De nieuwe cijfers geven een hoopvolle Rutte geen gelijk

Premier Rutte ‘voelt’ een economie die weer „op stoom” komt. Maar zo rooskleurig zijn de cijfers ook weer niet.

Nederland staat, volgens premier Mark Rutte, op het punt de omslag te maken naar economische groei. „Ik voel dat we op stoom komen”, zei Rutte dit weekend aan het slot van een VVD-partijcongres in Den Bosch.

Rutte signaleert dat de export „weer een beetje oppikt”. Dat blijkt echter nog niet uit de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In het derde kwartaal groeide het bruto binnenlands product met 0,1 procent ten opzichte van het kwartaal ervoor. Maar de export groeide niet, terwijl de import met 0,3 procent toenam. Dat gaat per saldo ten koste van de economische groei. De export bepaalt voor 30 procent de groei van het bpp.

Toch is er een lichtpuntje. Het Centraal Planbureau maakte vanochtend bekend dat de wereldhandel in september met 0,8 procent is gestegen ten opzichte van augustus.

Dat is goed nieuws voor de Nederlandse export. In augustus was er nog sprake van een daling met 0,9 procent. Ook de industriële productie laat wereldwijd, volgens het CPB, een verbetering zien. Deze groeide in september met 0,4 procent, tegen een daling van 0,3 procent in augustus.

Maar de Nederlandse economie blijft zwak en zal ook volgend jaar nog licht krimpen. Dat voorspelde onlangs de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Volgens de Oeso bereikt de Nederlandse economie pas in de tweede helft van volgend jaar het dieptepunt en treedt het herstel in 2015 in.

Met name een conjunctuurgevoelige sector als de chemie heeft daar last van. Door een sterke daling van de orderontvangsten zijn omzet en productie van chemiebedrijven de eerste drie kwartalen van dit jaar met respectievelijk 6 procent en 5,5 procent gedaald ten opzichte van dezelfde periode in 2012. De uitvoer, goed voor 80 procent van de productie, is de eerste drie kwartalen met ruim 2 procent afgenomen.

De omzet van de chemische sector bedraagt 58 miljard euro per jaar en binnen de Nederlandse industrie is de sector verantwoordelijk voor circa 8 procent van de werkgelegenheid.

Ondernemers in de chemische industrie zijn voor de rest van het jaar somber gestemd. Ruim 80 procent, zo blijkt uit vanmorgen gepubliceerde cijfers van de branchevereniging VNCI, verwacht nauwelijks tot geen verandering van het economische klimaat in het vierde kwartaal.

Nederlandse ondernemers zijn in november iets positiever over de verwachte bedrijvigheid. Verder zijn ze iets minder somber over hun orderpositie. Dat maakte het CBS vanmorgen bekend. De stemming van de ondernemers in de industrie veranderde in november nagenoeg niet ten opzichte van de maand ervoor. Het producentenvertrouwen kwam uit op -0,4, tegen -0,5 in oktober.

Het producentenvertrouwen is samengesteld uit drie onderdelen: de ondernemers waren iets positiever over de verwachte bedrijvigheid. Verder waren ze iets minder negatief over hun orderpositie. Hun oordeel over de voorraden verslechterde.

De Nederlandse economie hapert, maar beleggers op de Amsterdamse effectenbeurs hebben er toch nog vertrouwen in. De koers is bijna op het niveau van voor de val van Lehmanbrothers (399,57). In september 2008 ging de Amerikaanse zakenbank failliet, de opmaat van de financiële crisis.

Ten opzichte van vrijdag steeg de koers vanochtend een uur na opening tot 397,95. De stijging wordt met name veroorzaakt door de rente, die door de monetaire autoriteiten bewust laag wordt gehouden. Dit verhoogt de belangstelling voor aandelen.

De oplopende beurskoers kan nog niet worden beschouwd als het teken van economisch herstel.