Kindermishandeling, voer die adviezen nou eens uit

Rapporten over kindermishandeling verdwijnen telkens in de bureaula, constateren Corine de Ruiter en Ferko Öry.

De Kinderombudsman start een grootschalig onderzoek naar de aanpak van kindermishandeling bij 408 gemeenten. Zonde van het geld. Uit de vele inspectierapporten (van Savanna tot Ruben en Julian), blijkt overduidelijk waar de schoen wringt. In vogelvlucht:

1. Kinderen bij wie mogelijk sprake is van seksueel misbruik of een andere vorm van kindermishandeling worden zelden door een daartoe opgeleide professional op letsel onderzocht;

2. Kinderen worden niet systematisch door een daartoe opgeleide politiefunctionaris verhoord. Vaak wordt geredeneerd vanuit de misvatting dat jonge kinderen niet door de politie kunnen worden verhoord;

3. Beide ouders en verzorgers dienen apart van elkaar te worden gehoord;

4. Het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling en de Raad voor de Kinderbescherming zeggen keer op keer ,,niet aan waarheidsvinding te doen”, wat onacceptabel is als de veiligheid van kinderen in het geding is;

5. Professionals missen gespreksvaardigheden om met ouders en hun netwerk samen een veiligheidsplan te maken zodat een kind veilig thuis kan blijven. Gunstige uitzondering hierop is de methodiek Signs of Safety;

6. Professionals, zoals huisartsen en psychiaters, verschuilen zich regelmatig achter privacywetgeving, terwijl voor het inschatten van het risico van kindermishandeling dergelijke collaterale informatiebronnen onontbeerlijk zijn;

7. Last but not least wordt in Nederland nooit concrete actie ondernomen na een schokkend rapport over een calamiteit. In het Verenigd Koninkrijk, daarentegen, werd het rapport van Lord Laming (na de dood van Victoria Climbié in 2003) onmiddellijk gevolgd door actie. Multidisciplinaire teams werden integraal verantwoordelijk voor de zorg voor het kind en het gezin.

De ingrijpende wetswijzigingen die de regie bij de gemeente leggen, bieden mogelijkheden voor vereenvoudiging en innovatie. De kwaliteit van het onderzoek naar vermoedens van kindermishandeling kan en moet omhoog, evenals de zorg ná het onderzoek. Na constatering van kindermishandeling is er plaats voor diverse benaderingen, afhankelijk van de zwaarte van de geconstateerde problemen: van Eigen Kracht tot verslavingstherapie voor ouders en traumabehandeling voor het kind. Maar de belangen van het kind dienen altijd centraal te staan.

De enige effectieve manier om kindermishandeling (inclusief seksueel kindermisbruik) aan te pakken is via de kindgerichte benadering, dat is een aanpak waarin onderzoek, zorg en juridische vervolging geïntegreerd zijn. In de VS zijn vanaf de jaren ’90 Child Advocacy Centers opgericht, waarin overheidsinstanties en non-profit organisaties samenwerken om jonge slachtoffers, hun broertjes/zusjes en hun ouders bij te staan. Deze centra zijn kindvriendelijk ingericht en een team van deskundigen (artsen, politie, gedragskundigen, juristen) staat klaar om de zaak te onderzoeken. In ons manifest ‘Veilige Haven‘ op Facebook schetsen we de inhoudelijke, juridische en organisatorische contouren van zo’n centrum. Hoog tijd dat er in Nederland een Veilige Haven komt voor kinderen die mishandeld worden. De Kinderombudsman kan zijn energie beter besteden aan deze innovatie. Dat rapport belandt toch wel in die bureaulade.