Een duivelshuis in een kinderdorp

Tientallen slachtoffers zeggen als kind seksueel te zijn misbruikt in instelling Neerbosch.

Henk de Jong, slachtoffer van misbruik, in het kerkje bij het voormalige kinderdorp Neerbosch in Nijmegen. Foto Ilvy Njiokiktjien

Half verscholen tussen de bomen en struiken ligt ‘het duivelshuis’. Hier, in deze villa aan de rand van Nijmegen, op het terrein van het voormalige Kinderdorp Neerbosch, heeft een vroegere directeur waarschijnlijk meerdere jongens misbruikt.

Op het eerste gezicht leek het altijd gezellig in het grote huis, vertellen twee slachtoffers die zo’n dertig jaar terug in het kinderdorp woonden, een instelling voor wezen en kinderen die (vrijwillig) uit huis waren geplaatst. Alles kon en mocht: tv kijken, snoepen, cola drinken, roken. „Het was een paradijs in vergelijking met de groep waar je woonde of de situatie thuis”, zegt een van hen, de 47-jarige Frank. Maar ondertussen werd hij er als 14-jarige meermalen misbruikt.

Frank, die alleen met zijn voornaam in de krant wil: „Dan mocht je in bad en droogde de directeur je af. Hij wekte vertrouwen, gaf je het gevoel dat hij je begreep, legde een arm om je heen – zo begon het.”

Uit onderzoek door het Verwey-Jonker Instituut naar seksueel misbruik in het kinderdorp tussen 1975 en 1985, dat vandaag is gepresenteerd, blijkt dat drie oud-bewoners hebben aangegeven door de toenmalige directeur te zijn misbruikt. In totaal meldden zich 34 slachtoffers. De Stichting Lindenhout, waarin Kinderdorp Neerbosch is opgegaan, gaf opdracht tot het onderzoek. Rondom de verschijning van het rapport van de commissie-Samson over seksueel misbruik in de jeugdzorg, vorig jaar oktober, werd de stichting geconfronteerd met een opvallend aantal gevallen van misbruik tussen 1975 en 1985. Lindenhoutbestuurder Annet van Zon: „Dat vond ik bijzonder. Wat heeft zich daar afgespeeld?”

Het werkelijke aantal slachtoffers van de directeur is groter dan uit het onderzoek blijkt, vermoedt Albert Jan Post (48), ook slachtoffer. Hij kent zeker zeven anderen die „buiten de boeken” zijn gebleven. Ze willen of kunnen er niet over praten. Post heeft de schaamte overwonnen: „Als je er niet openlijk over praat, geef je de maatschappij gelegenheid weg te kijken en daders de kans hun gang te gaan.”

Directeur Joop Z.W. (nu 79) liet ‘pupillen’ bij zich wonen en nodigde regelmatig kinderen uit bij hem thuis. „Naar het huis van de directeur, dat vond je heel wat”, herinnert Frank zich, die als onhandelbaar in het kinderdorp was „gedumpt”. Albert Jan Post, wees en gevlucht uit een pleeggezin, kwam er in 1980. Hij werd naar eigen zeggen jaren in het pleeggezin mishandeld.

In een huis van familie van Z.W., waar de directeur Post in een vakantie mee naartoe nam, is hij voor de eerste keer misbruikt. „Ik was overstuur. Hij troostte mij. En toen voelde ik hoe die troostende hand van greep veranderde.” Het misbruik bestond uit strelen, zoenen, aftrekken en orale seks.

Volgens de twee mannen had Z.W. inzage in de rapporten over hen. Post, sarcastisch: „Zo kon hij een aardige selectie maken. Hij had geen beter slachtoffer kunnen kiezen dan mij. Ik kon echt nergens heen. Waar moest ik naar toe? Naar de politie? Ik was gewend dat mensen mij niet geloofden. Die ene keer dat ik op school vertelde dat ik het in het pleeggezin niet leuk had, wilden ze daar niets van weten.”

Post confronteerde Z.W. in 2005 met het misbruik, telefonisch. Hij heeft er een bandopname van. De oud-directeur zegt daarop dat het hem spijt. Onlangs gaf hij ook tegenover Omroep Gelderland het misbruik van Post toe.

Z.W. betuigde onlangs schriftelijke spijt „aan degenen die het betreft” voor de „onoorbare en ongepaste handelingen” die hij met kinderen heeft gepleegd. Maar via Omroep Gelderland liet hij weten dat van seksuele handelingen geen sprake is geweest.

Post lichtte ook in 2005 Neerbosch en de Stichting Studiefonds Filipijnse Kinderen in, door Z.W. opgericht. Frank bracht het dorp al tien jaar eerder op de hoogte van het misbruik. „Maar als internaatjongetje werd ik niet geloofd.” Z.W. werd wel tijdelijk de toegang tot het terrein ontzegd. In 2005 kreeg Frank een schadeloosstelling van 10.000 euro voor psychologische hulp, op voorwaarde dat hij er nooit ruchtbaarheid aan zou geven.

De herinneringen aan het misbruik zijn traumatisch voor beide mannen. Ze hebben hulp (gehad) van psychologen en psychiaters. Zelfmoord was voor beiden een optie. Frank laat zijn arm zien. Er zit een groot litteken op, opgelopen toen hij in Neerbosch een ruit insloeg in de hoop dat hij de bloeding niet zou overleven. „Ik wilde niet meer.” Ook Post probeerde in die tijd zijn polsen door te snijden, maar het glas was niet scherp genoeg. „Je voelt je zo eenzaam.”

Ze slapen vaak slecht. De een heeft nooit meer cola gedronken, de ander doet nog altijd de deur van zijn badkamer op slot. De geur van drank, vooral sherry of port, maakt hen misselijk. Z.W. dronk veel, vertellen ze. Twee flessen wijn per dag, ’s middags een sherry.

Een 62-jarige ex-groepsleider – hij werkte er 24 jaar – vertelt dat hij en waarschijnlijk ook collega’s al die jaren vermoedens hadden over seksueel misbruik door de directeur. „Maar daar werd nooit over gesproken. Je kon en mocht er niks over vertellen”, zegt hij. „Als ik iets had gezegd, was ik eruit gevlogen. Z.W. was mijn baas. Iedereen hield zijn bek dicht.” In het vandaag verschenen rapport staat: „De oud-medewerkers die zijn geïnterviewd hadden geen vermoeden van ernstig seksueel misbruik.”

Het misbruik duurde bij beide mannen bijna een jaar. In 1983 verlieten ze Neerbosch. Post: „Ik woonde er maar drie jaar, maar het leken er wel tien.”

Z.W. verblijft sinds 1986 op de Filippijnen. Hij laat weten dat hij niet wil reageren. Drie slachtoffers hebben zich intussen gemeld bij het Openbaar Ministerie dat „de zaak bekijkt”. Het rapport: „Straf- en civielrechtelijke procedures zijn niet meer mogelijk.” De feiten zijn verjaard.