De voeten van El Tigre maken Colombia weer blij

De held van Colombia, tegenstander van Oranje, trainde tussen de bladeren bij SV Rap. „Als de wedstrijd begint, is hij niet meer Falcao. Dan is hij El Tigre.”

Spits Radamel Falcao trainde zaterdag met de rest van de Colombiaanse selectie in Amstelveen. „Zijn kracht is de opperste concentratie, die scherpte, de hele wedstrijd lang. Ineens is hij dodelijk.” Foto Bastiaan Heus

De mist hangt zaterdag rond het middaguur nog over de Amstel. Op veld twee van sportpark Het Loopveld speelt SV Rap 6 tegen AFC 12, en bij het inschieten van de keeper butst een bal via de lat over het hek, de plomp in. Een alledaags Hollands amateurvoetbaltafereel, behalve dan dat een veld verderop de selectie van Colombia traint – volgens de FIFA-ranglijst de op drie na beste nationale ploeg van de wereld. Met een van de meest doeltreffende spitsen van het moment: Radamel Falcao García Zárate. El Tigre.

Het is waterkoud, niet zo gek dus dat er maar één Colombiaan in korte broek traint. Maar waar is El Tigre? Hij komt wat later uit de kleedkamers van de Amstelveense amateurclub. Kennelijk een pijntje overgehouden aan de gewonnen oefenwedstrijd (2-0) van donderdag tegen België. Hij doet alles even een tandje minder intensief en laat zich tijdens het grootste deel van de training behandelen op een matje, tussen de herfstbladeren in een hoek van het hoofdveld.

Morgen speelt Falcao (27) in de Arena tegen Oranje. Hij is de held van Colombia, dat zich voor het eerst sinds de jaren negentig weer heeft geplaatst voor een WK. Destijds werd het land geteisterd door escalerend drugsgeweld en de voortdurende burgeroorlog. De moord op verdediger Andrés Escobar, na zijn fatale eigen doelpunt op het WK van 1994, was een dieptepunt in de geschiedenis van het Colombiaanse voetbal.

Het tegenwoordige Colombia verblijdt zich met de voeten van Falcao, de superspits die eenderde van de 27 goals maakte in de Zuid-Amerikaanse kwalificatiegroep. Hij was al eens eerder in Nederland, in de zomer van 2005, tijdens het WK voor spelers onder de twintig jaar. Maar Falcao, net voor het toernooi gedebuteerd bij het Argentijnse River Plate, was slechts reservespits van Colombia. Hij mocht invallen, bijvoorbeeld in de de achtste finale tegen de latere kampioen Argentinië. Daar speelde de achttienjarige Lionel Messi, die toen al was doorgebroken bij FC Barcelona. Falcao, negentien jaar toen, had tijd nodig.

Falcao komt uit Santa Marta, de noordelijke kustplaats waar ook de Colombiaanse voetbalicoon Carlos Valderrama, ‘de blonde Gullit’ , vandaan komt. „Maar hij heeft daar maar twee jaar gewoond. Zijn vader [die zijn zoon vernoemde naar de Braziliaanse WK-speler Falcao] was profvoetballer, dus het gezin verhuisde vaak”, zegt de Colombiaanse voetbaljournalist Andrés Marocco van sportzender ESPN Latinoamérica. „Valderrama had dat relaxte, alles op zijn tijd – typisch voor mensen uit Santa Marta. Falcao is anders: gedreven, hardwerkend. Zijn kracht is de opperste concentratie, die scherpte, de hele wedstrijd lang. Ineens is hij dodelijk.”

Ergens onderweg, bij FC Porto en later Atlético Madrid, is de spits een roofdier geworden in het zestienmetergebied. „De Falcao van River Plate herken ik bijna niet meer”, zegt Morocco. Op de dag van een wedstrijd is Falcao ’s ochtends hartelijk, ’s middags al wat stiller en ’s avonds totaal in zijn eigen wereld, vertelde een staflid van Atlético Madrid eens in El País. „Als de wedstrijd begint, is hij niet langer Falcao. Dan is hij El Tigre.”

Ook Piet de Visser zag dat Falcao pas later in zijn carrière echt loskwam, bij FC Porto. „Hij heeft vooral mentaal forse stappen gemaakt.” Maar meer wil de meesterscout niet kwijt over Falcao, een speler die hij als kenner van het Zuid-Amerikaanse voetbal al jaren geleden op zijn radar had staan. De Colombiaan staat op de scoutingslijst van Chelsea, en De Visser werkt voor die Engelse club. „Dus mag ik er niet te veel over zeggen”, legt de 79-jarige voormalig scout van PSV uit. Geen geheim natuurlijk: iedere club heeft interesse in Falcao. Chelsea-trainer José Mourinho was donderdag in Brussel op bezoek, en Falcao scoorde maar weer eens.

Waarom speelt hij niet al bij zo’n topclub? Hij koos deze zomer voor AS Monaco, dat dit seizoen weer teruggekeerd is in de hoogste divisie in Frankrijk. Was het om het geld? Nee, zei hij zelf. Het was omdat zijn grote voorbeeld Thierry Henry ooit bij AS Monaco begon. Hoe dan ook is het aan de Middellandse Zee goed verdienen sinds de Russische kunstmestmiljardair Dmitri Rybolovlev de club overnam.

Falcao is ook in dat opzicht de moderne voetballer: iemand die niet automatisch voor de beste club kiest. Zijn transferrechten zijn in beheer van een aantal firma’s, en zo is zijn naam synoniem geworden voor het fenomeen third party ownership. Investeerders die gebaat zijn bij grote transfersommen (zoals de 52 miljoen euro die AS Monaco betaalde) en bij de omloopsnelheid van een speler – precies de reden waarom de UEFA zo tegen deze praktijk van ‘eigendom’ is. Zou Falcao het echt allemaal zelf beslissen? Vast wel.

Maar toch: door zijn keuze voor Europese subtoppers heeft hij pas acht wedstrijden in de Champions League gespeeld, in 2010 met FC Porto. Derk Boerrigter (voorheen Ajax, nu Celtic) heeft er al dertien, om maar iemand te noemen. In de schaduw van de Champions League won Falcao twee keer achter elkaar de Europa League (2011 en 2012), als topscorer. Alom erkend als een van de gevaarlijkste ‘nummer negens’ ter wereld, maar met 27 jaar is hij op het WK in Brazilië toch nog een beetje nieuw op het allerhoogste podium.

De tientallen Colombiaanse fans in Amstelveen krijgen na de training loon naar wachten. Sommigen waren al om acht uur ’s ochtends op het complex van SV Rap. De rest van het Colombiaanse team zit al in de bus als Falcao nog geduldig langs de lenzen van camera’s en mobiele telefoons glijdt. El Tigre neemt de tijd.