‘Mijn band met hem is nóg sterker geworden’

In de rubriek ‘Het nabestaan’ praten mensen over verlies, rouw en hoe het leven verder gaat. Daaronder staat een necrologie van een niet per se bekende persoon.

(Boven) „Arno op een terras in Siena.” (Links) „Eén van de weinige foto’s van ons samen.” (Rechts) „Onze drie handen, samen sterk, voor altijd verbonden.”

„Mensen zeiden wel eens tegen ons: wat gaan jullie snel! Arno en ik hadden een relatie sinds oktober 2007. In vierenhalf jaar tijd zijn wij gaan samenwonen, verhuisd naar Zwolle, heeft Arno een eigen bedrijf opgericht, kreeg ik mijn eerste baan, zijn wij getrouwd, kregen wij Anna.

„Ik ben blij dat het allemaal zo snel is gegaan. Arno heeft alles meegemaakt wat hij wenste als het gaat om hoogtepunten in een leven. Maar het einde van zijn leven kwam vroeg en snel. In januari 2012 werd duidelijk dat hij een heftig uitgezaaid melanoom had. Ruim tien weken later was hij dood. Hij was 31 jaar, ik 25 jaar en Anna acht maanden.

„Als ik iets heb geleerd in de afgelopen anderhalf jaar, dan is het dat de scheidslijn tussen leven en dood niet meer is dan één ademhaling. Dood is niet dood voor mij. Dood is een andere vorm van bewustzijn, alleen de fysieke verbinding is er niet meer.

„Arno zal altijd met Anna en mij verbonden blijven. Vlak voor zijn dood had ik op een bijzondere manier contact met hem. Hij liet mij zien en voelen dat hij buiten z’n lichaam trad, Anna over haar wang streelde en vervolgens ‘opsteeg’. Zo heb ik dat ervaren. Zulk contact is er nog steeds. Ik heb soms intens heldere dromen, waarin hij mij antwoord geeft op mijn vragen, mij aanraakt en de weg wijst.

„Ik weet dat mensen zich ongemakkelijk kunnen voelen als ik dit vertel. Dat moet dan maar. Mijn band met Arno is sinds zijn dood alleen maar sterker geworden. Dat gevoel wil ik niet verborgen houden. Ook mijn verdriet wil ik niet verstoppen, maar ik vind het lastig dit in tranen te uiten. Met woorden gaat mij dat beter af. Mét Arno kon ik huilen, nu huil ik om Arno. Mijn verdriet is groots en zit diep van binnen. Toch wil ik het gelukkig verdriet noemen.

„Ik mis vooral zijn fysieke aanwezigheid: hoe hij knuffelde met Anna, zijn arm om me heen, z’n stem, z’n wijze woorden, z’n lach. ’s Avonds, als Anna slaapt en ik in alle rust op de bank zit, voelt Arno heel dichtbij. Ik koester die momenten.

„Lastiger vind ik het hem een plek te geven in de hectiek van alledag. Dan zijn er zoveel andere dingen die mijn aandacht vragen – dingen waarvoor ik niet altijd de energie heb. Ik vind het pittig alle ballen in de lucht te houden: als alleenstaande moeder, werknemer, huisvrouw, dochter, vriendin. Ik hunker soms naar erkenning en herkenning van mijn situatie, maar ik wil die niet misbruiken.

„Bij tegenslag kun je, denk ik, op twee manieren reageren: je kunt passief blijven, als slachtoffer, en je kunt actief met je probleem omgaan, je kunt proberen kracht te halen uit de dingen die er wél zijn. Dit laatste is mijn manier. Het was ook Arno’s manier van leven; daarom waren wij zo’n geweldig duo samen. Ik doe Arno het meeste recht door op onze manier te blijven leven.

„Zijn ziekte, zijn dood en zijn uitvaart hebben wij in een roes beleefd; je beseft totaal niet wat je overkomt en nog steeds denk ik wel eens: het is nog niet helemaal tot me doorgedrongen. Maar ik weet dat wij intuïtief de goede dingen hebben gedaan.

„Ik heb bij Arno in het ziekenhuis geslapen, die laatste nacht; wij wisten toen niet dat het zijn laatste nacht zou zijn, maar diep van binnen voelden wij dat waarschijnlijk wel. Ik heb hem na zijn overlijden gewassen en naar het mortuarium gereden en hem de volgende ochtend naar huis gebracht. We hebben een prachtige afscheidsviering voor hem gehouden, in het bijzijn van honderden mensen, hier in de basiliek van Zwolle. In kleine kring zijn we naar het crematorium gegaan. Tot slot ben ik nog even met hem alleen geweest, waarna ik zijn kist zelf in de oven heb geschoven. Tot het allerlaatste moment heb ik zijn hand vastgehouden, figuurlijk gesproken dan. Ik ben zo blij dat ik de kracht had dat te doen.

„Een maand of twee na Arno’s overlijden kreeg ik van mijn opa en oma een boek, Gisteren was alles nog goed, van Petra van Rij. Zij verloor haar man in 2006, Hans Horrevoets, de zeezeiler die omkwam bij de Volvo Ocean Race; ze was 32 jaar en zwanger van hun tweede kind.

„Eerst voelde ik weerstand het boek te lezen. Ik dacht: ik heb mijn eigen verhaal, waarom zou ik lezen over het verlies van iemand anders? Toen ik eenmaal begon te lezen, kon ik niet meer stoppen. Zo herkenbaar. Ik heb Petra een berichtje gestuurd via haar website en zo ben ik in contact gekomen met haar stichting: De Jonge Weduwe.

„Petra’s stichting organiseert en doet van alles, waaronder weduwelunches en uitjes. De deelnemers zijn zo ongeveer tussen de 25 en 50 jaar. Vaak zijn ze met jonge kinderen achtergebleven. Dit najaar zijn we naar de dierentuin in Amersfoort geweest, met ruim honderd vrouwen en kinderen. Het voelt goed in dit gezelschap te zijn. Er is veel dat je niet aan elkaar hoeft uit te leggen. Je kunt dingen aankaarten waarvan je normaal gesproken denkt: daar wil ik mijn omgeving niet steeds mee lastig vallen.

„Enkele maanden na Arno’s dood ben ik weer gaan hockeyen. Wat bleek: de vriendin van de oncoloog die Arno heeft behandeld, speelt in dat team. Hij past nu op Anna als wij samen een wedstrijd spelen. Zo maak ik voortdurend iets moois mee, waarvan ik denk: wat bijzonder dat het zo loopt.

„Veel van mijn huidige vriendschappen en contacten zijn in de afgelopen anderhalf jaar ontstaan. Waaronder ook met twee jonge weduwen die hier in de buurt wonen. Daarnaast heb ik veel ‘virtuele’ weduwevriendinnen. Ik ben lid van een besloten Facebookgroep, ‘Sterke Weduwes’ – een naam die een beetje ironisch bedoeld is, omdat we juist ook over onze dips en moeilijke momenten schrijven, waarna anderen je dan weer opbeuren.

„Binnen deze groep heb ik veel mensen leren kennen van wie ik denk: wat zijn ze sterk, ze flikken het toch maar om overeind te blijven. Aan hen trek ik me op.”

Gijsbert van Es

Reacties via nrc.nl/hetnabestaan Twitter: #nrc #hetnabestaan