Return to Homs, een opmerkelijke aftrap van IDFA

IDFA gaat vanavond van start met de documentaire Return to Homs waarin het gewapend verzet in de Syrische stad wordt gevolgd. Volgens NRC-filmredacteur Raymond van de Boogaard doet de regisseur dat zonder kritische afstand, wat het een opmerkelijke openingsfilm maakt.

Return to Homs van regisseur Talal Derki (36) noemt Van den Boogaard “een rechttoe rechtaan liefdesverklaring aan het gewapende verzet in de stad Homs.” Van den Boogaard:

“Derki volgt, zonder enig kritisch commentaar, tussen 2011 en 2013 een groep vrienden rond de lokaal bekende voetballer Bassat. Uit voice-overteksten van de regisseur blijkt zo nu en dan zijn compromisloze bewondering voor de strijders.”

Derki woont in Damascus, maar houdt zich nu op in Turkije, dichtbij de Syrische grens. Van den Boogaard sprak hem per telefoon, hieronder een kort fragment uit het interview.

Hoe ontstond deze film?

“Ik was in 2011 in Homs toen daar de demonstraties begonnen. Elke dag gingen duizenden mensen vreedzaam de straat op en al spoedig begon het regeringsleger op demonstranten te schieten en de verbinding tussen wijken van de stad af te grendelen. Mijn hoofdpersoon Bassat, die in 2011 19 jaar was, speelde een belangrijke rol bij de demonstraties. Het leek me een goed idee hem en zijn vrienden te volgen.”

Ziet u een einde komen aan de oorlog?

“Ik ben optimistisch. Het regime heeft nu zo langzamerhand alle middelen ingezet tegen de opstand, tot chemische wapens aan toe. Maar die opstand laat zich niet bedwingen. De opstandelingen vechten door, en hebben hun leven over voor de vrijheid. Zij zullen winnen.”

Waarom laat u in beeld zien hoe strijders bij vuurgevechten worden dood- en neergeschoten?

“Omdat dat aan de lopende band gebeurt. Ik schat dat van de ongeveer 280 strijders rond Bassat aan het begin van de film, er inmiddels zo’n 70 niet meer in leven zijn. Er vallen veel doden, dat is een belangrijk deel van het verhaal.”