Geheime dienst? Niet voor de minister

Binnenlandse Zaken verloor de politie, maar minister Plasterk vond vervangend werk. Hij is ineens heel druk met de AIVD.

Minister Plasterk licht het AIVD-jaarverslag toe, april 2013. Naast hem diensthoofd Rob Bertholee. Morgen verdedigt Plasterk de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Foto ANP

Het was een mededeling van niks, bij de presentatie van het jaarverslag van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) op 23 april dit jaar. „Het woord is aan de minister van Binnenlandse Zaken.” Toch markeerde de zin een breuk met het verleden: in tegenstelling tot zijn voorgangers liet minister Ronald Plasterk de presentatie niet over aan het hoofd van de dienst, Rob Bertholee. Integendeel. Eenmaal gezeten naast de oud-militair, voerde Plasterk het hoogste woord. De bevestiging van wat een enkeling al hoorde van ingewijden: de PvdA’er, die morgen de begroting van zijn ministerie verdedigt in de Tweede Kamer, wil meer grip op de AIVD en is druk bezig tot een nieuwe gezagsverhouding met de dienst te komen.

Waarom wil hij dat? Hoe staat het met de invulling van de aangekondigde miljoenenbezuiniging op de dienst? En hoe is het gemoed bij de AIVD die – door die bezuiniging en door de druk van de spionageonthullingen van deze krant over de Amerikaanse NSA – ongewild in de schijnwerpers staat?

Verbijsterd waren ze vorig jaar oktober op het hoofdkantoor van de AIVD in Zoetermeer over de bezuiniging in het regeerakkoord. De dienst zou een derde kwijtraken van zijn budget van ruim 200 miljoen. Een medewerker: „Hoe naïef kun je opereren in internationaal perspectief?”

Nog onnozeler vonden ze de onderbouwing in het regeerakkoord: „Voor de informatieverwerving in het buitenland wordt overgestapt op samenwerking met buitenlandse diensten.” Wist nou echt niemand aan de onderhandelingstafel dat inlichtingenwerk informatiehandel is? Quid pro quo: voor wat, hoort wat? De irritatie groeide toen bleek dat „de eigen buitenlandtaak” wordt geschrapt.

De ingreep heeft ongeloof en verontwaardiging gewekt bij voorgangers van Bertholee. „Daadwerkelijk zorgelijk”, zegt Sybrand van Hulst, tot 2007 hoofd van de dienst. En al wordt het schrappen van de buitenlandtak van de dienst deels teruggedraaid, de irritatie over de bezuiniging is er niet minder om. „Het blijft disproportioneel”, zegt Gijs de Vries, tot 2007 drie jaar EU-coördinator terrorismebestrijding.

„Informatie is niet gratis” luidt samengevat de kritiek. Als voorbeeld geldt Syrië. Informatie over activiteiten daar van Nederlandse jihadreizigers moet Nederland van bondgenoten krijgen. Daarvoor „levert” het op andere momenten. Bijvoorbeeld door inlichtingen te verstrekken over ontwikkelingen in de voormalige Nederlandse kolonie Indonesië. In dit grootste moslimland ter wereld heeft Nederland nog altijd goede contacten.

„Nederland is klein, maar staat internationaal goed aangeschreven”, zegt Gijs de Vries, die als EU-coördinator samenwerkte met alle Europese geheime diensten. De invloed van de AIVD noemt hij „aanzienlijk groter” dan de positie van Nederland in Europa veronderstelt.

Van oud-beroepsmilitair Bertholee – hij was onder meer plaatsvervangend commandant der strijdkrachten – wordt geen actie waargenomen na het regeerakkoord. Het motto van dienst, per undas adversas (tegen de stroom in), ten spijt. Zijn volgzame houding verbaast sommige betrokkenen. Van de openheid die de AIVD zou tonen, toegezegd in een besloten lezing aan de Universiteit van Amsterdam in november 2012, komt ook al weinig terecht. De reden: Plasterk trekt al snel na zijn aantreden de macht naar zich toe en verbiedt Bertholee simpelweg met Kamerleden te praten. Vorige ministers gaven het diensthoofd steevast de ruimte om politieke contacten te onderhouden en de AIVD ‘smoel’ te geven. Plasterk wil er niet aan. Een uitnodiging aan Bertholee voor een hoorzitting van de Kamer over de gevolgen van de bezuiniging stuit ook op een njet van de minister. Bertholee conformeert zich loyaal. Die opstelling dwingt respect af, maar roept soms ook ergernis op. Bijvoorbeeld als hij tegenover personeel een uitspraak van Plasterk over de bezuiniging – „We kunnen wel wat snijden in de juridische afdeling” – verdedigt.

Achter de schermen werkt Bertholee hard aan de invulling van de bezuiniging uit het regeerakkoord: 70 miljoen tot en met 2016. Daar is kort daarna nog eens 11 miljoen bijgekomen.

Hij haalt miljoenen binnen door te snijden in ondersteunende functies en taken te versoberen. Dat gaat soepeler dan gedacht bij de dienst, die in bijna tien jaar tijd het aantal medewerkers zag verdubbelen naar ruim 1.400. De extra 11 miljoen die moet worden bezuinigd, kan daardoor op de lange baan. Een definitieve beslissing over de vraag in welke vitale functies moet worden gesneden, valt zo pas na de volgende verkiezingen in uiterlijk 2016. Een slim staaltje politiek van Bertholee. Een nieuwe ronde betekent nieuwe kansen voor de dienst, met vermoedelijk betere economische omstandigheden.

Dan zijn er ook nog de vereiste investeringen in informatietechnologie. Een ingewijde schat de noodzakelijke injectie op enkele tientallen miljoenen. Behalve Bertholee benoemt ook Plasterk de noodzaak ervan niet openlijk. Niet dat de PvdA’er de media schuwt. Op de avond van de presentatie van het jaarverslag van de AIVD bijvoorbeeld warmt hij zich aan de studiolampen van Pauw & Witteman. „Ik heb bijna dagelijks een rode map in mijn loodgieterstas met informatie van de AIVD”, vertelt Plasterk. „U weet dus bijna meer dan iedereen om u heen?”, informeert Jeroen Pauw. „Ja”, antwoordt Plasterk.

Betrokkenen aanschouwen het optreden met verbazing. „Van terughoudendheid heeft hij geen last”, zegt één van hen.

De relatie tussen een minister en het diensthoofd is complex. Gunt de minister de dienst vrijheid van handelen, dan is het gevaar dat het beeld ontstaat dat ze zich in Zoetermeer wel redden. Een minister die bovenop de AIVD duikt, wekt juist de irritatie van de dienst. Guusje ter Horst (2007-2010) behoorde tot de eerste categorie, Plasterk tot de tweede. De PvdA’er heeft bovendien de tijd zich met de dienst bezig te houden nadat het eerste kabinet-Rutte Binnenlandse Zaken heeft uitgekleed. De politie, een van de belangrijkste taken, is genationaliseerd en ondergebracht bij het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Plasterk gebruikt zijn tijd om invulling te geven aan een al langer klinkende roep van onder meer de toezichthouder op de AIVD: het ministerie moet een betere informatiepositie opbouwen ten opzichte van de dienst. Analoog aan de verhouding tussen Defensie en de Militaire Inlichtingendienst (MIVD) moet de ambtelijke top van Binnenlandse Zaken meer zicht en grip op de AIVD krijgen. De informele onderonsjes tussen Guusje ter Horst en Bertholees voorganger Gerard Bouman liggen sommigen nog vers in het geheugen. De onervaren en door Ter Horst binnengehaalde topambtenaar Roos van Erp liet het toe.

Die vrijheid en Boumans voorkeur voor direct contact met Ter Horst voeden al langer levende onvrede. Hoogleraar Cyrille Fijnaut bindt de kat de bel aan. Volgens de criminoloog vinden „nogal wat” mensen het ambtelijke toezicht op de AIVD „te mager”, rapporteert hij in 2012. In Zoetermeer wordt spottend gesproken over „Fijnauts beroerde scriptie”.

Tot schrik van de dienst neemt Plasterk de aanbeveling serieus en voegt de daad bij het woord. Dezer dagen verhuist Rob Dielemans, een belangrijke wetgevingsjurist, van de AIVD naar het ministerie. Daar treft hij de zeer ervaren Richard van Zwol, die eerder leiding gaf aan de belangrijkste ministeries. Hij is in juli de afgebrande Van Erp opgevolgd. „Van Zwol zal zich veel nadrukkelijker dan Van Erp met de AIVD bemoeien”, zegt een betrokkene. Een oud-bewindspersoon ziet het anders: „Van Zwols benoeming lijkt me niet zozeer een poging om het ministerie ten opzichte van de dienst te positioneren, maar om de toekomst van het ministerie te redden.”