Vocaal vuurwerk van zelfverzekerde Bartoli

Anders dan bij die andere grote operadiva die in september in het Concertgebouw stond, Angela Gheorghiu, had Cecilia Bartoli geen drie verschillende jurken nodig. Zij hield het bij twee outfits: eerst een zwart-wit, pinguïnachtig pruikentijdkostuum, tegen het einde van het concert beklom ze het podium openhartig gedecolleteerd in een jurk met lange, zwarte sleep.

Een groot verkleedfeest mocht het publiek in het Amsterdamse Concertgebouw dan bespaard blijven, met vocaal vuurwerk maakte de Romeinse coloratuurmezzo vrijdagavond alle verwachtingen waar. Zelfverzekerd stond ze op het podium, wetende dat iedere korte siernoot raak zou zijn. Begeleid door het Kammerorchester Basel onder Muhai Tang zong ze stukken van Mozart, Haydn en de Boheemse componist Joseph Myslivecek (1737-1781). De theatrale Bartoli hoefde geen enkele moeite te doen om de Grote Zaal volledig te vullen met haar stem – als ze zachter zingt, komen haar bijzondere warme timbre en dictie nog even goed over. Dirigent Muhai Tang zette de contrasten scherp aan, waarop het verder overtuigende orkest niet altijd goed anticipeerde.

Bartoli is een van de best verkopende artiesten uit de klassieke muziek. Behalve met sponsoren (haar komst kost nogal wat) was de zaal dan ook met opvallend veel buitenlands publiek gevuld. Met Haydns Berenice, che fai kreeg het een verbluffend dramatisch sluitstuk. Haar eerste toegift Voi che sapete uit Le nozze di Figaro zong ze met bloemen in de hand. Sympathiek was dat ze haar tweede toegift, een herhaling van het Alleluia uit Mozarts Exsultate jubilate, in de richting van de plaatsen achter het podium zong. Zelfs dat klonk achterin de zaal uitstekend.

Merlijn Kerkhof