Jonge acteurs tonen hun talent in ‘Nieuwspoort’

Een safari, noemen de jonge makers van het Nationale Toneel hun voorstelling Nieuwspoort. Dertien weken keken ze rond in het centrum van de macht, in Den Haag. In hun toelichting vooraf kopiëren ze de vormentaal van het parlement door ons aan te spreken als ‘geacht publiek’ en elkaar deftig het woord te gunnen. Later voeren ze een debat in een kek kunsttaaltje: ook dat is geen goedkope parodie.

In sterk van toon wisselende scènes spelen ze slim en geestig hun ervaringen na. Hoe Geert „aangaat”. Hoe Confucius een roze microfoon in het gezicht krijgt geduwd. Hoe verdriet over verloren idealisme stuit op cynisme.

Net als opvalt dat de analyse uitblijft, fileren ze gehaaid zichzelf: als Klokhuis-cabaret dat aan de oppervlakte blijft. Het slot is positief: een oproep om politieke taal mooi te laten zijn.

Hoe doordacht Nieuwspoort is, blijkt uit de overpeinzing dat Nederland op orde is. Die verandert steeds van betekenis. Eerst is het een biecht die machteloos engagement verwoordt. Uitgesproken door een politicus is het een werktuig, dat hem toont als handelaar in argumenten. Bij de schoonmaakster is het oprechte blijdschap over dit „paradijs aan de Noordzee”.

Ron Rijghard