Nederland is toe aan de manager Balkenende

Bijna drie jaar hield Balkenende IV het vol, toen viel het amalgaam van CDA, PvdA en ChristenUnie uiteen. De drie politieke leiders in het kabinet en verschillende andere kopstukken uit de drie partijen verlieten één voor één de politiek.

De eerste was Wouter Bos. Hij ging naar een advieskantoor, KPMG, om zich in de zorg te verdiepen. Onlangs stapte hij over naar het uitvoerende werk in de zorg: bestuursvoorzitter van VUmc. Wel een veel groter afbreukrisico dan als consultant, maar, zo zei Bos, hij was er klaar voor om weer meer verantwoordelijkheid te dragen voor een grote organisatie.

André Rouvoet verpandde na Balkenende IV ook zijn hart aan deze sector. Sinds begin vorig jaar is hij daarvan als voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland de belangrijkste lobbyist.

En Ab Klink was in het kabinet al dol op zorg. Jarenlang was hij bewindsman op het ministerie van Volksgezondheid. Hij kreeg een leerstoel in de zorg en ging eveneens als zorgexpert naar een advieskantoor, Booz & Company. Maar zijn dadendrang bleek te groot. Klink kiest ook voor meer verantwoordelijkheid en wordt bestuurder bij zorgverzekeraar VGZ.

Blijft over Jan Peter Balkenende. De hybride-Porsche-rijder vermaakt zich naar verluidt prima als expert duurzaamheid, met een leerstoel én een betrekking bij advieskantoor Ernst & Young. Maar waar is toch die VOC-mentaliteit? Het kan niet anders dan een kwestie van tijd zijn dat de oud-premier het als raadgever beu is en zelf weer de handen uit de mouwen steekt.

Jeroen Wester