Angelsaksische media onthullen het racisme hier

Het is niet zo gek dat onze normen en waarden Amerikaanser en Britser worden, vindt Reinier Kist.

Illustratie arcadio esquivel

Wat er is verrezen op de puinhopen van Paars konden we onlangs zien in talentenshow Holland’s Got Talent. Deelnemer Xiao Wang kwam op en Gordon vroeg: „Welk nummer ga je zingen, nummer 39 met rijst?” Dat ‘nummer’ – een aria van Verdi – bleek een „suplise” voor de volkszanger. Wang was „de beste Chinees die ik in weken heb gehad en het is geen afhaalchinees”. De beleefde lach van de deelnemer veranderde in een grimas.

De verrassing is niet dat er racistische grappen op tv worden gemaakt. Dat zijn we gewend na Fortuyn en Van Gogh. Wat je denkt, moet je zeggen, dus is het stoer om een Nigeriaanse voetballer een kleine aap te noemen. Wie daar iets van zei, kreeg te horen: ‘Ik ben toch geen racist? Het was maar een grapje.’ Een typisch Nederlandse misvatting. Ook ironisch racisme kan gevaarlijk zijn. ‘We bedoelden het niet serieus’, dat is het antwoord van een land dat vrije meningsuiting verwart met een vrijbrief voor beledigen.

Ook geen verrassing dat Jack Spijkerman onlangs presentator Humberto Tan met een gulle lach „niet alleen donker maar ook nog dom” noemde. Of dat Daphne Bunskoek een fragment toonde waarin slaven worden afgeranseld, omdat Zwarte Pieten straf moesten krijgen voor de kwijtgeraakte staf van Sint.

Allemaal grappig bedoeld. Maar de grappen worden op sociale media afgemaakt. Dat is de verrassing. Dit racisme-om-te-lachen wordt in het kielzog van de zwartepietendiscussie steeds minder vaak getolereerd.

Twitter en Facebook ontploften na Gordons grapjes. Juist omdat, zo blijkt, mensen er de humor niet meer van inzien. Een reactie: ‘Dus als ik je goed begrijp, is jouw redenering: „Omdat we niet racistisch zijn, kunnen we lekker racistisch doen.”’ De teneur is hetzelfde als in de zwartepietendiscussie: we zijn eigenlijk best een racistisch landje, en dat we niet expliciet racistisch zijn of het niet serieus bedoelen maakt geen zak uit.

Natuurlijk wordt Gordon ook fel verdedigd en gooien latente racisten de drogreden in de strijd dat ze alles mogen zeggen. Maar het omgekeerde is ook waar – en dat is nieuw: je mag weer zeggen dat je niet alles mag zeggen. Dat zagen we al gebeuren in de zwartepietendiscussie. Talloze columnisten, tv-persoonlijkheden en zelfs burgemeester Van der Laan spraken zich uit tegen Zwarte Piet als racistisch stereotype. Dat heeft nu – wellicht tijdelijk – zijn weerslag in de samenleving. Toen Rihanna twee jaar geleden ‘niggabitch’ werd genoemd was de reactie: die ironie moet je snappen. Toen in hetzelfde jaar activisten bij de Sinterklaasintocht T-shirts droegen met de tekst ‘Zwarte Piet is racisme’, werden ze nog zonder pardon opgepakt door een al te oplettende diender. Rutte moest „even normaal” doen toen hij Wilders aansprak op een vergelijking tussen de Turkse premier en een aap. Nu ontvangt Anouk meer dan tienduizend steunbetuigingen nadat ze racistische opmerkingen op haar Facebookpagina openbaar maakte. Sociale media stromen nu vol om Gordon terecht te wijzen, racistische grapjes op tv zijn opeens niet meer zo grappig.

Na jarenlange tolerantie van racisme, klinkt nu de roep om strengere fatsoensnormen. En dat gaat niet zonder sterke bondgenoten. In dit geval: de machtige Angelsaksische media. Die hebben geen Fortuynrevolte doorstaan en ze hebben de beschaafde bejegening van minderheden dus ook niet vaarwel gezegd. Saillant detail: de Gordondiscussie barstte pas los nadat de Amerikaanse media zich er mee gingen bemoeien. Bijna elk van de honderden Facebookposts over de uitspraken van de zanger verwijst naar een van de twee Amerikaanse posts waarin de wereldberoemde Nederlandse tolerantie ter discussie wordt gesteld. Op Nederlandse sociale media weeklagen reageerders: „Ik schaam me soms om in het buitenland te zeggen dat ik uit Nederland kom.”

Een veelzeggende reflex. Blijkbaar is het niet overtuigend genoeg om te zeggen: ‘Ik vind die opmerkingen van Gordon echt niet kunnen.’ De redenering is: ‘Zie je wel, de Amerikanen noemen Gordon een racist. Dan zal hij het wel zijn.’ Ook tegenstanders van Zwarte Piet verpakten hun kritiek graag in een internationaal jasje. Kort gezegd: we staan voor lul. Zangeres Anouk, een van de aanvoerders van het debat, had prima op Facebook kunnen uitleggen waarom zij Zwarte Piet racistisch vindt. Maar de zangeres koos ervoor naar een bericht van de Britse krant The Guardian te verwijzen. Zelfs haar begeleidende woorden waren Engels: ‘We Dutch people are making fools of ourselves!’

Wat de discussies over Zwarte Piet en Gordon uiteindelijk laten zien, is dat onze normen en waarden op dit punt langzaam Britser en Amerikaanser worden. Is dat erg? Ach, misschien gaat met een beetje hulp van buitenaf de beerput eindelijk eens dicht.