Rutte wil aanhaken bij groeikanon Indonesië

Het bezoek van premier Rutte aan Indonesië moet het begin zijn van ‘iets groots’. Heeft het land Nederland nog wel nodig?

Foto AFP

Premier Mark Rutte „bewondert” het groeitempo van de Indonesische economie. Hij is „onder de indruk” van de „onvoorstelbare” opkomst van de Indonesische middenklasse. En hij heeft respect voor de internationale verantwoordelijkheid die Indonesië neemt als lid van de G20 en ASEAN, het samenwerkingsverband van Zuidoost-Aziatische staten. Op de eerste dag van het handelsbezoek van Rutte, minister Ploumen (Handel, PvdA), staatssecretaris Dijksma (Landbouw, PvdA) en ruim honderd bedrijven is de gewenste toon helder: Indonesië doet het economisch fantastisch en Nederland wil daar dolgraag van profiteren.

De druk op het bezoek is groot. De verhoudingen tussen de voormalige kolonie en kolonisator zijn doorgaans stroef en pogingen de afgelopen jaren om een warmere band te onderhouden, bleven steken. De handelsmissie, die tot en met vrijdag duurt, moet daarin verandering brengen. In alles wordt benadrukt dat de relatie tussen Indonesië en Nederland op basis van gelijkwaardigheid plaatsvindt. Over ontwikkelingssamenwerking zei minister Ploumen vanochtend: „Indonesië is een wereldspeler. Het is goed mogelijk dat Nederland en Indonesië samen in een land als Birma ontwikkelingshulp bieden. We hebben allebei andere expertise.” Met andere woorden: de tijd dat het afhankelijke Indonesië gesteund moet worden met Nederlandse ontwikkelingseuro’s is voorbij.

Maar is het nog inderdaad een relatie van gelijken? Indonesië is met 246 miljoen inwoners vele malen groter. De economie groeit met 5 procent per jaar – veel harder dan Nederland. De totale omvang van de Indonesische economie is sinds een paar jaar groter dan de Nederlandse. Bedrijven en regeringsleiders wereldwijd weten dat en doen hun best om – net als Nederland – de banden aan te halen. De Amerikaanse president Obama is hier meerdere malen geweest. Vorige maand gaf de Chinese president Xi Jinping een uitgebreide toespraak voor het Indonesische parlement. Ook de Britse premier Cameron, de Duitse kanselier Merkel en de Japanse premier Abe gingen Rutte voor in hun gang naar Jakarta. In die zin is Nederland niet alleen de vragende partij, maar sluit Rutte ook achteraan in de rij.

De spanning rond het bezoek resulteert soms in lichte paniek. Bij een onschuldige ontmoeting van Rutte met een groep Indonesische alumni van Nederlandse universiteiten werd de pers na de toespraak van de premier de zaal uitgezet. Bang voor openbare antwoorden op gevoelige vragen over mensenrechten op Papoea of Nederlandse verblijfsvergunningen voor leden van de Molukse vrijheidsbeweging RMS? Na veel aandringen en gebel tussen de ambassade en de Rijksvoorlichtingsdienst mochten journalisten weer de zaal in. Misverstand, natuurlijk zijn wij niet bang voor gevoelige onderwerpen, luidde de reactie.

In een kringgesprek beantwoordde Rutte ontspannen vragen van de oud-studenten. Leidt de eurocrisis ertoe dat er op ontwikkelingssamenwerking wordt bezuinigd? Rutte: „Wij voeren een fundamentele discussie over de toekomst hiervan.” Waarom vertrekt het Nederlandse Rode Kruis uit Indonesië? „Dat wist ik niet, maar ik zal er naar kijken.” Hoe moet de relatie tussen Nederland en Indonesië verder als dit bezoek is afgelopen? Rutte: „Dit moet het begin van iets groots worden”.