Het eerste interview dat Gurlitt gaf over zijn omstreden kunstcollectie

Het appartement van Gurlitt, waar hij zijn collectie tientallen jaren bewaarde. Foto AFP / Christof Stache

Een tachtigjarige man en zijn omstreden kunstcollectie vulden de afgelopen twee weken de kranten. Cornelius Gurlitt hield zich al die tijd schuil. Vorige week werd hij gelokaliseerd. En deze week gaf hij zijn eerste interview, aan het Duitse weekblad Der Spiegel.

Journalist Özlem Gezer reist met Gurlitt mee in de trein, voor een bezoek aan zijn dokter in een klein zuidelijk Duits stadje. Het is de tweede keer dat Gurlitt zijn appartement verlaat. De eerste keer ging hij boodschappen doen en werd hij achtervolgd door hordes fotografen. Daarna heeft hij tien dagen thuis gezeten, in het donker.

Het meest houdt hij van zijn schilderijen

Het levert een indringend en bij vlagen ontroerend portret op van een eenzame man die het contact met de realiteit verloor. Een man die nog nooit iets heeft opgezocht op internet en verbaasd is over telefoons die op het scherm laten zien wie er belt. Een man die nog nooit verliefd is geweest. Althans, niet op een mens - wel op zijn schilderijen. Ze waren alles wat hem dierbaar was. Dat hij ze niet meer heeft, maar ze nu publiek bezit zijn, doet hem pijn.

“Gurlitt sees his paintings in the newspapers. He’s appalled. “What kind of state is this that puts my private property on display?” he asks. Gurlitt has tears in his eyes. He whispers: “They have to come back to me.”

Zijn vader, de beroemde kunsthandelaar Hildebrand Gurlitt, is nog altijd zijn grote voorbeeld. Zijn vader heeft er alles aan gedaan de schilderijen te beschermen, zegt Gurlitt; voor de Nazi’s, en later voor de Russen en de Amerikanen. Dat het hem niet is gelukt de schilderijen te beschermen, voelt als falen. Zijn leven is met de schilderijen verweven; van jongs af aan speelden ze voor hem een grote rol.

“He remembers playing among paintings by Liebermann, Beckmann and Chagall when he was a child. They moved with him from city to city, and hung in the living rooms and hallways. His father sorted them and loved them -- and they all bear his mark. He hung the green face by Ernst Ludwig Kirchner on the wall above young Cornelius’ bed. “Hitler didn’t like green faces,” says Gurlitt. In the privacy of their home, the family didn’t speak well of the Führer, Gurlitt recalls. His father resisted the dictator, but so surreptitiously that no one noticed it, he adds.”

Gurlitt hoopt dat hij snel wordt vergeten

Beschuldigingen uit de media, dat een deel van de collectie door de nazi’s is gestolen van de rechtmatige joodse eigenaren, ontkent Gurlitt. De massale aandacht overrompelt hem en vindt hij onbegrijpelijk.

“He hopes that the public will soon lose interest. Until then, when he goes out on cold winter days he plans to hide behind a scarf, which he wraps around his face. He already senses that this might not work, and he hopes something else, something big will happen soon to divert attention from him -- perhaps some kind of newsworthy attack somewhere, but with no casualties, of course. He doesn’t like violence and he doesn’t like to see evil prevail, but if something does happen, he says, maybe it’ll make the mob disappear from outside his building.”

Lees ‘Interview with a Phantom: Cornelius Gurlitt Shares the Secrets of His Pictures’ door Özlem Gezer bij Der Spiegel. Leestijd ongeveer 20 minuten.