Koud

Column // Georgina Verbaan

Ik zit op een leeg terras aan een druk kruispunt onder een luifel. Het regent. Het is een uur of zeven in de avond. Over de glinsterende straten rijden schimmen op fietsen in gevecht met slierten nat haar, tassen of de tijd.

Ik heb het koud. Toch blijf ik zitten. Ik zou niet weten waar ik heen moet, of waarom ik een korte wollen broek draag. Ik probeer te huilen maar het lukt niet. Niet om de broek maar vanwege het gevoel in mijn maag. Ik voel me alleen. Er komt een man in een lange grijze jas naast me zitten. Ik ken hem, dat weet ik zeker, maar herken hem niet. Hij ruikt naar gerookte zalm. Met zijn grauwe gelaat dat tegelijkertijd strak en pokdalig is, vind ik het moeilijk zijn leeftijd in te schatten. Zijn pezige witte vingers spelen met een Zippo, zijn nagels zijn lang en bruin.

Waarom is hij niet ergens anders gaan zitten? Alle tafels zijn vrij. Hij wil iets van me, ik voel het. „Ik ga het niet doen”, zeg ik, en ik trek de rullende pijpen van mijn broek tot aan mijn knieën. „Jawel”, zegt hij. Zijn tanden zijn bruin maar hij klinkt vertrouwd, heeft een stem om in te liggen. „Ik wil dat u weggaat”, zeg ik zacht, want ik lieg. Ik wil hem. Als ik nu niet wegren dansen we tot ik dood ben, hij en ik. Aan de overkant staat Ted de Braak naar me te kijken, hij huilt. Ik moet hier weg. Ik spring op en begin te rennen „Je maakt me kapot!” roep ik zonder geluid, want mijn stem is weg. Ik ren zo hard als ik kan maar voel dat ik geen schoenen draag, mijn voeten zakken weg in diepe plassen water. „Kom dan trut! Je wil toch zo graag?” schreeuwt de man.

Een hond wil mij bijten. Zijn tanden schrapen over mijn blote kuiten. Hij heeft beet, ik val. Ik draai me om en zie dat het de man is. Zijn lange nagels hebben zich in mijn been geschroefd. Gemiauw. Met mijn vrije voet duw ik zijn hoofd in een plas. Mijn grote teen verdwijnt in zijn oog. Het voelt warm. Luider gemiauw. Ik open mijn ogen. Focus: Ah. Slaapkamer. Aan het voeteneind likt mijn dikke kat aan mijn teen. Brokjes, natuurlijk. Dag vier zonder sigaretten. Let’s go fatso.