Zaal staat op zijn kop bij de aria’s van Joyce DiDonato

Als een felrode steekvlam sloeg mezzosopraan Joyce DiDonato maandagavond uit het podium van de Grote Zaal van het Amsterdamse Concertgebouw. Ze droeg een exuberante rode jurk die Vivienne Westwood ontwierp voor haar tournee ‘Drama Queens’, ook de titel van haar nieuwe cd. DiDonato zong acht lange aria’s uit barokopera’s van koninginnen in existentiële problemen en maakte furore met haar sprankelende combinatie van fabuleuze capricieuze zangtechniek en fenomenaal gevarieerde expressie. De zaal stond op zijn kop, ze gaf vier toegiften en het concert liep een uur uit.

DiDonato is een dramatische diva zonder vocale beperkingen. Alles – woede, vertwijfeling, gejammer, kermend liefdesleed, wanhoop en wrede noodlottigheid – klonk met het grootste gemak, net als onwaarschijnlijk fragiele en verstilde vrij zwevende cantilenen. Even uitzonderlijk, vurig en intens was de begeleiding van Il Complesso Barocco onder leiding van Dmitry Sinkovsky. De violist met zoveel zigeunerachtig temperament excelleerde ook in een Vioolconcert van Vivaldi.

Dinsdagavond was het in de Kleine Zaal ingetogener bij de befaamde Britse sopraan Kate Royal, gekleed in een chic grijs gewaad in Downton Abbey-stijl. Ze zong liederen uit de romantiek en laatromantiek, maar ze was slecht bij stem met een wankele intonatie en wat hinderlijk vibrato. Veel klonk met een jubelende holheid. Schubertliederen waren inwisselbaar, alleen Strauss’ September en Mahlers Ich bin der Welt abhanden gekommen, op halve kracht gezongen, waren beter. Eén toegift: Danny Boy.