De smoezen van de superboogschutter

Superheld de Groene Pijl: krukkige dialogen en flitsende acties, net als in de strip.

Een handvol stuiterende tennisballen schiet hij met vijf pijlen aan de muur. Hij verdwijnt zonder dat iemand iets hoort uit een straat, of door een openstaand raam. In opgefokte actiefilms is niks te gek, maar toch bekruipt je bij de serie Arrow het gevoel dat de held wel heel veel krachten worden toegedicht. De man is een beetje een stripfiguur. En dat klopt ook. Hij is gebaseerd op een creatie van DC Comics: The Green Arrow.

Zijn nieuwe incarnatie leent veel van de in 1941 bedachte superheld: zijn levensloop, zijn duivelse boogschutterskunst en zijn gedrevenheid om de slechtheid in de wereld te bestrijden.

De televisieserie is ook gemaakt in de geest van een ouderwetse strip. Dat laat zich het sterkst voelen bij de teksten voor de personages. Budget voor een dialogenschrijver werd kennelijk niet nodig geacht. En aangezien de cast hoofdzakelijk is samengesteld uit tweederangs acteurs doet deze serie bij vlagen pijn aan ogen en oren.

Die defecten worden ruimschoots goedgemaakt door de slimme, zuinige manier waarop de makers je deelgenoot maken van de geheimen in het verhaal. Dat gebeurt langs twee tijdlijnen, in heden en verleden. Hoofdpersoon Olivier Queen is een miljardairszoon, die met zijn vader schipbreuk lijdt en als enige overleeft. Na vijf jaar op een onbewoond eiland keert hij terug in de bewoonde wereld.

In het heden is hij voor zijn omgeving nog de losbandige playboy, maar hij is radicaal veranderd. Bij nacht hult hij zich in zijn groene jack met capuchon en verandert hij in de mysterieuze boogschutter die jacht maakt op criminelen die zijn stad terroriseren. Hun namen staan in het boekje dat zijn vader hem vlak voor zijn dood gaf.

Dat dubbelleven dwingt hem voortdurend afwezig te zijn en smoezen te verzinnen. Zijn moeder, zus, beste vriend en ex-vriendin begrijpen al snel niet meer wat ze met hem aanmoeten.

In flashbacks wordt langzaam duidelijk hoe hij op het eiland van weke nietsnut tot indrukwekkende spierbundel en tovenaar met de boog is uitgegroeid. Het eiland blijkt allesbehalve onbewoond.

De spanning wordt verder gevoed door het gegeven dat de kijker op één punt meer weet dan Queen en dat is over de kwade rol van zijn moeder. Zij is nauw verbonden met het netwerk aan schurken dat hij bestrijdt.

Langs die lijnen ontpopt Arrow zich tot een opwindend en lekker vet avontuur, met veel vaart en smaak verteld. Dan kijk je dus niet op een slordigheid meer of minder. De gespletenheid van de held is misschien aan acteur Stephen Amell niet besteed, hij imponeert wel elke aflevering met zijn blote torso en krachttraining. En wat deert het dat de morele vraag over Queens dodelijke acties in de lucht blijft hangen als je zulke fijne, groteske schurken hebt? Onder wie andere geniale boogschutters, om maar iets te noemen.

In stripboeken leeft The Green Arrow na zeventig jaar nog voort. Op tv is Olivier Queen inmiddels een tweede seizoen gegund en dat is goed nieuws.