Vieux Farka Touré eert zijn land met meesterlijke Maliblues

Na een klein uur spelen voelt Vieux Farka Touré de behoefte om uitleg te geven. Dat er heus nog wel liedjes komen om op te dansen, maar dat hij nu eenmaal gevraagd is voor een akoestische set. De verontschuldiging is overbodig, juist de deinende Malinese blues is verbluffend harmonieus voor wie Touré voornamelijk kent van zijn soms wat overdreven rockaspiraties.

Touré speelt nummers van zijn nieuwe album Mon Pays waarop hij teruggrijpt op de Malinese muzikale rijkdom, de roots van zijn legendarische vader Ali Farka Touré. Op dat album worden zijn gitaar en stem voornamelijk begeleid door de traditionele ngoni en kora, op het podium in Amsterdam zijn die vervangen door elektrische gitaren. Zo akoestisch is de set dus niet, zeker niet wanneer de percussionist de kalebas verruilt voor het drumstel.

Touré houdt nog steeds van snelle bluesrockloopjes, hij vermengt ze meesterlijk met de Sahara-sound. Als hij er na zijn verontschuldiging toch een rocknummer in gooit, blijkt meteen hoe vlak dat klinkt vergeleken met zijn nieuwe werk. De beloofde dansnummers zijn gelukkig veel soulvoller, maar de meeste indruk maakt hij wanneer hij terugschakelt naar de traditionele sound en aandacht vraagt voor de situatie in zijn land. Eindelijk wordt het publiek in de luidruchtige club Bitterzoet helemaal stil. Alleen Touré is te horen met hartverscheurende, wiegende zang. Diezelfde Touré durfde anderhalf jaar geleden geen interviews te geven over de crisis in Mali, uit angst dat zijn beroemde familie doelwit zou worden van moslimextremisten. Nu klinkt het overduidelijk: Vieux is terug en dus is ook vader Ali even terug. Gekken die zijn geloof misbruiken zal hij, heel kalm, omver zingen.

Leendert van der Valk