Meisje van 16 – wapen in de strijd tegen de Talibaan

Genomineerd voor de Nobelprijs, geëerd met de Sacharovprijs. Malala is een ster.

Bij de VN met Ban Ki-moon (links)

M alala Yousafzai (16), de jonge Pakistaanse strijdster voor het recht op onderwijs, krijgt morgen in Straatsburg de prestigieuze Sacharovprijs van het Europees Parlement uitgereikt. Zij werd een jaar geleden bij een mislukte moordaanslag door de Talibaan in het hoofd geschoten, waardoor haar gezicht deels verlamd raakte.

Malala Yousafzai is een ster. Ze sprak de Verenigde Naties toe en werd genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede. Ze ging op de thee bij de Britse koningin, sprak met Barack Obama en werd gelauwerd door Madonna en Angelina Jolie. Vorige maand werd haar autobiografie wereldwijd gepubliceerd. De 3 miljoen dollar voorschot stortte ze in het Malala Fonds, om onderwijsprojecten te steunen.

Haar leven loopt groot gevaar. Nadat haar begin oktober de Sacharovprijs werd toegekend, bezwoeren de Talibaan haar alsnog ter dood te brengen. Mullah Fazlullah, die opdracht gaf voor de eerste aanslag, werd onlangs commandant van alle Pakistaanse Talibaanstrijders.

Hoe kon een meisje uit een afgelegen vallei uitgroeien tot wereldwijd icoon voor het recht op onderwijs? Hoe kon ze zo bekend worden dat de Pakistaanse Talibaan haar als een bedreiging gingen zien? Was ze zich bewust van de gevaren?

Volgens Syed Irfan Ashraf, de Pakistaanse journalist die haar ‘ontdekte’, werd ze door journalisten aangemoedigd levensgevaarlijke uitspraken te doen. „We hadden een pop nodig, toch? Een verhaal dat de maag vulde, en dus hadden we Malala nodig. Ieder ander zou bang zijn iets te zeggen.” Hij werd na de aanslag op Malala geïnterviewd in het Amerikaanse maandblad Pacific Standard en betuigde spijt. Een Talibaanstrijder vuurde weliswaar de kogel af maar hij, de journalist, leverde het doelwit.

Malala’s gang naar wereldroem begon eind 2007, toen ze met andere meisjes te zien was op de Pakistaanse zender DawnNews. Ashraf was onder de indruk van de intensiteit waarmee ze haar recht op onderwijs opeiste. Intussen rukten de Talibaan op in ‘haar’ Swat Vallei. Moellah Fazlullah liet ‘zondaars’ publiekelijk terechtstellen. Malala was toen tien jaar en wist niets van politiek. Ze wilde arts worden.

Ashraf bezocht haar vader Ziauddin Yousafzai, directeur van een meisjesschool en haar inspiratiebron, en raakte met hem bevriend. Naar eigen zeggen was Ashraf meer een actievoerder tegen de Talibaan geworden dan een journalist. Hij bagatelliseerde het gevaar waaraan hij zijn bronnen blootstelde. Malala werd in zijn handen een wapen tegen het moslimextremisme.

Volgens een reconstructie in Vanity Fair haalde Ashraf begin 2009 Ziauddin over mee te werken aan een documentaire over de bedreiging van het onderwijs in de vallei: een gevaarlijke aangelegenheid, want moellah Fazlullah rekende onbarmhartig af met tegenstanders. Toen Ziauddin merkte dat niet alleen hij, maar ook zijn intussen elfjarige dochter uitvoerig en herkenbaar in beeld kwam, schrok hij. „Ik dacht dat jullie alleen een kort interview met haar wilden doen”, zei hij. Ashraf zette door en wist dat de Pashtun Ziauddin gebonden was aan de strenge Pashtun-code waarin vriendschap heilig is. In het korte New York Times-filmpje Class Dismissed, zegt Malala: „Ik heb een nieuwe droom. Ik moet politicus worden om dit land te redden.”

Eind 2009 maakte Ashraf voor The New York Times een langere webdocumentaire over Ziauddin en Malala. Het was nu een publiek geheim dat zij ‘Gul Makai’ was, het onder pseudoniem bloggende meisje van BBC Worlds Urdu-service. „Als een Talibanstrijder op me af komt, trek ik mijn sandaal uit en sla hem ermee in het gezicht”, zei Malala in een Pakistaanse talkshow. Een ongehoorde belediging in Azië die de Talibaan niet ontging. Na de aanslag, drie jaar later, zeiden ze dat die niet was ingegeven door haar verdediging van meisjesonderwijs, maar door haar „lastercampagne” tegen hun strijders en de „westerse propaganda” die ze verspreidde.

Na het tweede webfilmpje kreeg Malala de Pakistaanse jongeren-vredesprijs, uitgereikt door de premier, en een hoge dapperheidsonderscheiding. Er werden overheidsscholen naar haar vernoemd en ministers gebruikten haar naam geregeld. Pas later besefte Ashraf dat hij het leger het onschuldige gezicht had bezorgd waarmee ze hun keiharde campagne tegen de Talibaan konden legitimeren. „We maakten handelswaar van dit kleine, stralende meisje. Dit conflict hoort niet te worden uitgevochten door Malala, maar door mijn militairen, mijn politie.”

Ziauddin en Malala verschenen vaker in de media. Ziauddin gaf interviews op de radio, Malala op tv – in Pakistan, Canada en de VS. De aanslag, begin oktober 2012, maakte haar wereldberoemd. Ze verscheen op de shortlist van ‘Person of the Year’ in Time Magazine en Foreign Policy Magazine plaatste haar op nummer zes in zijn top-100 van Global Thinkers. Ze kreeg tientallen internationale prijzen en onderscheidingen.

Maar terwijl in het buitenland haar ster rees, begon in Pakistan haar neergang. Meteen na de aanslag was er veel sympathie. Pakistaanse schoolkinderen brandden kaarsen voor haar. ‘Ik ben Malala’, stond op hun protestborden. Maar toen haar familie asiel kreeg in Groot-Brittannië en haar vader een baan bij de Pakistaanse ambassade in Londen, veranderde de stemming. Malala’s familie zou de aanslag in scene hebben gezet om een fel begeerd, westers bestaan te kunnen opbouwen, heette het op Facebook. En waarom had ze het in haar VN-toespraak alleen over onderwijs? Waarom sprak ze zich niet uit tegen de Amerikaanse drone-aanvallen?

Malala heeft de Pakistanen niet verenigd tegen de Talibaan, zoals werd gehoopt. Voor de ruimdenkende bovenlaag, die de media domineert, is ze een heldin. Maar aanhangers van religieuze partijen zien haar als een pion van de Amerikanen. Veel Pakistanen beschouwen haar als „onpatriottisch”. Er wordt zelfs beweerd dat ze betaald zou zijn door de CIA, die met haar medeweten de aanslag op touw zou hebben gezet. Een overkoepelende organisatie van Pakistaanse privéscholen deed onlangs haar biografie in de ban, omdat ze door het boek “een werktuig in westerse handen” zou zijn geworden: de naam van Mohammed-de Profeet wordt in het boek niet gevolgd door de toevoeging Vrede Zij Met Hem.

Ze is een machtig merk. I am Malala, heet haar autobiografie. Ze spreekt soms over zichzelf in de derde persoon. „Het zal ze berouwen dat ze Malala hebben neergeschoten”, zei ze in een BBC-interview. Edelman, een van de grootste pr-bureaus ter wereld, met klanten als Microsoft en Starbucks, heeft vijf pr-specialisten ter beschikking gesteld. „Gratis”, zei een woordvoerder tegen persagentschap AFP. Er zou een maandenlange wachtlijst voor een interview zijn.

In haar optredens geeft Malala blijk van een rotsvast vertrouwen in haar missie: het promoten van onderwijs voor alle kinderen ter wereld, te beginnen in Pakistan. Daartoe wil ze premier van haar land worden, zei ze vorige maand tegen CNN’s Christian Amanpour. Die uitspraak heeft ze overigens niet herhaald, wellicht op advies van haar pr-team: ze is net zestien geworden, het zou arrogant kunnen overkomen.

Volgens mensen uit haar directe omgeving, wordt Malala niet gemanipuleerd, maar komt haar vastberadenheid voort uit haar eigen karakter en overtuigingen. De journalisten die aan de basis stonden van haar roem, betreuren het echter dat ze Malala een podium hebben gegeven. Adam B. Ellick, eindredacteur van de New York Times-video’s, twijfelt of het wel zo ethisch was. „Ik maak deel uit van een systeem dat haar aanmoedigde en bekender, brutaler en openhartiger maakte”, zei hij bij een forum in Boston.

Syed irfan Ashraf waarschuwt dat Malala opnieuw gebruikt kan worden, zeker nu ze politieke aspiraties heeft. „Het is crimineel wat ik gedaan heb”, zei hij in Vanity Fair. „Ik heb een kind van elf meegelokt.”