Hup, netjes kleden en meedoen

Het kabinet wil de bijstand versoberen En wie niet netjes gekleed gaat bij een sollicitatie kan worden gekort op zijn uitkering Meer meedoen en minder verwachten van de overheid, is het devies

Politiek redacteur

Voor de PvdA-afdelingen in het land kan het niet anders zijn dan slecht nieuws op een verkeerd moment: net nu ze zich voorbereiden op de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen in maart, komt het kabinet met een wetsvoorstel dat vooral tegemoet komt aan de wensen van coalitiepartner VVD – en dat mensen in de bijstand hard raakt.

Wie zich niet netjes aankleedt voor een sollicitatiegesprek kan worden gekort op zijn uitkering. Gezinnen met kostwinners in de bijstand of met een AOW-pensioen die tegelijk ook kinderen hebben in de bijstand, raken een deel van de uitkering kwijt. Er komt een ‘wachttijd’ van vier weken voordat iemand bijstand krijgt. Alleenstaande ouders met kleine kinderen moeten op zoek naar werk. En gemeentes kunnen uitkeringsgerechtigden meer gaan dwingen tot een ‘tegenprestatie’, zoals vrijwilligerswerk.

Het doel is: mensen aan het werk krijgen. De wetswijziging moet tot 2017 zo’n 150 miljoen euro opleveren. Maar in de tekst van staatssecretaris Klijnsma (Sociale Zaken, PvdA), die naar de Kamer is gestuurd, gaat het vooral over ‘voor wat hoort wat’, en over gedrag: agressie tegen ambtenaren wordt hard aangepakt.

Nieuwe regel

Een omstreden maatregel van het kabinet Rutte I (VVD, CDA, gedoogpartner PVV) keert, zij het afgezwakt, terug. De nieuwe regel dat er wordt gekort als er meer uitkeringen zijn in één huishouden, raakt zo’n 36.000 mensen in de bijstand (ruim 10 procent van de hele groep) en ongeveer 58.000 AOW’ers. Onder Rutte I werd het inkomen van een heel huishouden samengenomen en getoetst. Als in een gezin een kind ging werken, had dat gevolgen voor de uitkeringen van de anderen in het gezin. Vooral de PvdA was daar in 2011 fel tegen. Hans Spekman noemde het een „brute schande”. Klijnsma’s voorstel is nu anders: uitkeringen en inkomen uit werk worden niet bij elkaar opgeteld als ‘gezinsinkomen’. Als een van de kinderen gaat werken, heeft dat geen gevolg voor de uitkeringen van de anderen. „Werk moet lonen”, zegt Klijnsma.

Kamerlid Siderius (SP) noemt de nieuwe regels „plukken van bijstandsgerechtigden”. „En je rukt er gezinnen mee uit elkaar. Eigenlijk zeg je: ‘Ga maar weg uit het huis van je ouders.’ ”

In het voorstel wordt ervan uitgegaan dat weinig mensen door de nieuwe maatregel verhuizen. Klijnsma zelf zegt: „Je moet ook bedenken hoe het is voor ándere gezinnen in de straat, als de mensen daar wel werken.”

Kleinere overheid

In het voorstel wordt een paar keer het idee van ‘participatie’ genoemd. Want zo ziet het kabinet-Rutte II het voor zich: mensen moeten meer meedoen in de samenleving en minder verwachten van de overheid. Vorige week, op verkiezingscampagne in Friesland, noemde premier Rutte vooral de crisis als reden voor de hervormingen. „Maar wij zijn natuurlijk als VVD ook voorstander van de kleinere overheid die je ermee bereikt.”

De partij van Klijnsma zelf krijgt het daar steeds moeilijker mee. Oud-PvdA-leider Wouter Bos was er al kritisch over: wilden we een maatschappij waarin de overheid er alleen was voor „allerzwaksten”? PvdA-voorzitter Hans Spekman zei gisteren in het NCRV-programma Altijd Wat dat hij zich niet kan vinden in Rutte’s idee over een participatiesamenleving: „Ieder zijn eigen verantwoordelijkheid en dan ben je het beste af. Dat is een definitie die ik onzinnig vind en waar ik me niet in herken.”

D66, de ChristenUnie en het CDA zijn voorzichtig positief, omdat de ‘huishoudtoets’ van Rutte I van tafel is. Maar ook kritisch. „Het kabinet wil dit snel-snel door de Kamer hebben”, zegt CDA-Kamerlid Pieter Heerma. „Maar ik heb zorgen. Dit gaat grote gevolgen hebben voor een groep die niet bepaald het sterkst staat.”

Lees HET COMMENTAAR op pagina 16