Lekker ging het meteen al niet, tussen Merkies en de PvdA

Het is een unicum: een parlementariër die procedeert tegen haar partij. Morgen dient het kort geding van Judith Merkies.

Merkies tijdens een bezoek van sociaal-democraten aan Utrecht, in juni. Foto PvdA

Maniakaal, volgens de een. Een slimme doorzetter, volgens de ander. Vrienden, vijanden en neutrale toeschouwers in Brussel zeggen bijna allemaal hetzelfde, al kiezen ze er verschillende formuleringen voor: PvdA-Europarlementariër Judith Merkies laat zich niet tegenhouden als ze iets wil en haar ambities reiken ver.

Morgen is Merkies verantwoordelijk voor een unicum in de Nederlandse politiek: ze daagt haar eigen partij voor de rechter. In een kort geding eist ze dat voorzitter Hans Spekman zijn opmerkingen over haar integriteit in een brief aan de leden rectificeert.

Het gaat over geld. Spekman rekent het Merkies aan dat ze onzuiver is omgesprongen met een gedragscode voor PvdA-Europarlementariërs. Ze wachtte vier jaar met het terugstorten van dagvergoedingen waar ze volgens de code geen recht op heeft – en daarom mocht ze zich ook niet kandideren als lijsttrekker bij de Europese verkiezingen. Merkies ontkent dat ze slordig is omgesprongen met geld.

Maar de kwestie gaat veel langer terug. De oorsprong ligt in de ernstig verstoorde verhoudingen in de PvdA-delegatie in Brussel.

Het begon meteen al verkeerd tussen Thijs Berman, leider van de delegatie, en Merkies. Berman was in juni 2009 beschadigd uit de verkiezingen gekomen. Hij had flink verloren, en toenmalig PvdA-leider Wouter Bos had publiekelijk gezegd dat hij niet op Berman had gestemd. Merkies kwam er juist sterk uit: zij was met voorkeurstemmen in het Europees Parlement gekozen.

Meteen bij eerste vergadering van de delegatie, zeggen betrokkenen, stelde Merkies het leiderschap van Berman ter discussie. Hun collega, Europarlementariër Emine Bozkurt, dacht eerst nog dat Merkies een grapje maakte. De poging mislukte, maar vanaf dat moment liet Merkies aan haar omgeving duidelijk weten hoe ze over Berman dacht: een slechte leidinggevende.

Merkies wilde vooruit – in het parlement en in de partij. Maar met haar portefeuille, duurzaamheid en innovatie, trok ze weinig aandacht. Journalisten vonden dat ze haar verhaal moeizaam vertelde: geen kop, geen staart.

Brusselse vrienden raadden Merkies aan geduldig te zijn en aan zichzelf te werken. Maar Merkies, zeggen betrokkenen, zag vooral hindernissen om zich heen: medewerkers die niet functioneerden, een persvoorlichter die háár te weinig in de schijnwerpers zette – en Thijs Berman te veel. Het verloop onder fractiemedewerkers was groot. „En dat lag voor een niet onbelangrijk deel aan Judith”, zegt een ingewijde. Merkies’ onvrede over het gebrek aan media-aandacht liep uit op een groot conflict. De PvdA-persvoorlichter werd aan de kant gezet – onder dwang van Merkies, klonk het in de Brusselse wandelgangen.

Het ontslag kwam in een ander licht te staan toen bleek dat de voorlichter een liefdesrelatie had met Berman. Merkies vond dat zij daarmee haar gelijk had gehaald: het kon volgens haar niet anders dan dat de voorlichter door haar persoonlijke voorkeur de persaandacht ongelijk had verdeeld.

Tot twee keer toe kwam er een bemiddelaar naar Brussel: oud-minister Klaas de Vries en Jan Blom, de huidige directeur van het partijbureau. „Ze kwamen allebei terug met de boodschap: er valt niets te lijmen”, zegt een betrokkene.

Dit voorjaar lekten anonieme bronnen aan de media dat de PvdA-top van alle drie de Europarlementariërs afwilde. De PvdA ontkende dat. Maar Job Cohen, de oud-PvdA-leider die voorzitter is van de kandidaatstellingscommissie, omschrijft zijn missie nu als volgt: „Er is een hoop gedoe geweest in die Europese fractie. We wilden schoon schip maken.”

In juni kwam Spekman naar Brussel voor functioneringsgesprekken met de Europarlementariërs. Op de agenda stond niks over de dagvergoedingen, maar Spekman begon erover. Vanaf dat moment was het voor Merkies en haar omgeving duidelijk: de voorzitter zou die vergoedingen gebruiken om haar weg te krijgen.

Ze zou eerder nog hebben overwogen om een lagere plek op de lijst te nemen dan die van lijsttrekker. Maar nu had ze niks meer te verliezen, in september maakte ze bekend dat ze lijsttrekker wilde worden.

Net daarvoor had Merkies de 84.000 euro waar zij volgens de code van de partij geen recht op had, teruggestort. Daarmee schond zij strikt genomen niet de regels. Alleen: waarom wachtte ze zo lang? Haar advocaat laat weten dat er in de afgelopen jaren „bij voortduring” contact is geweest tussen Merkies en de PvdA over het terugbetalen van de vergoeding. Vanuit de partij zelf komt een andere lezing: Merkies heeft „nooit actief gecheckt” wanneer en hoe ze het geld moest terugstorten.

Toch vond de commissie van Cohen de geldkwestie „niet overtuigend genoeg” als extra argument voor Merkies’ buitensluiting voor de ledenraadpleging, zeggen betrokkenen. Dat schreef de commissie vertrouwelijk aan het partijbestuur. Wat meetelde: de commissie die toezicht moest houden op de code, was niet erg actief geweest in het controleren van de financiële handel en wandel van de Europarlementariërs.

Spekman besloot anders: hij meldde het dispuut in een brief aan PvdA-leden, eind oktober, waarin stond dat Merkies geen kandidaat-lijsttrekker mocht zijn. Toen hij zijn standpunt vorige week herhaalde, besloot Merkies tot een kort geding.

Volgens sommige betrokkenen geeft Merkies het op als ze morgen verliest en dan vindt ze vast wel een andere baan in Brussel. Maar als ze wint, zou ze zich nog kandidaat kunnen stellen voor een andere plek op de PvdA-lijst voor de Europese verkiezingen. Dat kan tot 1 december. Er zijn er die denken dat ze hoe dan ook niet opgeeft.