Recordaantal startbewijzen voor Sotsji

Mannenkwartet verspeelt bij olympisch kwalificatietoernooi zege door val van Sjinkie Knegt

De Nederlandse shorttrackploeg heeft een recordaantal startbewijzen geboekt voor de Olympische Spelen van Sotsji.

Bij het laatste van twee olympische kwalificatietoernooien stelde de nationale ploeg van bondscoach Jeroen Otter afgelopen weekeinde in het Russische Kolomna zeventien van de twintig startbewijzen veilig. Daaronder zitten ook de twee belangrijkste nummers in de sport: de aflossing voor mannen en vrouwen.

Tijdens de Spelen mag elk land per afstand maximaal drie rijders afvaardigen. Daarbij gaat het om de 500 meter, de 1.000 meter en de 1.500 meter. De Nederlandse mannen misten één ticket: de derde man op de 1.500 meter. De vrouwen hebben slechts twee rijdsters op de 1.000 en 1.500 meter.

Daarmee kon Otter met een goed gevoel terugkijken op de kwalificatietoernooien voor Sotsji. „We hebben alle startposities gehaald die we wilden – op één na: de derde plek op de 1.500 meter bij de mannen. Maar ik ben tevreden”, zei hij tegen de NOS. Hij denkt dat een aantal van zijn rijders klaar is om in Sotsji finales te schaatsen. „Alle ingrediënten zijn daarvoor aanwezig: kracht, goed kunnen uitversnellen, blokkeren, aanvallen, starten, finishen, overzicht houden.”

In Vancouver (2010) kwam de Nederlandse ploeg nog met zeven shorttrackers uit op twaalf nummers. De mannen kwalificeerden zich destijds niet voor de aflossing. Nu, vier jaar later, zijn Sjinkie Knegt, Niels Kerstholt, Daan Breeuwsma en Freek van der Wart een serieuze kandidaat voor een olympische medaille, misschien zelfs voor goud.

Maar in Sotsji zal het beter moeten gaan dan gistermiddag in Kolomna. In de finale, met de teams van de Verenigde Staten, Zuid-Korea en Rusland, leek het Nederlandse kwartet in de laatste twee ronden af te stevenen op goud, totdat het noodlot toesloeg. In de allerlaatste bocht ging afmaker Knegt onderuit, waardoor Nederland als vierde en laatste eindigde, achter de Amerikanen (goud), de Russen (zilver) en de Koreanen (brons). De frustratie was groot, maar tijdelijk. Zulke calamiteiten horen bij shorttrack.

De zinderende finale toonde ook aan hoe klein de verschillen zijn tussen de vier beste ploegen ter wereld. Op een goede dag, en dat leek het gisteren te zijn voor Nederland, kan de ploeg alle concurrenten verslaan.

Dat geldt niet voor de aflossingsploeg bij de vrouwen, die gisteren teleurstelde in Kolomna. Jorien ter Mors, Lara van Ruijven en de zusjes Yara en Sanne van Kerkhof eindigden als achtste, na een valpartij en een straf in de halve finale.

Toch was kopvrouw Ter Mors niet ontevreden over de kwalificatieraces. In Kolomna was ze verre van fit, na het loodzware programma dat ze de afgelopen weken afwerkte. Om zoveel mogelijk startbewijzen voor Nederland binnen te slepen, startte ze in Turijn en Kolomna op alle nummers. Omdat die inspanningen fysiek hun tol eisten, trok de Twentse zich zaterdag grieperig terug voor de halve finale van de 1.500 meter. Ze was al verzekerd van starts op alle nummers in Sotsji.

Het volgende punt op haar lange to-do-lijst is het olympisch kwalificatietoernooi langebaan, eind december in Thialf. Als langebaanschaatsster wil ze rijden op de 3.000 meter, de 1.500 meter – ze is nationaal kampioene – en de ploegachtervolging. Daarmee zou ze in Sotsji uitkomen op zeven onderdelen in twee verschillende sporten.