EU-landen willen chemische wapens niet vernietigen

Er blijven steeds minder opties over voor de vernietiging van het gifgas van Syrië. De EU wil de wapens niet. Wie wel?

De vernietiging van de chemische wapens van Syrië loopt mogelijk vertraging op nadat gisteren bleek dat geen van de 28 lidstaten van de Europese Unie bereid is het gifgasarsenaal op eigen grondgebied te ontmantelen. Verschillende ministers van Buitenlandse Zaken, die voor overleg in Brussel waren, stelden voor de wapens dichtbij Syrië te vernietigen, of zelfs in Syrië.

België werd gezien als goede kandidaat nadat Albanië vrijdag zei dat ze het gifgas niet kunnen verwerken. Maar de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders haalde de optie gisteren van tafel. „Ik zie niet voor me hoe we de wapens over lange afstand naar ons moeten vervoeren”, zei hij in Brussel. „En dat betreft niet alleen België, maar ook andere Europese landen.”

Zijn Nederlandse ambtsgenoot Frans Timmermans bevestigde dat de EU-landen de chemische wapens niet kunnen of willen verwerken. „Er is geen lidstaat naar voren gestapt om te zeggen ‘Okay, geef ons het spul’”, zei Timmermans volgens persbureau AP tegen journalisten.

Daarmee resteren er steeds minder alternatieven voor de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag, die de ontmanteling van het Syrische gifgas leidt nadat het regime van Bashar al-Assad daarmee instemde onder dreiging van Amerikaanse bommen.

President Assad, die waarschijnlijk chemische wapens heeft ingezet in de ruim twee jaar durende burgeroorlog, werkt mee aan een plan om het arsenaal van zo’n 1.300 ton gifgas, waaronder sarin en mosterdgas, te vernietigen. Maar de OPCW moet nog altijd een land vinden dat de risicovolle ontmanteling kan uitvoeren. Eerder viel Noorwegen af.

Minister Timmermans stelde gisteren voor de aanpak om te draaien. „In plaats van de chemische wapens uit Syrië te vervoeren naar vernietigingsinstallaties, kan men de installaties misschien naar de wapens brengen ”, zei hij.

De OPCW vindt vernietiging binnen Syrië geen alternatief. „De Syriërs hebben gezegd dat ze dat niet willen vanwege het gebrek aan veiligheid en omdat ze de technische mogelijkheden niet hebben”, reageerde een woordvoerder van de OPCW per telefoon.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry zei gisteren dat er naar „twee alternatieven” wordt gekeken, zonder namen van landen te noemen. Ook de OPCW wil daar niet op ingaan.

De OPCW, dit jaar winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede, maakte vrijdag bekend dat ze de chemische wapens voor 30 juni volgend jaar willen ontmantelen, op de „veiligste en snelste manier”. De organisatie vernietigde tot nu toe meer dan 60 procent van de projectielen voor het afschieten van gas. Op 15 december wordt begonnen met het afbreken van de 23 gifgasfabrieken die Syrië heeft opgegeven aan inspecteurs.

Voor de ontmanteling van de chemische wapens is onder meer de veilige opslag van het restafval nodig. België leek een goede bestemming vanwege zijn installaties voor de vernietiging van gifgas uit de Eerste Wereldoorlog, net als Frankrijk.

Meerdere EU-landen, waaronder Nederland en Duitsland, hebben opgeroepen meer geld te geven voor de ontmanteling. Tot nu toe hebben regeringen 10,4 miljoen gedoneerd. Noorwegen heeft schepen aangeboden om de wapens op te halen uit Syrië.

Maar het blijft de vraag welke haven het gifgas wil ontvangen.