Schilderij met litteken

Op de PAN, de kunstbeurs die zondag open gaat, is een doek van Jan van Goyen te koop dat lang uit twee delen bestond. Splitsen van werken was tot de twintigste eeuw heel gewoon.

Jan van Goyen, Gezicht op de Oude Maas bij Dordrecht, gezien vanuit het zuidwesten, 1649, olieverf op doek, 80×142 cm. Tussen 1808 en 1820 zijn er twee werken van gemaakt. Na 1986 zijn ze herenigd.

Het is een van de topstukken van de kunst- en antiekbeurs PAN: een oude meester met een 80 centimeter lang litteken dat alleen bij strijklicht zichtbaar is. Het gaat om een monumentaal gezicht op Dordrecht van Jan van Goyen, de befaamde landschapsschilder uit de Gouden Eeuw. Het litteken deelt het 364 jaar oude doek in tweeën: een rechte lijn die langs de Grote Kerk van Dordt loopt en loodrecht staat op het rimpelloze water van de Oude Maas, waar vissers in sloepjes bij het ochtendgloren juist zijn uitgevaren.

Waarom is dit schilderij ooit in tweeën gesneden? Niels de Boer van kunsthandel P. de Boer in Amsterdam kan er slechts naar gissen. Een erfeniskwestie? Ruimtegebrek? Materieel gewin? Het enige wat hij zeker weet, is dat het doek ergens tussen 1808 en 1820 zijn onfortuinlijke lot onderging. In die periode moet het grote, bijna anderhalve meter brede stadsgezicht van Van Goyen zijn versneden tot twee kleinere stadsgezichten.

Uit kunsthistorisch onderzoek blijkt dat beide helften zeker 175 jaar een eigen leven hebben geleid. Tot de rechterhelft in 1986 bij Christie’s in Londen opduikt, twintig maanden nadat de linkerhelft is geveild. Na die verkopen herenigt een onbekende beide helften en begint het herstelde doek aan een zwerftocht over de wereld. Via een kunsthandel in Los Angeles, een verzamelaar in Nederland en vervolgens een Maleisische verzamelaar belandt het gezicht op Dordrecht in handen van twee Nederlandse kunsthandelaren, Rob Kattenburg uit Bergen en De Boer. Zij zullen het op PAN te koop aanbieden. Een grote, late Van Goyen met een nauwgezette weergave van het Dordrecht van 1649, daar zijn vast liefhebbers voor. Extra aantrekkelijk is dat het een tamelijk ‘marktfrisse’ Van Goyen betreft: bij een nalatenschapsveiling op 17 mei 1808 is het grote doek voor het laatst publiekelijk te koop aangeboden.

Zaag en schaar

Het inkorten en splitsen van schilderijen was tot aan de twintigste eeuw gangbare praktijk, vertelt Niels de Boer. Rembrandts Nachtwacht werd ooit aan drie zijden ingekort om tussen twee deuren op het Amsterdamse stadhuis geplaatst te kunnen worden. Het ontkoppelen van tweeluiken en triptieken gebeurde vaak uit geldgewin; de losse onderdelen brachten gezamenlijk immers meer op dan het geheel.

Peter de Boer, de vader van Niels, houdt een archief bij van schilderijen die om cosmetische redenen zijn verkleind. Zoon Niels: „Dat archief heet ‘Met zaag en schaar’. Daarin heeft hij informatie verzameld over enige tientallen verminkte werken. Stillevens waarop bijvoorbeeld hammen zijn verdwenen, omdat joodse klanten daar niet van hielden. Een stilleven zonder varkensvlees bracht drie keer zoveel op als eentje met. Dus het loonde de moeite een ham te laten verdwijnen.”

En zo zijn er wel meer impopulaire motieven die tot verminkte schilderijen hebben geleid. De Boer roept Jan Steens Huwelijksnacht van Tobias en Sara in herinnering, het schilderij uit Museum Bredius in Den Haag. Dat werk was lang gesplitst, vermoedelijk omdat de engel Rafael met de draak rechts op het doek minder aantrekkelijk werd gevonden. „Schedels, ook zoiets”, zegt Niels de Boer, als hij voor een stilleven staat in zijn kunsthandel op de Herengracht in Amsterdam. „Bij een restauratie van dit werk werd duidelijk dat die donkere plek in het hart van dit doek was overgeschilderd. Daaronder zat deze schedel.”

Uit de stockruimte komt nog een voorbeeld van de categorie ‘Met zaag en schaar’: een vroeg zeventiende-eeuws portret van een lezende man. De Boer: „Een niet gesigneerd werk dat we op een veiling in Zweden kochten. Toen ik het liet schoonmaken kwam rechts van de man een elleboog tevoorschijn. Nu ben ik dus op zoek naar een schilderij van iemand zonder elleboog.”

Het Gezicht op Dordrecht dat De Boer en Kattenburg op PAN aanbieden vertoont grote overeenkomsten met Van Goyens Gezicht op de Oude Maas bij Dordrecht in de collectie van het Dordrechts Museum. Ongeveer hetzelfde standpunt, veel bootjes en wolken, en net zo’n afgewogen kleurenschema met veel bruintinten en hier en daar een helder kleuraccent. Het doek uit het museum is twee jaar later geschilderd en ongeveer half zo groot als het doek dat nu wordt aangeboden. Het Dordrechts Museum kocht zijn riviergezicht in 2008 na een inzamelactie (‘Geef Dordrecht zijn gezicht terug’) voor 3,5 miljoen euro van de erven Goudstikker, aan wie het schilderij was gerestitueerd. De Boer en Kattenburg bieden hun grotere Van Goyen aan voor „ongeveer een half miljoen euro”.

Het litteken kan desgewenst verdwijnen, zegt Niels de Boer. „Daarvoor moet het doek opnieuw worden bedoekt en weer gesplitst.”

Dat klinkt ingrijpender dat het is, zegt de handelaar. „Een ervaren restaurator kan dat voor minder dan tienduizend euro.”