Groeiend anti-Europageluid vraagt om standvastige politci

Partijen in Europa tegen een verenigd Europa gaan zich in Europees verband verenigen. PVV-leider Geert Wilders en de aanvoerder van het Franse Front National Marine Le Pen hebben met hun persconferentie in Den Haag gisteren een volgende stap gezet in deze, op het eerste gezicht, paradoxale ontwikkeling. Want de ‘samen-staan-wij-sterk-gedachte’ waarop hun initiatief is gebaseerd, is immers juist een van de belangrijkste beweegredenen van het zich verenigende Europa.

De samenwerking moet volgens Le Pen leiden tot een „patriottische beweging” in Europa met als doel de natiestaat in ere te herstellen. Daarvoor wordt samenwerking gezocht met gelijkgezinde partijen elders in Europa, kondigde Wilders aan. Maar die gelijkgezindheid is tevens een van de grootste problemen.

Het anti-Europasentiment bij diverse partijen blijkt in de praktijk een diffuus bindmiddel te zijn voor nogal uiteenlopende opvattingen. Zo heeft de Britse Onafhankelijkheidspartij UKIP, die zich in het Verenigd Koninkrijk in een toenemende populariteit kan verheugen, niets op met Wilders en Le Pen. Daarbij wordt dan bijvoorbeeld gewezen op de xenofobe trekken. Ook qua verschillen lijken de eurosceptische partijen op het door hen zo vermaledijde Europa: eenheid in verscheidenheid.

Dit neemt niet weg dat serieus rekening moet worden gehouden met de komst van een substantiële anti-Europese fractie in het volgend jaar te verkiezen nieuwe Europees Parlement. Afgezien van de vaak verwerpelijke ideeën die door onder anderen Wilders en Le Pen worden geventileerd, is het in democratisch opzicht gezond dat de radicale tegenstem door middel van een fractie een meer vaste plek krijgt. Het Europees Parlement is nu eenmaal een volksvertegenwoordiging.

Los van de vraag hoe de samenwerking tussen de anti-Europese partijen verder zal uitwerken, is de toon voor de aanstaande campagne voor de Europese verkiezingen gezet. Meer dan bij vorige verkiezingen zal het gaan om de vraag: voor of tegen Europa? In die zin wordt het een herhaling van het Europees referendum in 2005.

Dit gegeven blijkt vooral voor de middenpartijen een probleem. Die zullen een duidelijke keuze moeten maken. Hoe ingewikkeld dat is, bleek uit de uitlatingen van het Tweede Kamerlid Mark Verheijen (VVD) vorige week. Hij noemde uitgesproken voorstanders van Europese integratie als Verhofstadt – door hem aangeduid als „Eurofielen” - een grotere bedreiging voor Europa dan eurosceptici als Le Pen. Een uitlating waarvoor hij 24 uur later zijn excuses aanbood.

Het Verenigd Europa is een keuze. Ook van de VVD. Natuurlijk kan gesproken worden over modaliteiten. Maar het principe als zodanig geeft verplichtingen. Daar zouden politici van deze partij zich dan ook naar moeten gedragen.