik maken of breken”, zou Verbruggen in 1988 tegen hem hebben gezegd. „Ik bepaal wie er positief is.” Daar kwamen nog beschuldigingen vanuit Italië bij. Verbruggen zou in 1999 de ploeg Mapei met intrekking van de licentie hebben gedreigd na uitlatingen van de hoofdsponsor over doping.

Wat er allemaal van waar is, moet nog maar blijken. Maar reclame voor Nederland is het niet. De Noorse IOC-bestuurder Gerhard Heiberg meent dat Verbruggen zijn erelidmaatschap van het olympisch comité moet worden ontnomen als de beschuldigingen juist blijken. En dat terwijl Verbruggen zijn invloed in die hoedanigheid onlangs nog zo effectief wist aan te wenden. In een een-tweetje met het enig andere Nederlandse erelid van het IOC, Willem-Alexander, wist hij oud-minister Camiel Eurlings tot nieuw IOC-lid te parachuteren. Zo behield Nederland na het vertrek van de koning een zetel in het IOC .

De fietsenstalling wordt momenteel grondig gereinigd, maar het is wel goed om te kijken wie de bezems hanteren en waarom. Neem de Amerikaan Floyd Landis, die via een juridische procedure schade claimt bij zijn vroegere ploeggenoot, de ontmaskerde Armstrong, the Boss. Let wel: Landis is die renner die in 2006 de Tour de France won, maar deze overwinning moest inleveren omdat hij op doping was betrapt. Na jaren van pertinente ontkenningen sloeg hij in 2010 door. Van leugenaar werd hij in de zaak-Armstrong kroongetuige. Landis, als zelfbenoemd slachtoffer, claimde van zijn oud-kopman eerst 20 miljoen dollar schadevergoeding. Zijn advocaten hebben er nu zelfs de Wartime Suspension of Limitations Act erbij gesleept. Wie van die wet gebruikmaakt, beroept zich erop dat de Verenigde Staten in oorlog waren (in dit geval met Afghanistan), waardoor de rechter niet zoveel tijd en aandacht kon besteden aan bijvoorbeeld fraudezaken als die rond Armstrong. Een bizarre redenering, maar door zo de terugwerkende kracht van zijn aanklacht te verlengen, hoopt Landis zijn claim tot 27 miljoen op te rekken.

Wat de gedrogeerde Landis als wielrenner nooit bijeen heeft kunnen fietsen, hoopt hij nu als klikspaan te verdienen. Landis is opgegroeid als sobere mennoniet, maar dat heeft hem niet verhinderd farizeeër te worden. Mocht die hemelpoort bestaan en Petrus werkt daar nog als portier, dan zal hij ooit zeggen: ‘Verrek, die gozer lijkt Judas wel.’

John Kroon is redacteur en commentator van NRC Handelsblad