Het houdt een keer op gewoon

Asielzoekers wachten hun procedure maar ergens anders af Dat zegt VVD-asielwoordvoerder Malik Azmani Hij is de nieuwe troef op rechts

foto anp

Politiek Redacteur

Langer dan een jaar wachten tot de hoogste rechter een besluit heeft genomen of je in Nederland mag blijven of niet. De wachttijd tot de hoogste rechter een onherroepelijke uitspraak heeft gedaan in asielzaken, loopt soms op tot 64 weken. Hiermee krijgen mensen vanzelf valse verwachtingen over een verblijf in Nederland, zegt Malik Azmani. „Wat mij betreft wacht een vreemdeling die voor de tweede keer zo’n hoger beroepsprocedure in gaat, dat dus niet meer in Nederland af”, zegt hij.

Malik Azmani is asielwoordvoerder voor de VVD in de Tweede Kamer sinds het tweede kabinet-Rutte van start ging. Hij moet het stevige, rechtse geluid over immigratie uitdragen. Verantwoordelijk staatssecretaris Teeven, óók VVD en normaal gesproken hardliner, voert zijn beleid immers mede namens de PvdA. En die vindt dat de overheid al snel de morele plicht heeft kwetsbare mensen onderdak te bieden.

Morgen maakt Azmani, bij de begrotingsbehandeling van het ministerie van Veiligheid en Justitie, een punt van de in zijn ogen te lange juridische procedures voor asielzoekers. Het gaat hem vooral om de procedures van mensen die een tweede, derde of zelfs vierde aanvraag voor een verblijfsvergunning doen. „Als de Immigratie- en Naturalisatiedienst die verzoeken binnen één dag kan afhandelen, moet de rechter dat ook lukken.”

De procedures zijn toch al korter dan een paar jaar geleden?

„Bij de IND wel, maar aan de achterkant van de procedure niet. Volgens mij zijn de lange procedures juist réden voor advocaten om een herhaalde aanvraag voor een asielprocedure te doen. Bij zo’n opvolgende aanvraag zijn dan extra documenten opgedoken ten opzichte van de eerste keer. Identiteitspapieren of zoiets, waardoor de vreemdeling een tweede keer wél in aanmerking zou komen voor een verblijfsvergunning. Het eerste half jaar van 2013 verdrievoudigde het aantal tweede en volgende aanvragen ten opzichte van 2009, tot 1.490 aanvragen. Mogelijke nieuwe documenten zijn gewoon een vals voorwendsel om tijd te rekken.”

Wat moet staatssecretaris Teeven volgens u doen?

„Ik kom met suggesties om die lange wachttijden in te korten. Rechtbanken kunnen volgens mij herhaalde aanvragen veel vaker zonder zitting afdoen. Rechtbanken plannen daar nu standaard een zitting voor in, volgens mij moeten ze dat alleen nog doen bij de ingewikkelde zaken.

„We zouden ook kunnen overwegen om het hoger beroep bij zulke tweede aanvragen alleen mogelijk te maken als de vreemdeling dan in het buitenland de procedure afwacht. Zo iemand hééft dan het hele proces van zo’n aanvraag immers al eens doorlopen. Hiermee ontmoedigen we het instellen van een hoger beroep. Want advocaten stellen nu vaak nodeloos hoger beroep in, hun verzoek wordt vaak afgewezen, maar zij krijgen er toch gesubsidieerde rechtsbijstand voor en verdienen er zo een boterham mee.”

Waar moeten die vreemdelingen hun zaak dan afwachten?

„Dat maakt mij niet zoveel uit. In hun land van herkomst lijkt me logisch. We moeten de wet zo aanpassen dat vreemdelingen na beroep de plicht hebben Nederland te verlaten. Als deze mensen hier hun beroep kunnen afwachten, zitten ze alleen maar weer langer onnodig in twijfel. Dan krijgen ze weer meer binding met Nederland en doen ze bovendien langer een beroep op onze voorzieningen. Na drie, vier keer een nieuwe asielaanvraag houdt het gewoon een keer op.”

Wat vindt u dan van PvdA-burgemeester Van der Laan van Amsterdam, die meer mogelijkheden eist voor opvang van ongedocumenteerden?

„Dat vind ik een slechte oproep. Kijk, ook ik kan me best voorstellen dat mensen schaamte ervaren bij terugkeer, en niet terugdurven als hun familie een ticket naar Nederland voor hen heeft betaald. Het is onzin dat ik die menselijke kant niet zie. Maar toen ik een jaar geleden begon met deze asielportefeuille, werd ook net het tentenkamp bij de Notweg in Amsterdam opgezet. En nu zijn die mensen nog steeds in Nederland. Dat laat wel zien dat het noodverbandje dat die gemeenten aanleggen, niet werkt.”

Dus gemeenten moeten die mensen op straat zetten?

„Ook dat is een mythe, dat die mensen op straat terechtkomen. Voor mensen die meewerken aan terugkeer naar hun land van herkomst, bíédt de staatssecretaris opvang en valt er van alles te regelen. Maar de meesten wíllen helemaal niet terug, al weten ze dat ze dat wel kunnen. En inderdaad, mensen die hier niet weg willen terwijl ze zijn uitgeprocedeerd, die moeten gemeenten niet belonen door alsnog opvang te bieden. Gemeenten hadden hun handen allang van deze mensen moeten aftrekken, ze durven dit niet los te laten.”