Wie mag in Egypte de revolutie claimen?

Morgen demonstreren loyalisten van het leger én van Morsi

Foto reuters

Egypte houdt van symbolische data, en morgen, dinsdag 19 november, is een dag die kan tellen. Het is de tweede verjaardag van de rellen van de Mohammed Mahmoudstraat, de 59ste verjaardag van legerleider Al-Sisi én Egypte speelt thuis tegen Ghana in een beslissende kwalificatiewedstrijd voor het WK voetbal.

Vooral rond de herdenking van de Mohammed Mahmoudstraat, vlakbij het Tahrirplein, lopen de emoties op. In november 2011 demonstreerde daar een groepje mensen die gewond waren geraakt tijdens de opstand tegen president Mubarak. Er ontstonden straatgevechten met de politie en het leger, dat zich leek vast te klampen aan de macht. Er vielen 47 doden en zo’n drieduizend gewonden.

Twee jaar later hebben in Egypte vrije verkiezingen plaatsgevonden, maar de verkozen president, Moslimbroeder Morsi, is op zijn beurt afgezet en het leger heeft het opnieuw voor het zeggen.

Rond de herdenking van Mohammed Mahmoud woedt nu een oorlog over wie de Egyptische ‘revolutie’ kan claimen: zij die in 2011 president Mubarak ten val brachten, of zij die dit jaar Morsi ten val brachten.

Verwacht wordt dat beide partijen morgen op het Tahrirplein zullen betogen. ‘Kamel Gemeelak’, de campagne die wil dat legerleider Al-Sisi zich kandidaat stelt voor de presidentsverkiezingen, wil deze dinsdag solidariteit tonen met het politie en het leger. Dat is een affront voor de families en de sympathisanten van de slachtoffers van de Mohammed Mahmoudstraat.

Wat het nog ingewikkelder maakt, is dat ook de Moslimbroederschap de herdenking wil aangrijpen om te betogen tegen de coup die Morsi dit jaar ten val bracht.

Dat is niet naar de zin van zij die in de Mohammed Mahmoudstraat tegen de politie hebben gevochten. De Moslimbroederschap had zich destijds juist afzijdig gehouden. Het concentreerde zich liever op de verkiezingen die er zaten aan te komen.

„Iedereen is in de war”, zegt Ammar Abu Bakr, een graffitikunstenaar die naam maakte met portretten van de ‘martelaars’ van de Mohammed Mahmoudstraat. „Wij willen niet geassocieerd worden met de Moslimbroederschap. Maar wij willen de straat ook niet afstaan aan de aanhangers van politie en leger. Dat is te pijnlijk.”

Een pas opgerichte beweging die de doelstellingen van de oorspronkelijke opstand van 2011 wil vrijwaren, zei zaterdag dat zij „niet zal toestaan dat onze revolutie wordt gestolen door de aanhangers van het leger of die van de Moslimbroederschap”.

Het regime gooide de voorbije dagen nog olie op het vuur door twee gedenktekens op te richten. Het ene staat bij de Rab’a al-Adawiya-moskee, waar op 14 augustus honderden aanhangers van Morsi werden gedood door de ordediensten. Het vertolkt de gedachte dat de politie en het leger als ‘één hand’ het Egyptische volk beschermen, een populaire slogan onder aanhangers van het leger.

Het andere gedenkteken zou vandaag onthuld worden op het Tahrirplein. Het moet alle martelaars van de ‘revolutie’ herdenken, zonder onderscheid. Dat de doden van de Mohammed Mahmoudstraat juist vielen op een moment dat het leger aan de macht was, wordt even genegeerd.

Een gevoelig punt is dat de politie, waarvan het wangedrag juist een belangrijke aanleiding was voor de opstand van 2011, nooit hervormd is. Het is afwachten hoe de politie, die zich gesterkt voelt door de coup, zal reageren op eventueel protest.

Overigens krijgt de politie het morgen wel heel erg druk. ’s Avonds speelt Egypte immers thuis tegen Ghana, nadat het eerder een vernederende 6-1- nederlaag leed. Egypte moet morgen minimaal vijf keer scoren wil het meedoen aan het WK voetbal in 2014.

Rond de wedstrijd zijn indrukwekkende veiligheidsmaatregelen gepland, ook om de Ghanese spelers te beschermen. Er worden 10.000 ordetroepen ingezet voor 10.000 toegelaten supporters. De wedstrijd vindt plaats in een militair stadion, dat is genoemd naar ‘30 juni’, de dag dat miljoenen Egyptenaren tegen Morsi de straat opkwamen.