Veroudering is een ziekte, en daar doen we wat aan

Veel oude mensen? Een succes van de geneeskunde. En straks draaien we ouderdom terug .

Andrea Maier, sectiehoofd ouderengeneeskunde binnen de afdeling interne geneeskunde aan het VU medisch centrum. Foto Roger Cremers

Andrea Maier is internist-gerontoloog, specialist in ouderdom. Een jonge vrouw die dingen zegt als: „Veroudering is niet onontkoombaar.” En: „We gaan een medicijn ontwikkelen om het mechanisme van veroudering te vertragen of te stoppen. En misschien zelfs terug te draaien.” En: „In 2050 zullen we in staat zijn om ouderdomsziekten te voorkomen.”

Ze is geboren in 1978 op het Duitse platteland. Ze studeerde geneeskunde in Lübeck en tien jaar geleden kwam ze naar Nederland om onderzoek te gaan doen in het Universitair Medisch Centrum in Leiden, bij Rudi Westendorp, vermaard onderzoeker naar verouderingsprocessen. Nu is ze hoogleraar aan het VUmc in Amsterdam. Gisteren sprak ze haar oratie uit, met een optreden van ballerina Aina Bilkins. Bilkins is bijna 70.

Je zult Maier niet snel iets ‘een probleem’ horen noemen. Dat er zoveel oude mensen zijn, en dat het er meer worden, vindt ze ‘het succes’ van de geneeskunde. Hartfalen en diabetes en andere ouderdomsziekten worden eerder opgespoord en effectiever behandeld dan vijftig jaar geleden en daardoor gaan mensen er niet snel meer aan dood.

De nadelen ziet ze ook. Twee van de drie 65-plussers hebben twee of meer chronische aandoeningen. Twintig procent van de 75-plussers krijgt tien of meer medicijnen per dag. Voor elk van hun ziekten gaan ze naar een specialist en die kijkt meestal niet naar de mens, maar naar het te behandelen orgaan, waardoor de medicijnen nogal eens tegen elkaar in werken. „Vooral de oudere garde is niet gewend om ouderdomsziekten te zien in hun samenhang.”

En dat zou wel moeten, zegt ze, want alle ouderdomsziekten hebben dezelfde oorzaak: schade aan de cellen die bij het stijgen van de leeftijd verergert en zich niet meer herstelt. „De veroudering zelf is de ziekte.” Zo ziet ze het: veroudering is een ziekte. En ze is ervan overtuigd dat daar wat aan gedaan kan worden.

Hoe gaat ze dat doen? Eerst moet ze nog wat uitleggen over het mechanisme van veroudering. Ze heeft dat in Leiden eindeloos bestudeerd in menselijke cellen. Veroudering, zegt ze, gaat gepaard met de opeenhoping van zogenaamde senescente cellen – beschadigde cellen die nog wel leven, maar zich niet meer delen. Ze zitten in alle weefsels en verdwijnen niet. Maar goed ook, zegt ze, anders zouden we bij het verouderen waarschijnlijk krimpen.

Het vervelende van die senescente cellen is dat ze hun omgeving beschadigen. En dat kan uiteindelijk tot allerlei ouderdomsziekten leiden. De oplossing lijkt voor de hand te liggen: eliminatie van die cellen. „In muizen lukt dat heel goed. Jonge muizen blijven jong. Uiteindelijk overlijden ze, heel plotseling, aan een hartstilstand.”

Hoe laat je senescente cellen verdwijnen? Een van de manieren is ‘calorische restrictie’: 30 tot 70 procent minder eten dan je zou willen. „Bij apen is aangetoond dat ze niet langer leven, maar wel tot hun dood gezond blijven.” Alleen worden die apen er wel bloedchagrijnig en agressief van. Voor mensen is het ook niet te doen. Daarom wordt er geëxperimenteerd met medicijnen die hetzelfde effect bereiken, om te beginnen in de spieren. Daar veroorzaken senescente cellen verslapping en volumevermindering.

Je zou denken dat de farmaceutische industrie deze ontwikkeling van harte ondersteunt – een potentiële markt van 7 miljard mensen – maar dat is volgens Andrea Maier niet zo. Een medicijn tegen veroudering zou de medicijnen die nu aan oudere mensen worden voorgeschreven overbodig maken – en daar wordt veel geld mee verdiend.

Kun je door gezond te leven veroudering tegengaan? „Het helpt enorm als je veel beweegt en actief bent en niet te veel eet. Maar mensen die gezond leven krijgen ook kanker of een hartinfarct.” Bovendien, zegt ze, is het voor de meeste mensen onmogelijk om zo te leven. Dat onvermogen zou je ook een ziekte kunnen noemen.

Dan het krimpen als je geen senescente cellen meer zou hebben. Om dat te voorkomen, zouden de stamcellen in ons lichaam – cellen die nog tot allerlei verschillende weefsels kunnen uitgroeien – moeten worden ‘gepusht’ om actief te blijven en verdwenen cellen te vervangen door nieuwe cellen. Nadeel: dat kan tot kanker leiden. Daar moet nog wel een oplossing voor komen.

Waar gaan we nog aan dood als we niet verouderen? Maier lacht, ze is niet uit op het eeuwige leven. Ze moet er niet aan denken. Dus? „Collaps van het hele systeem doordat de homeostase er opeens niet meer is.” Ze bedoelt dat het evenwicht tussen alle met elkaar samenwerkende systemen in het lichaam op een dag toch verdwenen zal zijn.