Senaat wil gelovigen blijven beschermen tegen beledigingen

Initiatiefnemers Jan de Wit SP, Gerard Schouw D66, Boris van der Ham oud Kamerlid D66 en minister Ivo Opstelten tijdens het Initiatiefvoorstel-Schouw en De Wit over de opheffing van het verbod op godslastering. Foto ANP/Martijn Beekman

De regering moet onderzoeken of de wet zodanig kan worden aangepast dat gelovigen afdoende worden beschermd tegen belediging van hun geloof, zonder dat dit de vrijheid van meningsuiting onnodig beperkt.

Dat is de strekking van een motie die PvdA, VVD, CDA, D66 en SP dinsdag hebben ingediend in de Eerste Kamer tijdens het debat over het afschaffen van het verbod op godslastering.

De partijen willen kijken of artikel 137 van het Wetboek van Strafrecht hiertoe kan worden aangepast. Het verbod op godslastering is vervat in artikel 147. Tijdens het debat bleek dat een aantal partijen moeite heeft met de afschaffing van dit verbod, waarmee de Tweede Kamer al wel akkoord ging. Door een ander artikel aan te passen moet gelovigen toch ‘genoegzame bescherming’ worden geboden.

Met de motie wordt aan voor- en tegenstanders tegemoet gekomen. In de tekst staat dat Nederland ‘door de eeuwen heen steeds op de bres heeft gestaan voor de vrijheid van godsdienst en godsdienstbeleving van alle burgers en voor vrijheid van meningsuiting’.

De senaat stemt volgende week over de motie. Dan wordt ook gestemd over het wetsvoorstel waarmee het verbod op godslastering wordt geschrapt. Dat wordt waarschijnlijk een hoofdelijke stemming. (Novum)