‘Buiten Europa gaat ’t feest gewoon door’

Hij ging van scheepswerf IHC Merwede naar Vanderlande Industries, producent van bagagesystemen. Beide bedrijven zijn wereldspelers. Om Europa bekommert hij zich minder. „Al die focus op de recessie. Dat is voor ons niet zo belangrijk.”

Zijn omgeving verklaarde hem voor gek. Waar begin je in godsnaam aan, vroeg zijn vrouw. Maar het rustiger aandoen na zeven jaar aan de top van scheepswerf IHC Merwede? „Geen moment overwogen.”

Goof Hamers (61) stapte onlangs over van de scheepswerf in Sliedrecht naar Vanderlande Industries, dat bekend is van bagagebanden. Hij hoopt er weer een bedrijf te kunnen leiden. Want de laatste twee jaar bij IHC kwam hij daar eigenlijk niet meer aan toe, bekent hij nu.

Hij werd totaal opgeslokt door de zoektocht naar een nieuwe aandeelhouder en de moeizame verkoop van een bedrijfsonderdeel om Rabobank te kunnen uitkopen. Leuk is anders. „Want daar werd ik niet voor betaald.”

Zijn nieuwe werkkamer op het hoofdkantoor in Veghel is sober. De ruimte oogt kaal en functioneel. Tijd om er een persoonlijk tintje aan te geven, had hij nog niet. Hamers houdt niet zo van achter zijn bureau zitten. Rapporten lezen of schrijven doet hij liever niet. Hij zat de laatste weken vooral in het vliegtuig, op weg naar luchthavens en servicecentra in China, India en Europa. Om het bedrijf te leren kennen. Saoedi-Arabië en de Verenigde Staten staan op de agenda.

Vanderlande dient als schoolvoorbeeld voor Nederlands industrieel succes. Het zijn bedrijven als deze die sinds het uitbreken van de crisis aan binnenlandse belangstelling winnen.

Maar de liefde lijkt onbeantwoord. Hamers maakt zich een stuk minder druk over de economische problemen van eigen bodem. Wel of niet uit de recessie? Hij „is er niet mee bezig”. Want zowel het bedrijf dat hij achterlaat als het bedrijf dat hij gaat leiden, heeft geen last van de economische tegenwind in Europa. Met hun gespecialiseerde technologie groeiden ze uit tot wereldmarktleider. Voor IHC Merwede geldt dat voor de bouw van gespecialiseerde baggerschepen. Vanderlande is vooral bekend van de bagageafhandeling op vliegvelden, maar levert ook geautomatiseerde logistieke systemen voor onder meer pakketpost.

Markten waar Hamers nog veel structurele groei verwacht. Nu al groeit de orderportefeuille van Vanderlande hard. Vorige maand ging die voor het eerst door de 1 miljard euro heen, een stijging van ruim 30 procent in een half jaar tijd.

Waarom besloot u deze zomer IHC Merwede te verlaten?

„Ik merkte dat ik minder kritisch geworden was. En ook niet meer zo nieuwsgierig. De eerste vijf jaar bij IHC Merwede was ik vooral bezig met groeien. We hebben het bedrijf een stuk groter gemaakt. Toen ik begon, zetten we 450 miljoen euro om. In 2011 was dat meer dan 1 miljard euro. Volgens Sipko Schat van Rabobank was dat één van de grootste waardevermeerderingen in het Nederlands bedrijfsleven. Daar ben ik trots op. Maar toen die bank, als onze grootste aandeelhouder, besloot haar belang te verkopen en de winst te pakken, werd alles anders. We moesten een nieuwe partij zoeken om het belang van Rabobank aan te verkopen. Dat duurde veel langer dan gedacht. Ik had een jaar eerder weg kunnen zijn als de aandeelhouderssituatie eerder was opgelost. Maar ik wilde IHC Merwede netjes achterlaten.”

U droeg het stokje over aan Dirk Philips, die na zes weken alweer vertrokken is. Hoe kan dat?

„Ik ben nog betrokken bij IHC Merwede als commissaris en kan daar dus niets over zeggen.”

Waar draaide de aandeelhouderskwestie om?

„Rabobank wilde herschikken. Maar als zo’n besluit eenmaal gevallen is, kunnen de verhoudingen schuiven en dan merk je dat de grote beslissingen allemaal ‘on hold’ komen te staan. De eerste vijf jaar was er geen enkele discussie over de koers van het bedrijf. Daarna ondervond ik aan den lijve wat een nadeel het kan zijn om een bedrijf te leiden dat bestierd wordt door vier minderheidsaandeelhouders die allemaal een andere kant op willen.”

Wat was het dieptepunt?

„We hadden geld nodig om Rabobank uit te kopen. Met de verkoop van ons dochterbedrijf, Hydrohammer, hoopten we een transactie mogelijk te maken. Maar dat lukte niet. De hele situatie legde een enorm beslag op het topmanagement. Er zijn wel momenten geweest dat ik dacht dat het niet meer goed zou komen. Dat we in een impasse waren beland waar we niet meer uit zouden komen.

„Het dieptepunt kwam toen we moesten concluderen dat we nooit de prijs zouden krijgen die we in ons hoofd hadden. Je probeert allerlei private-equitypartijen te overtuigen die helemaal geen verstand hebben van scheepsbouw of baggersystemen. Om toch de waarde te kunnen bepalen, slaan zij aan het vergelijken met andere bedrijven. Maar die zijn er eigenlijk niet. Hydrohammer ontwerpt en verhuurt heihamers die gebruikt worden om iets vast te kunnen maken aan de zeebodem. Er zijn maar twee bedrijven op de wereld die daar goed van kunnen leven. Wij hebben dat altijd als een kracht beschouwd. Maar als je wilt verkopen, werkt het tegen je.”

U heeft nu te maken met een aandeelhouder, NPM, die voor 87 procent eigenaar is. Heeft dat uw keuze voor Vanderlande beïnvloed?

„ Als het er maar één is, kan die zijn stempel op het bedrijf drukken en dat is ook niet altijd prettig. Van NPM weet ik dat ze voor de lange termijn in Vanderlande participeren. Ze willen rendement maken op basis van dividend. Vanderlande is niet volgeladen met schulden en ze zitten er niet in om te verkopen. Deze aandeelhouder stelt zich een stuk terughoudender op dan ik gewend was bij IHC. De aandeelhouder moet niet op de stoel van de bestuursvoorzitter gaan zitten. Dat is een ander vak. Voor mij was dat belangrijk om van tevoren te weten. Want ik heb geen zin om hier na een jaar alweer in zo’n slepend verkoopproces te belanden. Daar word ik niet voor betaald. Ik word betaald om het bedrijf te leiden.”

Gehoopt wordt dat de industrie, bedrijven als dat van u voorop, het land uit de recessie sleept. Denkt u dat dat kan?

„Al die focus op de recessie hier in Europa, dat is voor ons niet zo belangrijk. Hier mag het dan niet geweldig gaan, aan de andere kant van de wereld gaat het feest gewoon door. Wij halen onze mensen en onze inkoop daar waar onze klanten zitten. En die zitten over de hele wereld, van China tot Brazilië. Je kunt je afvragen wat er nog Nederlands aan ons is als de keten volledig geglobaliseerd is.”

Waarom zit Vanderlande nog in Nederland?

„We zijn hier geworteld. Je kunt het bedrijf niet oppakken en naar het buitenland verhuizen.”

Voelt u een verantwoordelijkheid voor Nederlandse toeleveranciers die kunnen meeliften op uw succes?

„Het liefst werk ik met Nederlanders. Maar wij gaan geen toeleveranciers subsidiëren die niet goed zijn. Ieder bedrijf heeft zijn eigen verantwoordelijkheid of het het wel of niet goed doet in de keten.”

De euro zit in de lift. Is de dure munt een gevaar voor exporterende bedrijven als de uwe?

„De euro is al veel minder duur dan de gulden zou zijn geweest. Als we de gulden nog hadden gehad, zouden we nu veel slechter af zijn. Ons voordeel is dat we met name concurreren met andere EU-partijen, zoals Siemens, en veel van onze inkoop buiten Europa doen. Daar kun je in sturen. Bovendien hoef je je ingenieurs niet allemaal uit Nederland te halen. Die kun je ook elders opleiden. Zo verklein je je valutarisico.”

U wordt zelf gesubsidieerd. U hoeft minder belasting te betalen omdat u innovatief zou zijn.

„Als het aan mij lag, kregen we helemaal geen subsidie. May the best man win. Maar zo zit de wereld niet in elkaar. Feit is dat we met landen te maken hebben die hun bedrijven ondersteunen. Dan moet je mee. Zo heeft Duitsland bijvoorbeeld Kurzarbeit (deeltijd-ww, red.) en wij niet.

„Bij IHC Merwede hadden we te maken met oneerlijke concurrentie vanuit Spanje. Door een belastingconstructie konden ze daar 15 tot 20 procent goedkoper produceren. Daar heeft Brussel uiteindelijk een stokje voor gestoken. Europa probeert nog wel op te treden. Maar de Chinezen lappen echt alle regels aan hun laars.”

Voelt u dan geen enkele verantwoordelijkheid om iets terug te doen voor Nederland?

„Wij bieden werk aan 1.150 mensen in Nederland en betalen hier gewoon belasting. Dat is onze bijdrage.”

Maar u betaalt geen belasting in Nederland. Althans blijkens uw jaarverslag niet over het afgelopen boekjaar.

„Dat was een eenmalige teruggaaf van 2,4 miljoen euro in verband met een verrekening met andere landen. Dat is gewoon in overleg gegaan met de belastingautoriteiten.”

Dan geïrriteerd: „Dit bedrijf is succesvol omdát het internationaal opereert.”

Zijn woordvoerder grijpt in: „Onze verantwoordelijkheid uit zich ook op andere manieren. Wij sponseren bijvoorbeeld materialen op de ROC’s en wisselen docenten uit.”