Rechtbank gaat getuigen openbaar horen in zaak-Demmink

Gerechtsgebouw in Utrecht. Foto ANP / Frank van Beek

De rechtbank in Utrecht zal in het openbaar getuigen gaan horen die zeggen iets te kunnen verklaren over pedofiele contacten van de voormalig secretaris generaal van het Ministerie van Justitie en Veiligheid Joris Demmink. De rechtbank heeft vandaag ingestemd met een verzoek van de Stichting De Roestige Spijker voor een dergelijk getuigenverhoor.

De stichting – die ijvert voor de berechting van Demmink wegens seksueel misbruik van minderjarigen - zegt getuigen te willen horen “in verband met de noodzakelijke waarheidsvinding”, aldus advocaat Matthijs Kaaks. De stichting wil actief de Amerikaanse documentaire Dutch Injustice - die is gemaakt door de Amerikaanse organisatie Rebecca Project for Human Rights - verspreiden “zonder een proces aan onze broek te krijgen van Demmink wegens smaad”, zegt Kaaks. In die film verklaren mensen over misbruik door Demmink.

Demmink: openbaarmaking documentaire onrechtmatig

De voormalig topmambtenaar had bezwaar gemaakt tegen het horen van getuigen omdat de stichting enkel uit zou zijn om het schaden van zijn persoonlijke integriteit. De stichting wil onder meer twee voormalige gevangenisdirecteuren horen die eerder bij de notaris verklaard hebben over seksuele escapades van Demmink. Ook een nu 40-jarige man wil verklaren over misbruik door Demmink toen hij 15 was.

De oud-topambtenaar heeft al aan de stichting laten weten verdere openbaarmaking van de documentaire als onrechtmatig te beschouwen. De stichting wil daarom zijn juridische positie bepalen door getuigen te laten horen. Demmink vindt dat de stichting geen redelijk belang heeft bij het horen van getuigen. De documentaire is al op YouTube te zien.

‘Verzoek tot horen getuigen bijna altijd toegestaan’

Een verzoek om getuigen te mogen horen wordt bijna altijd toegestaan door de rechter, zo laat de rechtbank weten. De rechter stelde vast dat in dit geval het horen van getuigen tot gevolg zal hebben dat de persoonlijke integriteit van de oud-ambtenaar aan de orde wordt gesteld. Daartegenover staat het belang van de stichting om (meer) duidelijkheid te krijgen over de vraag of het (verder) openbaar maken van de documentaire onrechtmatig is.

Naar het oordeel van de rechtbank bestaat tussen beide belangen niet een zodanige onevenredigheid, dat het horen van de getuigen niet kan worden toegestaan.