De Tweede Kamer als schouwtoneel

Dertien weken lang hingen vier acteurs en hun regisseur rond in Nieuwspoort en het Tweede Kamergebouw. Ze maken een voorstelling over het belang van politiek en pers. „Wat had ons kunnen verzadigen? Wat hoopten wij te vinden in Den Haag?”

De makers van ‘Nieuwspoort op safari in de Kamer. Casper Vandeputte, Reinout Scholten en Joris Smit Hannah Hoeksta en Sallie Harmsen sprekenRutger Castricum van PowNed. Reinout Scholten en Joris Smit volgen journalistGerard Beverdam van het Nederlands Dagblad tijdens zijn werk. Foto’s David van Dam

‘Geacht publiek’, beginnen ze de voorstelling. Niet zoals in het circus (‘hooggeëerd publiek!’), maar zoals in de Tweede Kamer: ‘Geachte voorzitter’. De taal is ook verder van het stroeve ambtelijke soort, zoals we in de Kamer dikwijls horen bezigen, met woorden als ‘onderkennen’, ‘derhalve’ en ‘alvorens’. „Ik stel voor, geacht publiek”, zegt actrice Hannah Hoekstra, „dat we snel overgaan tot het maken van theater en het daadwerkelijk spelen van de voorstelling.”

Die voorstelling is Nieuwspoort, van het Nationale Toneel. Nieuwspoort is het verslag van vijf jonge theatermakers van hun tijd als ‘Nieuwspoort-rapporteur’. Ter bevordering van de transparantie draait elk jaar een buitenstaander een aantal weken mee in en rond Nieuwspoort, de sociëteit van de Tweede Kamer, waar pers, voorlichters en politici elkaar ontmoeten, en doet verslag in de vorm van een boekje. Wat valt de buitenstaander op? Hoe erg is het gesteld met belangenverstrengeling en achterkamertjespolitiek? Wat kan anders, beter? Na onder anderen Joris Luyendijk, Bart Eeckhout en Marc Hertogh doen nu schrijver/regisseur Casper Vandeputte en acteurs Hoekstra, Sallie Harmsen, Joris Smit en Reinout Scholten van Aschat verslag van hun bevindingen – in de vorm van een voorstelling. Hun gezelschap, het Nationale Toneel, is immers gevestigd op een steenworp afstand van de Tweede Kamer, dus het werd tijd de banden aan te halen.

Anderhalve meter boeken

Dertien weken liepen ze er rond. Ze spraken Kamerleden, voorlichters, spin doctors en journalisten. Ze volgden een mediatraining en maakten het reilen en zeilen mee op de redactie van Pauw & Witteman. Ze hebben ‘off the record’ gesproken met invloedrijke politici van wie ze de naam niet mogen noemen, waren bij de Algemene Beschouwingen, hingen rond tussen de twitterende persoonlijk assistenten (p.a’s) van Kamerleden, en achtervolgden buiten de plenaire zaal Ron Fresen, Dominique van der Heyde of Rutger Castricum, als die op hun beurt weer Diederik Samsom of Geert Wilders achtervolgden. En ze lazen „anderhalve meter boeken”, van onder anderen Rob Wijnberg, Bas Heijne, Peter Kee, Joris Luyendijk en Pieter van Os, over de verstrengeling van politiek en media.

En dan, wat doe je met al dat materiaal? Nieuwspoort moest geen betweterig stuk worden, vonden ze, niet te documentair, en zeker geen gemakzuchtige persiflage als Koefnoen. Een heel vroeg voorbeeld voor Vandeputte was televisieserie Newsroom, waarin een groep jonge journalisten op integere wijze inhoudelijke televisie probeert te maken, tegen kijkcijfereisen en commerciële concurrentie in. Newsroom zit dicht op de huid van de actualiteit, maar dat heeft Vandeputte bij het schrijven van Nieuwspoort losgelaten. „Wat is gebleven is de jeugdige energie, en de oprechte interesse. Wij kiezen geen cynische invalshoek. Niet: wat deugt er allemaal niet, maar: wat kan ons wel inspireren?”

‘Aanklagen’ vonden ze, dat wordt al zoveel gedaan. Vandeputte: „Ik wil geen salonpopulist zijn.” Daarom sparen ze ook zichzelf niet in het stuk. Dat ze afstand en argwaan voelen ten opzichte van de politiek, ligt dat niet deels ook aan henzelf? Als je alleen het Twitterverslag van Pauw & Witteman afwacht, dan krijg je de belangrijke informatie ook niet te horen. Openhartig onthullen de acteurs in de voorstelling hun eigen onwetendheid en weerzin. Harmsen: „Geacht publiek, ik kan slechts constateren dat politiek Den Haag mij niet inspireert [...] Van een ontmoeting met Jan Kees de Jager, geacht publiek, gaat mijn hart niet sneller kloppen.”

Hannah Hoekstra: „Geacht publiek. Wie is Jan Kees de Jager?”

Wandelende dossiers met een mening

Maar als ze eerlijk zijn, is wat overbleef na die dertien weken meelopen en rondvragen allereerst: ontzag.

Vandeputte: „We hadden geen idee hoe hard Kamerleden moesten werken. De kritiek is altijd dat in de politiek alles te zeer op de waan van de dag is gericht, maar als je weet hebt van alle dossiers die Kamerleden moeten kennen, wordt de snelheid en efficiëntie waarmee ze werken en praten heel begrijpelijk. Het is hup, quote, en dóór. Natuurlijk is er dan weinig ruimte voor bezinning, diepgang of langere lijnen. Maar dat is ook onbevredigend: Kamerleden zijn natuurlijk meer dan wandelende dossiers met een mening.”

Daarom wilden de vijf, los van de praktische feitelijke zaken – wat doe jij hier, hoe werkt dat precies? – van hun gesprekspartners ook heel andere dingen weten. Wat is je grootste droom, waar ben je bang voor, ben je gelukkig? Meerdere dinsdagen na het vragenuurtje in de Kamer hingen de makers rond bij de ‘patatbalie’: Haags jargon voor het stukje overloop buiten de plenaire zaal waar journalisten en politici elkaar ontmoeten voor hun rituele rondedans. Daar stelden ze hun existentiële vragen aan onder meer de p.a.’s van Sharon Dijksma en Sybrand van Haersma Buma. De eerste is bang dat er zomaar een boom op je hoofd valt, de tweede droomt van ongestoorde vakanties met zijn gezin. Maar om ze te stellen aan ‘de Big Five’ (de makers spreken vaker in safaritermen over hun ‘reis’ door de Kamer), terwijl die zich omringd door camera’s en microfoons een weg door de meute banen, dat is natuurlijk andere koek. Vandeputte: „Dat is eigenlijk gewoon niet gelukt.”

Acteur Joris Smit vertelt in de voorstelling hoe hij per ongeluk opeens tot het gevolg van een wegbenende Pechtold behoort. Een paar journalisten stellen de D66-leider vragen, en bij het antwoorden kijkt Pechtold steeds Smit aan, in de veronderstelling dat die ook een journalist is. Smit: „En ik wil alleen maar zeggen: Alexander, zullen we een fles wijn leegzuipen en elkaars mooiste gedichten voorlezen en daarna keihard van een berg afhollen? Maar ik klapte dicht en liep weg. “

Hun reisverslag kent een paar van dit soort anekdotes. Zoals dat Vandeputte op de VNO/NCW-borrel opeens werd voorgesteld aan Mark Rutte. Als hij hem zijn plannen voor de voorstelling vertelt, geeft Rutte hem vaderlijk advies. „Weet je wat jij moet doen? Gewoon, Shakespeare.” Vandeputte probeert nog: maar Shakespeare schreef ook over de macht van zijn tijd, maar het gesprek is alweer voorbij.

Of hoe Reinout Scholten van Aschat Geert Wilders observeerde. Hoe Geert, die gewoon een beetje staat te kletsen en twitteren, voor de camera tot ‘Wilders’ transformeert. „Ik zie hem aangaan! […] Handen over elkaar, hij gaat rechtop staan, begint heel boos te kijken en ratelt zijn tekst vier keer achter elkaar. Het ziet er heel vreemd uit, heel onnatuurlijk.” Vandeputte: „Maar Reinout veroordeelt dat verder niet. Dat zou te makkelijk zijn. Hij observeert, en hij ziet een acteur aan het werk.”

Dat was voor de vijf een ontdekking, hoe goed Wilders het mediaspel beheerst. Vandeputte: „Hij zegt echt vier keer hetzelfde, maar steeds net anders, zodat elke journalist er een eigen zinnetje uit kan pikken.”

De makers maakten mee hoe bepalend korte quotes zijn voor radio en tv. „We waren bij BNR, en die worstelden met een citaat van Roemer. Hij had verreweg het beste verhaal, scherp, inhoudelijk, overtuigend. Maar het was te lang en er was niet één lekkere quote uit te knippen.”

Nieuw is het niet, maar het inzicht dat het echte politieke bedrijf iets heel anders is dan wat wij er op tv van zien, was toch opzienbarend. Vandeputte: „Tijdens de Algemene Beschouwingen zagen wij in de plenaire zaal dat Kees van der Staaij van de SGP echt het momentum had. Hij kwam op voor de belangen van grote gezinnen, en wij voelden zijn invloed en overredingskracht. Veel van wat hij wilde kwam ook terecht in het akkoord. Maar dat zie je niet terug op tv. Daar zie je alleen dat Pechtold Wilders weer in de haren vliegt.”

Essentiële vragen

Algauw willen de makers in hun voorstelling echter weg van de anekdotiek, weg van de mediawerkelijkheid, weg zelfs van de huidige invulling van ons politieke systeem. „Wij krijgen dertien weken de tijd om met dit onderwerp bezig te zijn, veel meer dan journalisten en politici. Dan moeten we natuurlijk wel een verdiepingsslag maken.” Ook zij werden al snel zo in beslag genomen door de dagelijkse actualiteit dat ze voorbij gingen aan heel essentiële vragen. „We moesten echt uitzoomen; waar gaat het hier over? Over de werking van democratie. Los van de praktische, dagelijkse shit, van de poppetjes die nu de belangrijke posities innemen; wat doen die politici en journalisten hier eigenlijk überhaupt? Waarom hebben we dit systeem ook alweer?”

Om die reden zit er in Nieuwspoort een lange verhandeling over de oude Grieken en de eerste wetten van de Griekse denker Solon. Vandeputte: „Wat me tijdens onze research eigenlijk nog het meest opviel en ergerde, was hoe politici zich alsmaar uitputten om te laten zien dat ze gewone mensen zijn: kijk, wij zijn toch heel benaderbaar en normaal? Maar dat wil ik helemaal niet. Ze hebben juist een heel bijzondere positie, en die brengt bijzondere verplichtingen met zich mee.”

Zo eindigt de voorstelling, met een positieve noot, en een opdracht. „Democratie is ongelofelijk belangrijk en ook de waakhondfunctie van de journalistiek is waardevol. De meeste journalisten en politici doen hun werk voor the greater good, dat geloof ik echt. Dat wil niet zeggen dat je er geen kritiek op kunt hebben. Maar onze voorstelling wil nu eens inzoomen op de onschatbare waarde van het systeem. En we hopen dat voor even weer invoelbaar te maken voor degenen die erin werken.”