Mannelijke zalmen vrouwelijker door resten van de pil

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

De aanleiding

Vissen veranderen door onze medicijnresten, schreef het Algemeen Dagblad vorige week. Het menselijk lichaam kan namelijk niet alle medicijnen volledig afbreken. De resten komen vervolgens via het toilet in het oppervlaktewater terecht, omdat waterzuiveringsinstallaties niet in staat zijn alle stoffen te filteren.

En dat zouden de beesten merken. Zo worden mannelijke zalmen vrouwelijker door de resten van de anticonceptiepil, waardoor ze zich niet meer zouden kunnen voortplanten.

Het probleem met medicijnresten in het water wordt steeds urgenter, zegt ChristenUnie-Kamerlid Carla Dik-Faber in het artikel. ChristenUnie en D66 pleiten voor actie tegen medicijnresten die in het water terechtkomen, omdat de schade voor planten en dieren groot zou zijn. Maar veranderen vissen in open water echt door de resten van de anticonceptiepil?

Waar is het op gebaseerd?

Op onderzoek, zo staat in het artikel. Welk? Dat wordt niet vermeld. „Tik het maar eens in op Google, dan kom je allerlei studies tegen”, zegt de woordvoerder van de ChristenUnie. Carla Dik-Faber baseert zich volgens hem vooral op haar ervaring uit het werkveld.

En, klopt het?

De woordvoerder van de ChristenUnie mag dan niet direct een onderzoek bij de hand hebben, hij heeft wel een vriend die in Engeland onderzoek naar het effect van hormonen op vissen heeft gedaan. Die vriend blijkt JanWillem Duitman, nu onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. In 2006 onderzocht hij op de Universiteit van Exeter welke invloed de zogenaamde endocrine disruptors, stoffen die de hormoonhuishouding van mensen en dieren kunnen verstoren, hebben op vissen. „Vissen kunnen echt last hebben van hormonen in het water”, zegt Duitman. De proefdieren die hormonen in hun water kregen, plantten zich minder snel voort dan de vissen die in een schoon aquarium rond zwommen. Niet dat mannelijke zalmen volgens hem vrouwtjes werden. Ze gingen meer lijken op iets tussen mannetjes en vrouwtjes in.

Al in de jaren negentig werden in Engelse wateren vissen gevonden die vrouwelijke kenmerken hadden. Duitman kan zich voorstellen dat de stelling voor bepaalde gebieden wel klopt, bijvoorbeeld op de plekken waar zuiveringsinstallaties hun water lozen.

Dat toxische stoffen effecten hebben op vissen is vaker wetenschappelijk aangetoond. Zo lieten Zweedse onderzoekers baarzen rondzwemmen in een aquarium met een concentratie Prozac van 1.8 μg per liter water (1 μg = 1 microgram = één miljoenste gram). Volgens de onderzoekers wordt die concentratie ook in gezuiverd afvalwater gemeten. De vissen in het vervuilde water kenden minder angst, werden minder sociaal en aten sneller.

Op het gebied van geslachtsveranderingen zijn vissen tot veel in staat, zegt dierfysioloog Peter Klaren van de Radboud Universiteit Nijmegen. Neem de dorade, die op menukaarten in restaurants te vinden is. Jonge dorades komen allemaal als mannetjes uit het ei. Pas na twee, drie jaar veranderen ze in vrouwtjes. Compleet met eierstokken en al. Al wil het feit dat er vissoorten zijn die van nature van geslacht kunnen veranderen niet zeggen dat de beesten gevoeliger zijn voor toxische stoffen. „Vissen zijn vooral gevoelig omdat zie via hun kieuwen en huid in intiem contact staan met het water, en alles wat daarin is opgelost.”

Toch gelooft dierfysioloog Klaren niet dat vissen die in het wild rondzwemmen iets van bijvoorbeeld Prozac in het water merken. „Ik vind het een onwaarschijnlijk scenario, wát de metingen ook zeggen.” Er moet volgens hem ruim 10 ton Prozac in het IJsselmeer worden geloosd om de concentratie die de Zweedse onderzoekers gebruikten te bereiken. „Daarvoor moeten 360 miljoen mensen hun Prozac-pil onveranderd en geheel uitplassen. Volgens mij is de geestelijke nood in Nederland niet zó hoog.”

Hoogleraar drinkwatervoorziening Jan Peter van der Hoek zegt hetzelfde: „De hormoonconcentraties in het oppervlaktewater zijn niet hoog genoeg om het leven van vissen te beïnvloeden.” Maar in extreme gevallen zijn er volgens hem wel effecten gemeten.

En inderdaad, in 2002 voerde het ministerie van Verkeer en Waterstaat de eerste veldinventarisatie van het probleem in Nederland uit. Onderzoek toonde onder andere aan dat mannelijke brasems in de Dommel, een riviertje in de buurt van Eindhoven, niet alleen spermacellen in hun testis hebben, maar ook eicellen. Behalve in de Dommel komt de vervrouwelijking onder meer voor in de Westerschelde en in kleine riviertjes en sloten in Utrecht en Friesland. Een belangrijke bron voor die hormonen is de veehouderij, maar er werden ook resten van de pil in sommige riviertjes aangetroffen.

In grotere rivieren, riviermondingen en in open zee werd het effect amper gezien.

Conclusie

Kunnen zalmen veranderen onder invloed van de resten van de anticonceptiepil? Ja, blijkt uit laboratoriumonderzoek. Maar gebeurt dat ook? Nee, zeggen twee deskundigen, daarvoor zijn de concentraties over het algemeen te laag. Een derde deskundige wijst erop dat de concentraties op specifieke plekken wel te hoog kunnen zijn. Onderzoek bewijst hetzelfde: er zijn extreme gevallen waarbij vissen veranderen door hormonen. Maar dat zijn uitzonderingen, over het algemeen hebben vissoorten geen last van hormonen in het water. We beoordelen deze stelling dan ook als grotendeels onwaar.